Posts tonen met het label fijnstof. Alle posts tonen
Posts tonen met het label fijnstof. Alle posts tonen

dinsdag 3 oktober 2023

Klopt de waterkringloop, zoals we op school hebben geleerd, nog wel?

 We hebben allemaal op school geleerd hoe de waterkringloop eruitziet.  Op zee verdampt het water, de waterdamp wordt door de wind naar het land geblazen waar het hoog in de lucht condenseert en als regen de rivieren voedt, die het water weer terug brengt naar zee. Heel duidelijk. Maar wel wat kort door de bocht. Zo zorgen planten, vooral de bossen, ook voor verdamping die de wolken verder het land in brengt. Maar om het te laten regenen is nog iets extra's nodig.

Graphic: Pixabay

Wolken ontstaan dus boven grote watervlakten zoals de zee en meren. Maar dat alleen levert te weinig rendement. Daarom zorgen ook planten voor extra waterdamp in de atmosfeer.  Wolken bestaan uit heel kleine waterdruppels en dat is een belangrijk wapen tegen opwarming door zonlicht. Zonlicht weerkaatst namelijk op de witte wolken.

Nu vormen zich deze druppels, die bevriezen tot sneeuwvlokken, zich op twee verschillende manieren. In heldere, schone lucht ontstaan grotere waterdruppels en die hebben als eigenschap het zonlicht minder goed te weerkaatsen. Om de heel kleine druppels te krijgen zijn fijne condensatiekernen nodig. De meeste condensatiekernen die nu voor wolken zorgen bestaan uit vervuiling door de mensen. Fijnstof dat door verticale luchtstromen tot grote hoogte opstijgt. Maar die vervuiling willen we juist tegengaan. Zouden de wolken in de toekomst dan minder effectief zijn?

Sesquiterpenen

De vraag of we met minder fijnstofvervuiling minder verkoelende wolken zullen hebben, hield ook wetenschappers van het deeltjesonderzoekinstituut CERN bezig. In een speciale kamer testten zij het effect van diverse stoffen, die in de atmosfeer voorkomen. Daaronder ook verschillende plantenstofjes.

Condensatiekernen

Uit dat onderzoek kwam naar voren dat sesquiterpenen de beste condensatiekernen zijn. Deze plantenstoffen zijn bijzonder effectief. Door de concentratie met 2% te verhogen, verdubbelde de snelheid van condensatie. Sesquiterpenen zijn moleculen die uit 15 koolstofatomen bestaan. Dat ruimt lekker op.

Als we erin slagen de uitstoot van fijnstof significant te verminderen, dan zouden de plantenstofjes, met voorop de sesquiterpenen, die rol moeten overnemen. Er zullen meer van die stofjes in de lucht moeten zitten. De effectiefste producenten van sesquiterpenen zijn de planten met het grootste groenvolume en dat zijn dus bomen.
Om meer condensatiekernen van sesquiterpenen te krijgen zijn er dus meer bomen nodig. En we schreven het al vaker in deze BLOG: Zorg voor meer bomen.
Let wel, door nu meer bomen te planten kunnen we pas over 80 - 100 jaar optimaal van dit effect profiteren. Het is dus vooral belangrijk om oude bomen te handhaven en te zorgen dat ze lang gezond blijven en nog veel ouder kunnen worden. Hoe meer groen in hun kronen, hoe meer condensatiekernen voor verkoelende wolken kunnen zorgen. En dat draagt bij aan het beheersen van de klimaatverandering.
Wees lief voor bomen!

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn - Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl).
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.


maandag 11 september 2023

Koolstofvrij in 2030 dankzij NBS

 In juli 2023 verscheen in Nature een onderzoeksverslag over de toepassing van Nature Based Solutions (NBS) in steden om effectief en op korte termijn koolstof- neutraal te worden. Door het toepassen van groen in steden kan de koolstofuitstoot gemiddeld met 17,4% worden verminderd. In sommige steden kan dat zelfs voor 2030 leiden tot koolstofneutraliteit. NBS heeft veel potentie om het leefklimaat in steden sterk te verbeteren en een substantiële bijdragen te leveren aan het beheersen van de klimaatverandering. Het onderzoek werd gedaan in 54 steden, wereldwijd.

China
Foto: Pixabay. 

Dat betekent niet dat we NBS invoeren en dan achterover kunnen leunen. De koolstofemissies door gebruik van fossiele brandstoffen moet evengoed drastisch verminderen.

Door NBS toe te passen in steden maak je daar het leven aangenamer en kan de impact op klimaatverandering wereldwijd tot 17,4% verlagen.

Nature Based Solutions is geen "one size fits all" verhaal. Het gaat om maatwerk door een mix van 5 categorieën toe te passen. Bovendien moet er rekening worden gehouden met stedenbouwkundige, ecologische en sociaaleconomische factoren.

Vier toepassingsgebieden vormen de speerpunten van NBS: Laanbeplanting, groen op of aan gebouwen, stadsparken en stadslandbouw. 

Het gebruik van fossiele brandstoffen moet evengoed drastisch verminderen.

Stadparken hebben een verkoelend effect dat vaak tot 200 meter in de omtrek reikt. Tijdens warme zomerdagen kan de temperatuur rondom bomen wel 4-7 oC lager zijn. Daarnaast zorgen stadsparken ervoor dat meer mensen recreëren zonder gebruik van extra energie.
Groen op of aan gebouwen zorgt voor afvang van koolstof en fijnstof direct bij de bron (woningen en bedrijven). Het zorgt verder voor energiebesparing, het beheersen van het binnenklimaat en beschermt de gebouwen waardoor deze langer meegaan.
Laanbeplanting zorgt voor meer veiligheid op de wegen, koeler wegdek en afvang van koolstof, stikstof en fijnstof bij de bron. Deze factoren verminderen tevens het hitte-eilandeffect. 
Ook stadslandbouw zorgt voor vastleggen van koolstof en stikstof bij de bron. Het levert bovendien verse voedingsmiddelen op, die niet van elders aangevoerd moeten worden. In veel steden is stadslandbouw al economisch levensvatbaar gebleken.

NBS zorgt daarnaast voor andere positieve effecten in de steden: Het stimuleert de gemeenschapszin. Zorgt voor meer welzijn en sociale veiligheid. Ook de biodiversiteit profiteert van NBS. Kortom, een gezonder leefklimaat, meer welvaart en meer welzijn.

Plant meer (vooral inheemse) bomen in en rondom steden!

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn - Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl).
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

woensdag 22 september 2021

Het bos als zuiveringsinstallatie

 Bossen leveren een belangrijke bijdrage aan het gezonde leefklimaat in het algemeen en voor dorpen en steden in het bijzonder. Bomen filteren ongewenste stoffen uit de lucht en het regenwater, verminderen de kans op wateroverlast en verlagen de omgevingstemperatuur. Zelfs individuele bomen leveren merkbare prestaties.

Om daar de aandacht op te richten hebben we in samenwerking met de gemeente Weert in de zomer van 2021 bij een aantal bomen een bomenpaspoort geplaatst. Bij andere bomen hangt een kleiner formaat aan de stam. Op dit paspoort tonen we de uitkomst van berekeningen van de zogenaamde ecosysteemdiensten van de bomen. Zoals op de foto hiernaast bij een monumentale beuk in Molenakker.

Veel mensen ervaren bomen als 'halfdode' objecten die langs de weg, in het park of in het bos staan. Meer een soort speling van de natuur om het landschap een beetje op te fleuren. In werkelijkheid vervullen bomen een essentiële functie in de natuur. Het zijn sociale wezens, die op elkaar aangewezen zijn en elkaar helpen te overleven, mits ze niet eenzaam langs de weg staan. Van bomen zijn heel veel andere wezens afhankelijk, zowel boven als onder de grond. Bij eiken zijn dat meer dan 240 soorten. Bomen zorgen ook dat regen van de oceanen verder landinwaarts getransporteerd wordt door vocht uit de bodem via de bladeren weer in de lucht te brengen, die vervolgens als wolken weer een paarhonderd kilometer verder uitregenen. En daar herhaalt zich dit proces weer. Waar bomen ontbreken dreigt droogte en kunnen woestijnen ontstaan.

Ik doe belangrijke dingen voor jou

Het bomenpaspoort vermeldt een aantal feiten over de diensten die bomen leveren om jouw leefomgeving gezond te houden. Ik noem hier de belangrijkste.

Ik produceer zuurstof
Via de bladeren nemen bomen (zoals alle planten) CO2 op uit de lucht. Via een bijzonder proces, fotosynthese, wordt het CO2 molecuul gesplitst in 1 koolstofatoom en 2 zuurstofatomen. Koolstof is een belangrijke bouwsteen voor de boom. Het wordt gebruikt voor de aanmaak van glucose en dat is nodig om, samen met andere elementen die de wortels aanleveren, cellen op te bouwen en het afweersysteem te onderhouden. Glucose is ook een energiebron voor dit hele proces en wordt via zogenaamde wortelknopen ook gedeeld met andere bomen die verzwakt zijn en met de schimmels die de boom helpen mineralen uit de bodem te halen. Deze schimmels helpen ook om voedsel met andere bomen te delen en te communiceren over bedreigingen.
Zuurstof is een restproduct, dat via de bladeren wordt uitgescheiden. Nu is het wel zo, dat bomen zelf ook zuurstof gebruiken. Wortels nemen het uit de bodem op, om samen met glucose de stofwisseling aan de gang te houden. Wat over is staat ter beschikking aan dieren die zuurstof gebruiken. Een gemiddelde boom van meer dan 80 jaar levert zo zuurstof voor ongeveer 7-8 mensen.

Ik leg CO2 vast
Zoals hierboven al beschreven is, halen planten CO2 uit de lucht en zetten dat via de fotosynthese om in losse koolstof- en zuurstofatomen. Hoe ouder een boom wordt, hoe groter zijn kroon en hoe meer bladeren daarin aan fotosynthese doen. Dus de hoeveelheid CO2 die een boom in een groeiseizoen kan vastleggen is afhankelijk van zijn omvang, dus ook van zijn leeftijd. In de dikke stam en takken kunnen zo tientallen, tot honderden tonnen aan koolstof worden vastgelegd. 
Als een boom sterft zullen talrijke micro-organismen het hout opruimen. Daarbij komt de koolstof dus weer terug in de atmosfeer. Dat is een proces van vele tientallen jaren. Als we besluiten dat hout 'te oogsten' en na droging te gebruiken voor nuttige voorwerpen, kan die CO2 teruggave nog tientallen jaren worden uitgesteld. Hout verbranden voor bijvoorbeeld energie opwekking (biomassa) is daarom een slecht idee. De verbranding gaat veel sneller dan de natuur opnieuw kan vastleggen. Waar een boom 100 jaar over gedaan heeft, zal in een energiecentrale binnen 40 minuten verbrand zijn. 

Ik onderschep en verbruik regenwater
Eerst eens dat 'onderscheppen' uitleggen. Tijdens een regenbui zullen waterdruppels zich hechten aan de bladeren, takken  en de stam van een boom. In de scheikunde wordt dit adhesie genoemd. Zodra dat zoveel wordt dat de zwaartekracht het wint van de adhesie, zal het water verder naar de bodem zakken. Ondertussen heeft de boom in zijn structuur alle honderden liters vastgehouden. Dat gaat vertraagd naar de bodem, zodat het daar rustig kan bezinken. Ondertussen wordt een deel van het water alweer verdampt. Hieraan is natuurlijk een maximum gesteld. Als er in een seizoen minder regen valt, wordt dat maximum niet gehaald. Maar dan lijdt de boom waarschijnlijk ook aan droogtestress. Voldoende regen is belangrijk en zoals we hierboven al zagen, zorgen bomen (bossen) zelf ervoor dat er (elders) opnieuw regen valt. Dit is trouwens het principe waardoor regenwouden kunnen bestaan, ze creëren hun eigen klimaat om te groeien. Als dit proces onderbroken wordt, dreigt droogte en kunnen woestijnen in de plaats van de regenwouden ontstaan. Dit zien we momenteel op veel plaatsen in bijvoorbeeld de Amazone, Madagaskar en Centraal Afrika gebeuren.

Waar geen bomen staan heeft water vrij spel en ontstaan overstromingen.

Het verbruik van water wordt geregeld door de wortels, die het water uit de bodem halen. Voorwaarde is dat er water beschikbaar is en de wortels er bij kunnen. Bomen die op hun groeiplek gekiemd zijn, 'kennen'  de omstandigheden en ontwikkelen wortels die dat water wel weten te vinden. Bomen van de boomkweker beschikken niet over die kennis en hun wortels zijn gewoonlijk flink teruggesnoeid. Deze bomen weten het grondwater moeilijker te vinden en dreigen zonder extra zorg vaak te verdrogen. Dit is met name het lot van stadsbomen.
Een volwassen boom kan op warme zomerdagen gemakkelijk 300 tot 500 liter water verbruiken. De wortels nemen dat uit de bodem op en transporteren dit naar de bladeren. Lang werd gedacht dat dit oppompen gebeurt door het vacuüm dat door verdamping ontstaat. Maar die gedachte gaat mank als je je realiseert, dat in het voorjaar water naar de knoppen wordt gepompt, die dus nog moeten ontluiken. En zo'n vacuüm werkt ook niet tot 60 of 80 meter hoogte. Er moet dus een ander mechanisme aan het werk zijn, maar wetenschappers zijn er nog steeds niet achter wat dat dan precies is.
Doordat bomen zoveel water onderscheppen en verbruiken dragen zij bij aan het voorkomen of verminderen van wateroverlast. Waar geen bomen staan heeft water vrij spel, met vaak catastrofale gevolgen.

Ik filter luchtverontreiniging 
Bomen halen niet alleen CO2 uit de lucht. Ze halen er onder andere ook stikstofoxiden uit, maar ook zwaveloxide en ozon. De bladeren ademen dat in en deze schadelijke gassen worden in het fotosynthese proces geneutraliseerd. Ze worden via een laag onder de schors, het floëem genaamd, naar de wortels gebracht en daar opgeslagen. Bodemschimmels verwerken dat en zo worden die schadelijke gassen uiteindelijk onschadelijk gemaakt.
In de structuur van de boom wordt ook fijnstof afgevangen. We onderscheiden hierin PM10, PM2,5 en tegenwoordig ook PM1,0. PM10 zijn relatief grove deeltjes, maar omdat PM2,5 en PM1,0 heel klein zijn kunnen ze fijner longweefsel bereiken en daar schade aanrichten. Bomen kunnen deze deeltjes dus afvangen. Met de volgende regenbui spoelt het naar de bodem waar micro-organismen het verwerken. 
Niet alle boomsoorten zijn even goed in dat filteren. Hoe kleiner en fijner het blad hoe beter ze presteren. Coniferen doen het dus beter dan loofbomen. Ook presteren ze beter als ze dicht bij de bron staan, maar niet te dicht op elkaar. De wind moet er gemakkelijk doorheen kunnen waaien.

Ik koel mijn omgeving
Voor de fotosynthese heeft de boom behalve licht ook water nodig. Dat water komt via poreuze cellen aan de buitenkant van het kernhout, het xyleem, vanaf de wortels naar de bladeren. Een deel van dat water wordt gebruikt voor transport van glucose naar de wortels terug. Het grootste deel van het water verdampt en dat zorgt voor verkoeling. Koele lucht is zwaarder dan warme lucht en zakt dus omlaag en verspreidt zich in de omgeving. Tot wel 100 meter van de bomen verwijderd. Daarnaast zorgt ook de schaduw van de kroon voor enige verkoeling. Zo kan het gebeuren dat het in de directe omgeving van bomen tot wel 7 graden koeler is dan onder de directe zon. Het maakt voor je welzijn wat uit of het 36 of 29 graden is.
Een voorbeeld zagen we deze zomer in een reportage over extreme warmte in de zuidelijke staten van de VS. Wat bleek? De mensen die het meeste van de hitte te lijden hadden woonden in de stad, waar vrijwel geen bomen stonden. Alleen veel asfalt en beton. Omdat dit in de nacht onvoldoende afkoelt doet de zon er de volgende dag nog een schepje bovenop. De hitte cumuleert. In de buitenwijken waar mensen hun straten en tuinen met bomen beplant hebben werd niet over hitte geklaagd.
Ook op plaatsen waar op grote schaal ontbossing heeft plaatsgevonden lijden mensen en hun (huis)dieren onder de extreme hitte. Er groeit niets meer en behalve de hitte krijgen ze ook nog met gebrek aan voedsel en (drink)water te maken. Hongersnood is het gevolg.

Plant meer bomen zou een goede raad zijn. Maar de bomen die we dan planten komen uit kwekerijen. Ze zijn snel opgekweekt met ontoereikende wortels, want die zijn alleen maar lastig bij het planten op de eindbestemming. Die bomen hebben moeite om water te vinden en kunnen vaak ook niet communiceren met soortgenoten. Hun wortels raken elkaar niet en vaak ontbreekt het aan de juiste bodemschimmels waarmee ze een verbond kunnen aangaan. Het beste advies is, laat de bomen staan en laat ze oud worden. En geef geschikte ruimte terug aan de natuur, zodat er via een natuurlijk proces opnieuw bossen ontstaan. Die zijn later ook onder extreme omstandigheden levensvatbaar. En plant straatbomen in wisselende groepjes van soortgenoten, zodat ze onderling een band kunnen aangaan. Maar tegelijk zulke groepjes afwisselen met andere soorten om ziekten en plagen beter tegen te gaan. Zo kunnen ook stadsbomen oud worden en dan leveren ze later hun beste prestaties. Bomen doen belangrijke dingen voor jou! Maar ze doen dat in hun eigen tempo.

Zie ook de film die de beroemde Duitse boswachter Peter Wohlleben maakte: The Hidden Life of Trees. Draait waarschijnlijk nog in een bioscoop bij jou in de buurt.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Blijf op de hoogte en abonneer je op updates door rechtsboven je e-mailadres in te vullen.
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

vrijdag 30 augustus 2019

Stikstof blijkt schadelijk gas

De alarmbellen gingen af toen Duitse onderzoekers constateerden dat de biomassa aan vliegende insecten met driekwart was afgenomen en bij nader onderzoek bleek dat dit op meer plaatsen het geval was. Al eerder trokken onderzoekers aan de bel omdat de vaderlandse flora er slecht op staat en met name voor het afsterven van eiken in het buitengebied. Stadse eiken waren nog niet onderzocht. Zou het één met het ander te maken kunnen hebben?
Opnieuw luiden wetenschappers de alarmbel. Dit keer omdat uit internationaal onderzoek blijkt dat 80% van de bodemschimmels uit de natuur verdwenen is. In de  natuur hangt alles met alles samen. Laat nu de flora sterk afhankelijk zijn van een gezonde schimmelcultuur in de bodem, met name de zogenaamde mycorrhiza. En veel insecten zijn weer afhankelijk van een gezonde flora. En veel gewervelde dieren zijn weer afhankelijk van insecten. Het grijpt allemaal in elkaar.
Foto: Pixabay

In Vlaanderen en Zuidelijk Nederland is het stikstofdioxide (NO2)gehalte extreem hoog. Dat is met name te zien op de opname van de TROPOMI satelliet (2018) die hieronder staat afgedrukt.
Schimmels helpen de planten/bomen om stikstof en fosfaten uit de bodem op te nemen. Maar een teveel aan stikstof(dioxine) verzuurt de bodem en is schadelijk voor de schimmels, zo blijkt.

De bodem verzuurt
De overdaad aan stikstofdioxide komt met fijnstof in de bodem terecht. Hierdoor verzuurt de bodem en dat is funest voor de schimmels. Dit heeft schadelijke gevolgen voor veel plantensoorten en de biodiversiteit. Met name grasland en de bossen lijden onder de achteruitgang van bodemschimmels. Stikstofdioxide blijkt dus een schadelijk gas.
Concentraties stikstofdioxide in Europa - TROPOMI 2018

Het is dan ook terecht dat de rechter hier heeft ingegrepen.

Biologen in acht landen hebben tien jaar lang onderzoek gedaan naar het effect van stikstofoxides op schimmels. Ze hebben onder andere DNA monsters uit de bodem genomen om de aanwezigheid van schimmels te kunnen afleiden.  Onderzoekers van de Universiteit Leuven ontdekten zo dat nog slechts 20-30% van de oorspronkelijke schimmels in de bodem aanwezig zijn. Dit was direct te wijten aan de hoge stikstofgehaltes in de lucht en in de bodem. De Vlaamse Milieumaatschappij onderschrijft dit. Zij berekenden dat op de Vlaamse bodem jaarlijks gemiddeld 23,4 kilogram stikstofoxiden (NOx) per hectare neer dwarrelt. In de Zuid Nederlandse provincies zal dat niet erg verschillen. Kijk maar naar die grote donkere vlek op de TROPOMI opname hierboven. Britse onderzoekers hadden al vastgesteld dat slechts 6 kilogram per jaar per hectare schadelijk is voor bodemschimmels. Daar zitten we hier dus ver boven.

Let wel. Het gaat hier om gemiddelden. Uit metingen blijkt dat bij industriegebieden, veehouderijen en langs de doorgaande wegen de concentratie kan oplopen tot 60 kilogram per hectare.


Fruitbomen
Conclusie van de wetenschappers is duidelijk: het stikstofgehalte moet omlaag. Liefst naar 5 kilo of minder. Dat zou kunnen door bij natuurgebieden alleen fruitteelt toe te staan. Die sector produceert vrijwel geen stikstofdioxide en kan zo een buffer vormen tegen vervuilende bronnen.

Sommige terreinbeheerders hebben in het verleden al de vergiftigde grond afgegraven om zo nieuwe natuur een kans te geven. Effectief is dit zeker niet. Het duurt 10-20 jaar voordat de natuur zich herstelt en in die tijd is de bodem opnieuw vergiftigd met een veel te hoge concentratie stikstofoxiden.  Andere terreinbeheerders kiezen ervoor om extra calcium in de vorm van steenmeel aan de bodem toe te voegen. Behalve dat moeilijk te verdelen valt en erg kostbaar is (ze gebruiken helikopters), zal ook dit slechts tijdelijk effect hebben. 

De enige remedie is om de bron aan te pakken. 

Er moet simpelweg minder stikstofdioxide geproduceerd worden. Dat betekent helaas dat er strenge beperkingen opgelegd moeten worden aan de agrarische sector, industrie en transport. Willen we onze leefomgeving gezond houden dan zal het in die sectoren pijn gaan doen. Hoewel, er zijn methoden in ontwikkeling om zaken anders te doen, zonder het milieu te belasten en toch rendabel te ondernemen. Dat vergt 'omdenken' en extra investeringen. ...en misschien toch minder (rund)vee.
Zie ook dit artikel op Nature Today. (vragen/antwoorden over de stikstof problematiek).
Wat doen planten met een overschot aan stikstof? Lees het in dit artikel.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Blijf op de hoogte en abonneer je op updates door rechtsboven je e-mailadres in te vullen.
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

woensdag 16 november 2016

Bomen inzetten voor schonere lucht

Om te beginnen een paar cijfers. In Nederland sterven jaarlijks rond 3000 mensen als gevolg van blootstelling aan verhoogde concentraties fijnstof. Het aantal mensen dat ziek wordt door fijnstof, is een veelvoud hiervan en dat werkt verhoging van de zorgkosten in de hand.
Een volwassen boom van 80 jaar en ouder vangt evenveel fijnstof af als een personenauto over 20.000 kilometer produceert. Bomen met smalle of harige bladeren zijn het effectiefst. En een wand van 15-17 vierkantenmeter die begroeid is met klimop heeft dezelfde capaciteit. En dan mos: 14 gram per vierkantenmeter. Een aanrader voor groene daken!

Luchtverontreiniging is slecht voor de gezondheid. In het verleden stierven zelfs de bossen door ongewenste gassen in de lucht. Gelukkig is dat inmiddels aanmerkelijk verbeterd, maar voor mensen en dieren zijn er nog steeds knelpunten, die de gezondheid schaden. Het RIVM monitort voortdurend de luchtkwaliteit en dat kun je van uur tot uur volgen op
Foto Pixabay: Luchtvervuiling
http://www.atlasleefomgeving.nl/kijken
 , kies "Luchtkwaliteit". En zoom vervolgens in op je eigen omgeving.
In de steden en langs snelwegen is de luchtkwaliteit vaak slecht. Zeker als er weinig wind staat. De verontreinigingen worden dan slecht verspreid en blijven in het gebied hangen. Door inwerking van zonlicht kan zo gemakkelijk smog ontstaan.

De boosdoeners

De lucht wordt verontreinigd door de aanwezigheid van bepaalde stoffen, die er niet in horen te zitten: de boosdoeners. Natuurlijk is het altijd beter iets aan de bron te doen, dan de gevolgen op te ruimen. Dat is symptoombestrijding. Maar zolang die missie onvoldoende slaagt is het goed om het lijden te verzachten door de inzet van groen. Bomen zijn in dit opzicht het meest effectief. Maar onderschat klimop en mos niet, zoals ik hierboven al beschreef. Maar wat zijn dan de boosdoeners?

Een rijk bodemleven is dus ook belangrijk in de strijd tegen fijnstof.

Fijnstof is met stip het grootste probleem. Dan bedoelen we het stof dat met 10PM wordt aangeduid. Dit is extreem fijn stof, dat tot diep in de longen en ander weefsel kan doordringen. Daar veroorzaakt dit fijne stof lichamelijke klachten die uitmonden in astma, COPD, hart- en vaatziekten en mogelijk ook kanker.
Met groen kunnen we te hoge concentraties fijnstof bestrijden. Naaldbomen dragen doorgaans het hele jaar door bladeren en door hun smalle bladstructuur zijn ze zeer effectief. Struiken en hagen dragen ook een steentje bij, vooral omdat ze windstromen afremmen en omhoog naar de boomkroon duwen. Ook plakkerige oppervlakten als gevolg van hars en honingdauw vangen fijnstof in. Het meeste stof wordt bij een regenbui naar de bodem gespoeld en een deel wordt dan via het riool afgevoerd. Een ander deel kan door bodemleven, vooral schimmels en bacteriën, geneutraliseerd worden. Een rijk bodemleven is dus ook belangrijk in de strijd tegen fijnstof.

CO2 is een gevolg van de verbranding van organische stoffen. Dit gas is een belangrijke bouwstof voor planten. In het fotosynthese proces wordt koolstof van zuurstof gescheiden. De koolstof gebruikt de plant als bouwstof en om suikers te maken. Het afvangen van CO2 is dus wel een belangrijke eigenschap van planten. De zuurstof is een afvalproduct, dat via de bladeren de plant weer verlaat. Nu is het niet zo dat bomen belangrijk zijn omdat ze zuurstof produceren, want ze gebruiken ook zuurstof in hun stofwisselingsprocessen. Het netto resultaat is bijna 0. Om ons zuurstofgehalte te waarborgen moeten we vooral de oceanen gezond houden. Daar wordt niet alleen het grootste deel van CO2 vastgelegd, maar ook de meeste zuurstof aan de atmosfeer afgegeven.

Om ons zuurstofgehalte te waarborgen moeten we vooral de oceanen gezond houden. 

Stikstofoxiden zijn eveneens een gevolg van verbrandingsprocessen, vooral door het verkeer. Door inwerking van zonlicht kan ook ozon ontstaan. Hier moeten ook vluchtige organische verbindingen genoemd worden. Te hoge concentraties zijn schadelijk voor planten en dieren. 
Tot bepaalde concentraties worden stikstofoxiden en ozon via de openingen in bladeren door planten opgenomen en gebruikt in de eigen stofwisseling. Dit is nodig voor groei en voor de aanmaakt van afweer- en signaalstoffen. Planten en bomen met een groot glad blad (dikke cuticula) zijn zeer effectief in het opnemen van stikstofoxiden en ozon. Denk bijvoorbeeld aan esdoorns.
Er zijn echter ook bomen, die zelf verhoogde concentraties vluchtige organische verbindingen uitstoten. Dat zijn onder andere de amberboom, platanen, populieren en eiken. Hier zal men bij de planning van openbaar groen aan moeten denken; door de verkeerde bomen te planten kan 's zomers smog eerder bevorderd dan verminderd worden.

Baten

Wat levert dat op? Hier een paar voorbeelden met betrekking tot fijnstof. Een nog niet volwassen boom in de stad van ongeveer 25 jaar levert een jaarlijkse baat van € 40,-. In een gemeente met 30.000 stadsbomen en 20.000 particuliere bomen is dat een flink bedrag: Liefst € 2 miljoen per jaar, waarschijnlijk méér, want volwassen bomen van 80 jaar en ouder zijn nog effectiever.
Klimop komt op € 2,40 per m2, per jaar. In plaats van klimop wordt vaak ook gekozen voor wilde wingerd, die levert slechts € 1,60 per m2/jaar op. 
En dan het dak op. Mos brengt het op € 5,60 per m2 per jaar. Een dak begroeid met sedum komt slechts op 4 cent per m2/jaar, maar daar staat tegenover dat sedum veel stikstofoxiden en vluchtige organische verbindingen neutraliseert.
Bovendien zorgt een groen dak ervoor dat:
  • de dakconstructie langer meegaat.
  • het dak beter geïsoleerd is.
  • de temperatuur 's zomers tot maximaal 35-38 graden stijgt, waardoor zonnepanelen het goed blijven doen. Bij 75 graden op een 'kaal' dak vermindert de effectiviteit met liefst 20%.
Onder de streep gaat het dus om aanzienlijke bedragen. Meer groen levert dus méér baten op. En als vanzelf: minder groen verlaagt de baten. Vooral in de steden is hier veel te winnen. En natuurlijk te verliezen als het groen verminderd wordt ten behoeve van meer beton. 
Is het je opgevallen? Nergens in dit verhaal is gras genoemd (tot nu dus). Gras biedt ten aanzien van baten door gezonde lucht geen of marginale voordelen. Wel is gras belangrijk om sociale cohesie en beweging in de buitenlucht te stimuleren. En in die zin heeft het dus zeker een functie, maar dat is een ander hoofdstuk.

Lees meer over maatschappelijke en economische baten van groen: Groen loont.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.



woensdag 24 augustus 2016

Waarom alleen gezond groen voordeel oplevert

In het verlengde van het artikel "Stadsgroen is goud waard" moeten we ons de vraag stellen of alle stadsgroen goud waard is. Helaas moet ik melden dat dit niet zo is. Alleen gezond groen levert maatschappelijke baten. Ongezond groen kost juist baten. Aangezien het planten en onderhouden van stadsgroen een taak van de gemeenten is, is dit ook voor de gemeentelijke groenbeheerders een belangrijk aandachtspunt. Mijn ervaring is, dat dit wel leeft bij de verantwoordelijke beleidsambtenaren. Alleen zijn het stadsbestuur, maar ook de uitvoerende medewerkers, zich vaak onvoldoende bewust van de noodzaak van gezond stadsgroen.
Scharlaken eik in stadspark Weert

Eerlijkheidshalve moet ik wel melden dat de huidige groenbeheerders zitten opgescheept met groen dat is geplant in een periode, dat men daar niet zo over nadacht. En ja, toen was er ook niet zoveel kennis over stedelijk groen voorhanden als nu. Met name Duitse organisaties zoals GALK onderzoeken veel en delen hun kennis binnen een internationaal netwerk. Ook Nederlandse en Belgische gemeenten nemen in dat netwerk deel. In Nederland komt veel kennis vanuit Wageningen Universiteit en o.a. de Stichting de Vitale Groene Stad (de naam zegt al genoeg).

Leefruimte

Om een boom een gezonde toekomst te geven moet de plek waar hij komt te staan ook geschikt zijn. Het nadeel van straten en pleinen is, dat de bomen daar in een voor hun vijandige omgeving staan. De grond is verdicht en verzegeld met klinkers, tegels of asfalt. Door dat verhard oppervlak is de lucht 's zomers warm en droog. De boom beschikt daarnaast over onvoldoende vocht en kan zodoende het fotosynthese proces niet optimaal laten verlopen. In de ondergrond is een karig bodemleven, zodat de wortels zich in de verharde grond slecht ontwikkelen. Ze zoeken de laagste weerstand op en dat veroorzaakt geregeld wortelopdruk. Vaak ontbreken in de grond de juiste schimmels voor het ontsluiten van mineralen en het contact tussen de bomen onderling. Deze slechte groeiomstandigheden noodzaken tot extra onderhoud, en dat kost extra geld. Dat is jammer en onnodig als er vooraf beter over werd nagedacht.
De bomen hebben op zulke plekken een groei achterstand, een gebrekkige vitaliteit en worden niet oud. Ze kunnen zich niet goed in de bodem verankeren waardoor ze gemakkelijker omvallen. Ze hebben een gebrekkige weerstand en zijn dan ook bevattelijk voor besmetting, zeker als er ondeskundig gesnoeid wordt. Zulke stadsbomen bereiken zelden de volwassen leeftijd.

 Een volwassen (gezonde) boom staat dan
gelijk aan tien airco's.

Volwassen bomen kosten vrijwel niets aan onderhoud en geven, mits vitaal, optimaal baten terug aan de maatschappij. Wat die baten zijn, lees je in het vorige artikel in deze blog.

Bij het plannen van aanplant van stadsbomen is het belangrijk om met een aantal factoren rekening te houden, zoals:
  • Is de ondergrond geschikt voor aanplant van bomen en wat is er nodig om die geschikt te maken?
    In parken en plantsoenen hebben bomen een leefomgeving die lijkt op hun natuurlijke habitat. Maar op pleinen en langs straten is de bodem vaak verdicht en verzegeld. Zonder speciale maatregelen lijden bomen hier aan vocht- en voedselgebrek. Dat noodzaakt tot extra verzorging, waar vooraf rekening mee gehouden moet worden.
  • Is de plek niet in strijd met belangen van omwonenden en het verkeer? Denk bijvoorbeeld aan lichtontneming, nabijheid van erfafscheidingen, mogelijke wortelopdruk, ondergrondse infrastructuur, gevaarlijke verkeerssituaties en ruimte voor vrachtwagen (denk aan de vuilophaaldienst).
    Bij 'gevaarlijke verkeerssituaties' wil ik wel vermelden, dat bomen en struiken die zicht ontnemen het verkeer dwingen langzaam en voorzichtig te rijden. Dat is dan een gewenste situatie, want te vaak wordt er op goed overzichtelijke plekken te snel en onoplettend gereden, wat vaker tot ongelukken leidt. Beter een bijna-ongeluk dan een 'echt' ongeluk.
  • Is het eindbeeld van de geplande boomsoort op die plek gewenst?
    Bedenk dat bomen met een dichte kroon de wind tegenhouden of omleiden. Dat kan juist op zo'n plek gewenst zijn. Maar fijn stof filtering kan ook een doel zijn en dan is een boom met lichte kroon gewenst. Liefst een wintergroene boom.
    Natuurlijk spelen hier ook esthetische overwegingen een rol.  
  • Kunnen de bomen een bijdrage leveren aan watermanagement?
    Bomen zijn grootverbruikers als het om water gaat. Zodoende kunnen ze het afwateringssysteem bij hevige neerslag ontlasten. Bomen houden water langer vast en verdampen een groot deel. Het overige deel wordt vertraagd aan de omgeving gegeven. Inmiddels is na recente overstromingen in Engeland en Duitsland het besef doorgedrongen dat 15% meer bomen voor 21% minder wateroverlast kan zorgen.
Terwijl ik dit schrijf voltrekt zich buiten mijn kantoor een hittegolf. Dit is een situatie waar bomen juist voor verlichting moeten zorgen, doordat zij hun omgeving aanmerkelijk kunnen verkoelen. Een volwassen (vitale) boom staat dan gelijk aan tien airco's. Zo wordt hittestress tegengegaan of op z'n minste verlicht. Dit warme weer zullen we de komende decennia steeds vaker meemaken. En dat is voor bomen die niet aan voldoende water en voeding kunnen komen een stressvolle periode. Dat is jammer, want die bomen zouden juist verlichting moeten bieden.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

woensdag 8 juni 2016

Wat bieden ons bomen in de stad?

In deze blog is steeds gekeken naar het belang van groen, en dan met name bomen, voor de mensen. En dan bedoelen we vooral de mensen in de steden, want de bewoners van landelijke contreien leven in het groen en genieten onwillekeurig van de voordelen. De mensen in de steden  zien zich minder vanzelfsprekend met groen geconfronteerd. Ze zijn zich daar meestal niet eens van bewust. Tegelijk lijden ze een slechtere geestelijke en fysieke gezondheid, gaan gebukt onder meer criminaliteit en zuchten bij warme zomers onder hittestress.

De gemeenten zien zich met hoge zorgkosten geconfronteerd en om daar middelen voor vrij te maken moet er op (in hun ogen misbaar) groen bezuinigd worden. Zonder het te beseffen wordt daarmee het probleem eerder erger dan kleiner gemaakt. Een neerwaartse spiraal, die je wel degelijk kunt doorbreken door te investeren in meer groen en dat ook adequaat onderhouden. Mensen voelen zich gelukkiger, zijn minder vaak ziek en herstellen sneller van geestelijke en fysieke stress. De kosten voor o.a. WMO gaan omlaag. En en passant gaan ook de kosten voor watermanagement omlaag.

Wat bieden de bomen nog meer?

  • Goede luchtkwaliteit
    Bomen zijn in staat stof en gasvormige verontreiniging uit de lucht te filteren. Om deze reden is het ook goed om kamerplanten in huis te hebben. Zij filteren schadelijke gassen die veel in huizen voorkomen (denk o.a. aan formaldehyde en radon).
    Alle bomen en andere planten, inclusief de algen in de oceanen, zorgen ervoor dat het zuurstofgehalte stabiel op ongeveer 21% blijft.
  • Aangenaam microklimaat
    De bomen in de steden hebben geen directe invloed op de wereldwijde klimaatverandering. Maar lokaal is die invloed er wel degelijk. Door hun schaduw en het verdampen van water temperen ze de temperatuurschommelingen op warme zomerdagen. Onder en in de directe omgeving van bomen is het gemiddeld 7 graden koeler dan op plekken waar groen ontbreekt.
    Bomen zorgen tegelijk voor een aangename luchtvochtigheid in hun directe omgeving.
    Er is een groene ruimte van tenminste 1 Ha met planten in diverse hoogtegradaties nodig voor een aangenaam effect tot op 600 meter rondom zo'n park.
    Toegegeven, in een bestaande stad is dat niet altijd in te plannen. Maar als gemeente kun je het op z'n minst proberen.
  • Geluiddemping
    Een combinatie van bomen en struiken kan lawaai verminderen. Bijvoorbeeld verkeerslawaai. Om lawaai echt tegen te houden is méér nodig, maar het groen dempt het geluid en maakt het verdraaglijker, zonder dat er al meteen decibellen worden tegengehouden.
  • Bescherming tegen wind
    Afhankelijk van de beplanting kunnen bomen wind omleiden of dempen. Een dichte bomenrij, ondersteund door ondergroei met bijvoorbeeld struiken zal de wind tegenhouden en omleiden. Tenminste, zolang er loof aan zit. Meer open structuren, de bomen uit het eerste voorbeeld zijn dat ook in de winter, zullen de wind niet tegen houden, maar dempen tot een aangenaam briesje.
    Wind kan ook een gevaar voor (stads)bomen zijn, zeker als zij door slechte leefomstandigheden of ondeskundig onderhoud verzwakken. Daarom streven we ook in de stad naar sterke, vitale bomen die voldoende ruimte hebben voor hun kroon en de wortels goed kunnen verankeren. Een gesloten wegdek en verdichting van de grond verhinderen dat en moet zoveel mogelijk vermeden worden.
  • Biodiversiteit
    Door een grotere verscheidenheid aan bomen, struiken, perken en gazons zorgen we voor meer biodiversiteit in de stad. Dit maakt het leven niet alleen veelzijdiger en interessanter, maar helpt ook de natuur in balans te blijven.
    Steeds als er één soort overheerst of een pilot soort tekort schiet ontstaan er problemen, meestal in de vorm van ziekten. Monoculturen vormen dan ook het verdienmodel van veel dierenartsen en producenten van gewasbeschermingschemicaliën.


    Investeer in veel groen in de steden om
    kosten te besparen.

     
  • CO2 kringloop Planten gebruiken water, licht en CO2 voor de productie van op koolstof gebaseerde bouwstoffen, bijvoorbeeld suikers. Bomen hebben (veel) meer CO2 nodig dan perkplanten of gras. Daarbij komt dat, hoe ouder een boom wordt, hoe meer koolstoffen hij nodig heeft voor de opbouw van stam en takken. Met het toenemen van de stamomtrek stijgt ook het CO2 verbruik. Hoe ouder de boom, hoe meer hij bijdraagt aan dit proces.
  • Aankleding
    Dit is eigenlijk hoe bomen in de meeste gemeentehuizen gezien worden. Bomen en planten verfraaien de straten en wijken. Dit stukje esthetische werking van groen is natuurlijk belangrijk. Het mooie van groen is één van de redenen waarom mensen zich in een groene omgeving gelukkiger voelen. En méér willen betalen voor huizen en kantoren.
    Maar zoals deze opsomming laat zien, is aankleding niet de enige 'benefit'.
  • Watermanagement
    Bomen, maar ook struiken, verbruiken voor de fotosynthese grote hoeveelheden water. Een volwassen eik of linde verbruikt op een dag als vandaag (zo'n 28 graden op de thermometer in mijn achtertuin) met gemak 300-500 liter water (gemiddeld 150-200 liter). Is dat veel? Kijk dan eens naar populieren: 1500 liter!.
    Een Engelse universiteit heeft recent ontdekt, dat bomen in de nabijheid van waterlopen de kans op overstromingen tot 20% (éénvijfde!) kunnen verminderen. Ook gemeenten en universiteiten in Duitsland komen tot die conclusie. In Engeland en Duitsland weten ze die hulp inmiddels wel te waarderen.....
    Bomen verzamelen water in hun stam en binnen hun wortelpatroon voor drogere tijden. Bovendien druipt water langs bladen, twijgen, takken en stam omlaag. Hierdoor worden tijdens en bui honderden liters water vertraagd aan de omgeving afgegeven, dat rondom de stam infiltreert, waarvan een deel ondertussen weer verdampt. Zie hier de reden waarom bomen helpen wateroverlast te voorkomen.
  • Verkeersveiligheid
    In tegenstelling tot wat mensen vaak denken, verhogen bomen de verkeersveiligheid. Ze vormen bijvoorbeeld een effectief en esthetisch hulpmiddel om de verkeersruimte in te delen. Daar waar bomen het zicht belemmeren is het effect dan mensen oplettender zijn. De nabijheid van bomen langs de wegen zorgt in het algemeenheid voor grotere alertheid van de verkeersdeelnemer. Om die reden adviseert de universiteit van Keulen om bij de aanleg van nieuwe wegen toch vooral veel bomen in te plannen. Zeker langs saaie, snoerstrakke snelwegen.
    Tegen notoire wegpiraten helpen alleen ruime grindbakken aan weerszijde van de weg. Maar daarmee stimuleer je juist roekeloosheid.
  • Hogere waarde van vastgoed
    Mensen zijn graag bereid om een hogere prijs te betalen voor een huis met zicht op groen. Groen in combinatie met water levert zelfs nog meer op.
    Fijn voor de gemeente, want hier kan de WOZ-waarde omhoog wat leidt tot hogere belastinginkomsten.
    Bovendien maakt veel groen een gemeente ook aantrekkelijk voor nieuwe inwoners, en een groeiende stad brengt niet alleen meer aanzien, levert meer banen op en brengt meer geld in het laatje. Dat geldt ook voor recreatie in een groene omgeving. Met groen is dus geld te verdienen.
  • Levenskwaliteit
    Groene plekken, met hier daar wel naast bomen, ook gras en perken, lenen zich als trefpunt van de bewoners. Hier kan men andere mensen aantreffen voor een gesprek, voor sport en spel. Het sociale element en de beweging zijn weer ingrediënten voor een portie geluksgevoel. En beweging maakt mensen gezonder.
    Groen bevordert ook de sociale controle en daarmee de veiligheid in de wijk. Er is minder criminaliteit.
    Op groen ingerichte schoolpleinen blijkt minder gepest te worden en presteren de kinderen gemiddeld beter, vooral de jongens.
    In een groene omgeving herstellen mensen sneller van stress gerelateerde ziekten en andere ongemakken. Zelfs op ADHD heeft groen een regulerend effect.
  • Groen en werk
    De Nederlandse onderzoekster Marlon Nieuwenhuis van de Universiteit van Cardif (UK) heeft vastgesteld dat groen op de werkplek een gemiddeld 15% hogere arbeidsproductiviteit oplevert. Dit effect is het sterkste bij kenniswerkers. Dat kan door zicht op een groene omgeving, een plant op kantoor of zicht op een afbeelding van planten of landschappen. De winst zit 'm in een betere concentratie, meer creativiteit en minder ziekteverzuim.
  • Zorg
    Uit onderzoeken is gebleken dat mensen die vanuit hun ziekenhuisbed zicht hebben op bomen of landschappen sneller herstellen en gemiddeld twee dagen eerder ontslagen worden. Zij gebruiken ook minder pijnmedicatie.
    De vrije Universiteit Amsterdam leidt het onderzoeksproject "Groene gezonde ziekenhuizen" dat tot 2019 loopt en waaraan vijf ziekenhuizen deelnemen. Het doel is om het nut van groen in ziekenhuizen wetenschappelijk sterker te onderbouwen.
    Meer groen in de steden kan het medicijngebruik met wel 1 miljard Euro per jaar verminderen.
  • Absorberen van straling
    Planten kunnen schadelijke straling die vrijkomt uit de bodem en uit stenen absorberen.
    De planten lijden er niet onder en de zoogdieren, mensen en hun huisdieren, varen er wél bij. Ook dit is weer een reden voor meer kamerplanten in huis.
Wie nu nog twijfelt aan het nut van bomen en andere planten is niet meer te helpen. Voor hun weet ik een uitstekende plek om te wonen. Meld je aan voor een (enkele) reis naar Mars. Misschien zijn er nog vacatures.

Medio 2021 zullen we in Weert opvallende en monumentale bomen voorzien van een #TreeTag. Daarop staat te lezen wat de boom voor jou als mens aan diensten levert. #TreeTag is een Europees initiatief en wordt sinds 2020 in steeds meer Nederlandse en Belgische gemeenten gebruikt om burgers bewust te maken van de waarde van bomen.


Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn (te koop via Bullseye Publishing)
Abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.
Steun de Stichting Groen Weert.

vrijdag 26 februari 2016

Waarom bomen juist geen gevaar voor het verkeer zijn

Het is een feit dat ieder jaar enkele honderden mensen overlijden doordat ze in botsing komen met obstakels langs onze wegen. Als zo'n obstakel een boom is, duiken de media er bovenop en voeden de bomenhaters met argumenten. Maar lantaarnpalen, verkeerszuilen en pilaren van bruggen en viaducten worden ook bij zulke ongelukken betrokken. Daar hoor je de media niet over. Wie ervoor kiest, of te roekeloos is, vindt dus genoeg andere obstakels op zijn weg. Ook greppels, sloten en kanalen, taluds en muren van gebouwen. Obstakelvrije wegen stimuleren juist roekeloosheid.
Liever zo, ...

Nu is het zo, dat bij wegenontwerp tegenwoordig wel degelijk rekening wordt gehouden met het gevaar van bomen en andere obstakels. Bomen moeten bijvoorbeeld zo'n  4,5 meter van de rijbaan staan, als op zo'n weg 80 km of sneller wordt gereden. Bij de aanleg van nieuwe wegen of ingrijpende reconstructies zullen om die reden dan ook vaak bomen gekapt worden. Dat is jammer, maar er geldt natuurlijk wel een herplantplicht. In dat geval moet gekeken worden naar de ecologische waarde van de gekapte boom. Met één op één compenseren doe je de natuur en de maatschappij tekort. Het duurt
...of zo?
tientallen jaren voordat een jonge boom volwassen is en dezelfde ecosysteemdiensten kan leveren als zijn voorganger. Het is daarom eerder tien op één compenseren. Voor compenseren moet je wel de ruimte hebben: voor 100 bomen komen er 1000 nieuwe. Dat is een heel bos.

Dat kan in de papieren lopen. Je kunt de bomen natuurlijk ook laten staan en met een vangrail afschermen. Dat is waarschijnlijk ook nog eens goedkoper dan kappen (dat kost ook veel geld) en compenseren. Alleen kan zo'n vangrail (of een schuine stoeprand) je terugduwen wat het gevaar vergroot, dat je op de andere weghelft een tegenligger treft.

Zonder bomen lijkt de weg overzichtelijker. Maar de kans wordt zo groter dat er meer materiële schade en letselschade ontstaat, doordat weggebruikers overmoediger worden en minder goed opletten.

De faculteit voor verkeerspsychologie van de universiteit van Keulen heeft na uitgebreid onderzoek wegenbouwers geadviseerd om bomen langs de (snel)wegen te planten. Juist omdat is gebleken dat dit het rijgedrag positief beïnvloedt en de verkeersveiligheid vergroot.

Veiligheid bevorderend

Boomrijen langs wegen aanplanten was ooit belangrijk om reizigers en paarden tegen de zon te beschermen. Zo vond Napoleon dit erg belangrijk voor het verplaatsen van zijn legers. Nu zijn er mensen die dit juist als tegenargument gebruiken, dat bomen langs wegen dus ouderwets en achterhaald zijn. Maar vergeet niet dat de zon ook voor de moderne reiziger in zijn airconditioned automobiel, het als aangenaam ervaart om zich in de schaduw voort te bewegen. Dat zorgt voor meer ontspanning achter het stuur. Dat maakt dat bestuurders beter opletten en het bevordert verantwoord rijgedrag. Tegen notoire N-weg coureurs helpt dit niet, maar daar moeten we dan ook geen compassie mee hebben. Die zouden zich nog te pletter rijden tegen het wegwijzerpaaltje op foto 2.
Ook fietsers zijn je dankbaar als ze in de schaduw van bomen kunnen fietsen.

Zonder bomen lijkt de weg overzichtelijker. Maar de kans wordt zo groter dat er meer materiële schade en letselschade ontstaat, doordat weggebruikers overmoediger worden en minder goed opletten. Door hogere snelheden is de remweg langer. In plaats van 'bijna-ongelukken' zal het vaker knallen. Het gevolg: geestelijke en fysieke ellende, hoge maatschappelijke kosten door extra zorg en materiële schade. Een gevolg van groen (zoals bomen) is dat afwijkend gedrag en hufterigheid afnemen. Ook dat bevordert de verkeersveiligheid. En ja, er zijn mensen die niet te remmen zijn.

Een ander effect van boomrijen langs wegen is het 'tunnel-effect'. In zulke omstandigheden zijn (normale) mensen geneigd om rustiger en verantwoord te rijden. Bovendien laat de verticale structuur duidelijk zien hoe het verder gaat, bochten zijn door de boomstammen al van verre te herkennen. Ook dit bevordert de verkeersveiligheid. Zoals op snelwegen reflecterende paaltjes de bocht markeren. Door bijvoorbeeld vlak voordat je een bewoond gebied binnenrijdt de bomen iets dichter naar de weg toe te planten zullen de meeste bestuurders snelheid aanpassen. Zo rijden ze veilig een dorp of stad binnen.

En kijk nog eens naar de foto's. Is foto 1 landschappelijk gezien niet veel aantrekkelijker dan foto 2? Zo'n rechte weg, zonder obstakels, nodigt uit om sneller te rijden. Dat doe je onwillekeurig, het overkomt mijzelf ook. En daarbij komt nog eens het zogenaamde poldereffect, waardoor mensen juist op zo'n rechte weg op onverklaarbare wijze de macht over het stuur verliezen. Of ze rijden ongemerkt richting tegenligger. Dat zijn nog eens gevaarlijke situaties.

Wanneer is de kans op een botsing het grootst? Lees dit artikel.

Bomen langs doorgaande wegen dragen ook bij aan het filteren van fijnstof en gasvormige verontreiniging aan de bron. Als de kroon tenminste enigszins poreus is, zodat de wind er doorheen kan waaien. Bovendien dempen bomen het verkeerslawaai, wat weer prettig is voor omwonende. Let wel, geluidsdemping betreft vooral het verlagen van de scherpte, in mindere mate het verlagen van de geluidsdruk. Klik voor meer info.

Het is dus helemaal niet nodig om bomen langs N-wegen te kappen. Juist door ze te laten staan, eventueel met aanvullende maatregelen als belijning en geleiderails, bevorderen ze de verkeersveiligheid. Kappen is als 'het paard achter de wagen spannen'. Het zal de maatschappelijke en zorgkosten juist vergroten. Dat staat als een boom.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.



maandag 8 februari 2016

Hoe verhogen bomen het woongenot?

Bij gemeenten worden bomen doorgaans gelijkgesteld met straatmeubilair, fonteinen, standbeelden en bestrating.
Men ziet bomen gewoon als decoratie van het straatbeeld. Dit is een grote misvatting en gaat voorbij aan de bijzondere eigenschappen van bomen op het gebied van welzijn en woongenot. In een serie artikelen op deze blog (#groenenwelzijn) laten we zien op welke gebieden bomen in de steden meer betekenen dan enkel decoratie.
Denk hierbij aan:

  • Verbeteren van de luchtkwaliteit door fijnstof en gasvormige verontreiniging te filteren. Bomen vangen CO2 af en geven zuurstof terug.
  • Bomen creëren een aangenaam microklimaat om zich heen, zodat inwoners op warme zomerdagen minder hittestress ervaren.
  • Bomen dragen bij aan het verminderen van geluidshinder.
  • Doordat bomen luchtstromen afremmen vermindert de hinder door wind en turbulentie. Dit draagt tegelijk bij aan het instandhouden van het microklimaat.
  • Bewoners voelen zich verbonden met bomen, ze identificeren, vaak onbewust, bomen met de plek waar men woont. Dit draagt bij aan het 'zich thuis voelen'. 
  • Wateroverlast wordt tegengegaan doordat bomen veel water gebruiken en in de kroon vasthouden. Ze dragen ook bij aan het beheersen van het grondwater.
  • Rondom bomen leven veel planten, schimmels en dieren, wat bijdraagt aan de biodiversiteit.
  • Vastgoed in de buurt van bomen heeft gemiddeld 15% meer waarde en panden met veel groen zijn sneller verkocht.
  • In een omgeving met veel groen gaan mensen socialer met elkaar om. Groen stimuleert ook tot meer activiteit in de buitenlucht.
  • Bomen kunnen verkeerstechnisch worden ingezet en verhogen daarmee de verkeersveiligheid.
  • Alleen al de kleur groen zorgt ervoor dat mensen zich meer op hun gemak voelen.

Singapore

In een stad als Singapore, waar de tropische zon voor een onhoudbaar klimaat zorgde, heeft de overheid ingezien wat groen kan bijdragen aan welzijn en gezondheid. Vergroening is hier tot in het extreme doorgevoerd. Het lijkt alsof men het regenwoud naar de stad heeft gehaald. Het effect is er dan ook naar, het klimaat is nu aangenaam en het is goed toeven in die stad.
Bekijk dit filmpje.
Met veel bomen in de straten, tropische parken en het beplanten van balkons, terrassen en daken houdt men nu het klimaat in de stad op een aangenaam niveau. Singapore is een toonbeeld voor duurzaam groen in een grootstedelijke omgeving.

Vastgoed

Dat mensen veel om groen geven is overduidelijk als het om vastgoed gaat. Huizen in een groene buurt zijn gewild en gemiddeld duurder dan een vergelijkbaar pand zonder groen. Vooral de aanwezigheid van bomen speelt hierbij een grote rol. Zulke huizen zijn dan ook sneller verkocht en men is bereid er meer voor te betalen. Gemiddeld 15% en vaak veel hoger. 

Het heeft echter niet zoveel zin om snel een paar jonge bomen langs de straten van een nieuwbouwwijk te zetten. Het groene effect speelt vooral bij de aanwezigheid van oudere, monumentale bomen. Ook dit is een reden om zulke grote bomen te koesteren.

Om een wijk aantrekkelijk te maken is het dan ook niet aan de orde om (straat)bomen al na 30 of 40 jaar te vervangen. Dit bij gemeente zo populaire 'verjongen' van het groen werkt juist averechts. Het is vanuit het standpunt van de gemeente wel te begrijpen. Groen is decoratie, net zoals een standbeeld of een bankje in het park. En straatbomen groeien vaak in ongunstige omstandigheden, zodat ze na zo'n 40 jaar meer gaan kosten aan onderhoud. 
Toch is dit niet nodig. Als bij het planten rekening wordt gehouden met deze omstandigheden blijft een boom langer gezond. 
Kies de juiste soort. Moeten de bomen wind reduceren of verontreiniging filteren? Moeten ze het straatbeeld verfraaien of voor verkoeling zorgen? Sociaal trefpunt voor bewoners of speelruimte voor kinderen?
Geef de boom ruimte, met een voldoende grote boomspiegel en zorg voor een voedselrijke en luchtige bodem. Anders gesteld, voorkom verdichting van de bodem door b.v. zwaar verkeer. 
Zorg ervoor dat hoog groen (de bomen) in goede verhouding staat tot laag groen (gazon, borders en struiken). Zo ontstaat een aangenaam microklimaat, dat zelfs invloed heeft op een even grote omgeving met weinig of geen groen. Zulke groen plekken moeten niet te klein zijn, minimaal één hectare.

Op die manier kunnen bomen het lang uithouden en tot in lengte van dagen zorgen voor een aangename woonomgeving.


Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

zondag 31 januari 2016

Kunnen bomen geluidsoverlast verminderen?

Een ernstige vorm van milieuschade is het gevolg van geluidsoverlast, vooral in gebieden waar veel mensen bij elkaar wonen en werken. In de steden, dus. Hier lijdt gemiddeld meer dan 60% van de bewoners door overmatig lawaai. In steden wonen is als gokken met je leven. Lawaai in de woonomgeving heeft een grote, negatieve invloed op de levenskwaliteit en gezondheid van mensen. Uit wetenschappelijk onderzoek in verschillende landen is duidelijk naar voren gekomen, dat geluidsoverlast zowel psychische als fysieke klachten veroorzaakt. Belangrijkste bron van die ellende: Verkeerslawaai.

Geluidswal van natuurlijke materialen (foto: wilgentenenschuttingen.com)
Waardoor ontstaat verkeerslawaai en wat kun je ertegen doen?
De belangrijkste oorzaken van verkeerslawaai zijn de technische toestand van de voertuigen, de verkeersdichtheid en de snelheid waarmee gereden wordt. Bovendien speelt de verhouding personenverkeer - vrachtverkeer een grote rol. Het zal je niet verbazen, dat vrachtwagens met hun zware diesels nogal wat geluid produceren.

Langdurige belasting aan 65 dB of hoger leidt tot gehoorschade, slaapstoringen en schade aan hart en bloedvaten.

Het is dus zaak om de geluidslast tot onder die 65 dB te dempen. Daarvoor worden doorgaans bouwkundige maatregelen getroffen. Denk aan geluidswallen en -wanden. Het effect van zulke constructies ligt tussen 20 en 40 dB. Wat voegen bomen daar nog aan toe?

Geluidsdemping door bomen

Specialisten hebben de demping capaciteit van individuele bomen en lanen gemeten en de conclusie is, dat het effect zeer gering is. Kale loofbomen in de winter voegen al helemaal niets toe. Naaldbomen hebben hier iets groter effect, zeker omdat het ook 's winters werkt.
Uit een test van de Universiteit Koblenz bleek dat een 25 - 30 meter brede houtwal in de buurt komt van het effect van een betonnen geluidswand. Zo'n houtwal moet dan wel uit meerdere soorten bomen en struiken van verschillende hoogte bestaan. Zo'n houtwal heeft daarnaast ook belangrijke ecologische waarden, niet op de laatste plaats als broedplaats voor biodiversiteit.

Onderzoek toont aan dat een 25 - 30 meter brede houtwal in de buurt komt van het effect van een betonnen geluidswand.

Daarmee is beplanting als geluidswering niet meteen afgeschreven. Als aanvulling op bouwkundige ingrepen kan beplanting galm tegengaan en haalt het de hoge tonen eruit.. Geluid dat een harde wand treft wordt grotendeels teruggekaatst. De echo die hierdoor ontstaat is hinderlijk. Het zachte oppervlak van beplanting absorbeert die galm. Vergelijkbaar met meubels en gordijnen en een kamer.
Bomen met een grote kroon kunnen in het gunstigste geval de geluidsdruk met 8 dB verminderen.

Bijkomend effect is, dat beplanten van een geluidswal of -wand de constructie aan het zicht onttrekt. Daarmee heeft het groen een meer decoratieve functie. Dat is belangrijk, omdat een groene omgeving mensen op hun gemak stelt, stress reduceert. Het resterende geluid wordt zodoende als minder hinderlijk ervaren. Bovendien zal ons brein geluid als minder hinderlijk ervaren is de bron aan het zicht onttrokken is: een psychologische bijwerking van groen.

Hoe remmen bomen de wind?

Doorgaans wordt de remmende werking van bomen onderschat. Tussen gebouwen in de steden wil de wind nog wel eens als in een tunnel waaien. Bomen, als lanen of groepen aangeplant, zijn in staat die wind af te remmen. Naast het afremmen van de windsnelheid, verminderen de bomen ook turbulenties, waardoor het aangename microklimaat rondom bomen bevorderd wordt. Door het dempen van de windsnelheid en turbulenties zijn bomen ook beter in staat fijnstof te filteren.

Belangrijk daarbij is, dat beplanting in lagen is opgebouwd. De groene kronen vormen dan vanaf de bodem tot de top een barrière, waar de wind overheen wordt gevoerd. Achter de beplanting ontstaat zodoende een luwte, waarin het door groen veroorzaakte microklimaat niet verstoord wordt. Zo kan het in de zomer koeler en in de winter milder zijn. Naast een direct effect op de gezondheid van mensen, heeft dit ook energiebesparing tot gevolg. 

Bovendien zorgt zo'n opstelling van bomen en bijvoorbeeld gevelbeplanting, voor een effectieve filtering van fijnstof. Dit effect is het grootst als de doorstroming van de wind tot 50-70% wordt teruggebracht. Dit effect hang dan ook sterk af van de boomsoort. Zo zullen naaldbomen een duidelijk beter effect vertonen dan bijvoorbeeld platanen. 

In dit licht is de soortensamenstelling en plaatsing van de bomen duidelijk verschillend, afhankelijk van windstroombeïnvloeding of filtering van verontreiniging. Bij filtering is de poreusheid van het bladerdek belangrijk. Bij sturing van windstromen gaat het om de geslotenheid van het bladerdek, die als een barrière werkt. 

In beide toepassingsgebieden is het effect op lawaaidemping gering. Alleen het absorberen van galm en hoge tonen zorgt ervoor, dat lawaaihinder enigszins draagbaar is. Voor echte reductie van het geluidsniveau zijn bouwkundige ingrepen noodzakelijk, die vervolgens met groen worden aangekleed. Dat maakt zo'n saaie zandheuvel of betonnen muur nog enigszins verteerbaar. 
Door het groen ziet het er aangenaam uit, en zo hoort het.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn  Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl).
Door rechtsboven je e-mail adres in te vullen ontvang je bij iedere nieuwe publicatie een notificatie.
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.



 

maandag 25 januari 2016

Hoe zorgen bomen voor minder luchtverontreiniging?

Naaldbomen zijn de beste filters voor fijnstof en gassen.
Bomen spelen een belangrijke rol in het beheersen van de luchtkwaliteit. Ze filteren fijnstof en gasvormige verontreinigingen. Toch kun je niet simpelweg stellen dat dit voor alle bomen in gelijke mate geldt. Het is mede afhankelijk van de boomsoort, de opstelling en wijze van onderhoud.

Fijnstof is de verontreiniging die voor onze ademwegen het grootste gevaar vormt. Vooral de heel kleine korrels van 10 micrometer en kleiner. Die kunnen ver in het longweefsel doordringen en in cellen en de bloedbaan doordringen. Zo veroorzaakt fijnstof ook schade aan het hart en de bloedvaten. En het kan mogelijk kanker veroorzaken, net zoals de heel kleine asbest deeltjes dat doen. Ons lichaam heeft geen verweer tegen deze ultra kleine indringers.
Alle reden om fijnstof hoog op de agenda te plaatsen.

Bronnen van fijnstof
Metingen hebben aangetoond dat 25% van het fijnstof wordt veroorzaakt door het verkeer. Het komt uit de uitlaten, het komt van slijtage van banden en remmen. Nog eens 25% komt door het opwaaien en verspreiden van in steden aanwezig stof. De resterende 50% komt van bronnen die verder weg liggen: het verkeer in een andere stad, van de snelweg en de industrie. (Dit zijn cijfers uit 2008, gepubliceerd door het Duitse ministerie voor milieu en natuur.)

NOx
Naast fijnstof zorgen verkeer, industrie, intensieve veehouderij en verwarming van gebouwen voor een cocktail stikstofoxides, ook wel aangeduid als NOx. Dit zijn vluchtige organische verbindingen die onder invloed van zonlicht worden omgezet in ozon. De combinatie van hoge concentraties ozon en fijnstof zijn zeer schadelijk voor de gezondheid. Smog.
Bomen hebben stikstoffen nodig, maar als er teveel in de bodem belandt zorgt dat voor verzuring. Op voedselarme grond kan dit juist een gevaar voor de vitaliteit van bomen opleveren.

Groene filters
Bomen en struiken kunnen worden ingezet als luchtfilter. De effectiviteit van dit filter hangt echter af van de combinatie, soort verontreiniging, formaat en vorm van het blad en lokale omstandigheden.
Alleen al het feit dat groen de lucht in de omgeving vochtig houdt, betekent dat stof minder wervelt en verwaait. Als de bodem dan ook nog met gras en andere kleine planten bedekt is, zal stof zich in die wirwar vastleggen en met een regenbui in de grond terecht komen, waar het wordt afgebroken.
Zo zal regen ook door bladeren ingevangen stof uitwassen en in de bodem laten infiltreren. Om die reden is het belangrijk dat groen tegen fijnstof meerdere lagen kent.

Daarnaast kunnen bladeren ook gasvormige stoffen binden. De openingen in de bladeren kunnen met de lucht ook stikstoffen en ozon opnemen. Hetzelfde geldt voor het bodemleven en de wortels van bomen en andere planten, die vooral wel varen bij een redelijke hoeveelheid stikstoffen. Een teveel aan stikstoffen veroorzaakt verzuring.

Planten, en vooral bomen, hebben invloed op luchtstromen. Daar moet je rekening mee houden, want die luchtstromen kunnen verontreiniging verdunnen en verwaaien, maar ook voor ongewenste concentraties zorgen. Met name als verontreinigde lucht in tunnels van straatbomen worden ingevangen is het effect negatief. Ook als loofbomen met volle kronen een barrière vormen ontstaat een ongewenst effect, de wind waait over het obstakel heen en neemt de verontreiniging juist mee naar het gebied direct achter de bomenrij. Mogelijk juist het gebied dat je tegen verontreiniging had willen beschermen.

Als wind langs de bladeren waait wordt het oppervlak statisch geladen, wat de stofdeeltjes aantrekt en vasthoudt. Hoe meer bladoppervlak in dit proces betrokken is, hoe groter het filtereffect. Een ruw bladoppervlak, of haartjes, versterken dit effect. Met een regenbui wordt alles netjes weggespoeld. Maar bij een dichte kroon zullen alleen de bladeren aan de buitenkant meedoen. Daarom is het belangrijk om op plaatsen waar fijnstof- en gasfiltering de doelstelling is, de kroon zodanig te snoeien, dat er een open structuur ontstaat. Naaldbomen hebben uit zichzelf al zo'n open structuur en bovendien vallen de bladeren niet in de herfst af. De filter werkt het hele jaar door. Naaldbomen zijn dan ook het beste geschikt als luchtfilters. Dat geldt bijvoorbeeld niet voor platanen en kastanjes.

Op plaatsen waar bomen een obstakel voor windstromen vormen en de lucht geconcentreerd onderdoor of er overheen voert is het verstandig de boomrijen aan te vullen met open struik structuren. Je moet er alles aan doen om lucht door open bladstructuren te voeren en de windsnelheid  te dempen. Als het groen daarnaast uit zichzelf ook nog voor een verhoogde luchtvochtigheid zorgt wordt de groene filter optimaal. Een regenbuitje rondt het filterproces vervolgens af door stofdeeltjes naar de bodem af te voeren.

De juiste bomen op de juiste plek helpen onze lucht schoon te houden en dat is een goede reden om zulke bomen te beschermen en goed te verzorgen.


Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.



Schone lucht op de werkplek / beter presteren.

dinsdag 12 januari 2016

De gezondheidswaarde van bomen



Gezondheidswaarde van bomen hoger dan je denkt.
Fijnstof kost de gemiddelde Nederlander en Belg 1 jaar van zijn leven. Het zijn vooral de Grove dennen in onze bossen die een belangrijk deel fijnstof uit de lucht filteren. Dit komt doordat hun bladeren (de naalden) zo'n fijne open structuur hebben. Zo kan de wind er ongehinderd doorheen blazen. Loofbomen hebben het nadeel dat bladeren een vrij massief oppervlak hebben en in de winter bij de meeste soorten zelfs ontbreken. 

Belgische dennenbossen 

Bio-ingenieur Thomas Schaubroeck deed er onderzoek naar een stelde vast dat de Belgische bossen een gezondheidswaarde vertegenwoordigen van liefst 40 miljoen Euro. Dat staat voor 260 ton fijnstof in de Vlaamse bossen alleen.
Lees het hele verhaal: http://eoswetenschap.eu/…/bomen-zijn-veel-meer-waard-dan-je…


Dat groen in de leefomgeving bijdraagt aan de gezondheid en andere, meer economische zaken, is bij de Rijksoverheid zeker bekend. Het Ministerie van Economische Zaken heeft daarom de website www.teebstad.nl opgetuigd om die waarden zo objectief mogelijk te berekenen, over een periode van 30 jaar. Maak hier een project aan (scenario in het TEEB jargon) en je kunt het rapport printen om de gemeente te overtuigen van het nut van jouw groene plannen.

Wat duurzaam groen nog meer voor ons welzijn doet kun je lezen in dit boek: http://www.bullseyeshop.nl/a-42199179/natuur-wetenschap/duurzaam-groen-en-welzijn/