Posts tonen met het label hittestress. Alle posts tonen
Posts tonen met het label hittestress. Alle posts tonen

donderdag 16 juli 2026

Door droogte en hitte gaan bomen in de spaarstand

 

Iedereen kent het wel, als bladeren meer verdampen dan er water kan worden toegevoerd, gaan de blaadjes slap hangen. Tot zover is er weinig aan de hand en als de zon lager staat, en er is voldoende water beschikbaar, herstelt de plant weer. In het vorige artikel zagen we dat bij extreme hitte een drempel wordt overschreden waardoor het blad afsterft door cel beschadiging. Maar ook zonder deze extreme aantasting zullen bomen bij grote hitte blad afstoten.

Tegen het einde van de zomer heeft de boom zijn belangrijkste werk gedaan. Hij heeft blad ontwikkeld, bloemen gemaakt en vruchten of zaden gezet. Nu gaan bomen in de ruststand en gebruiken fotosynthese vooral nog om glucose en (indien nodig) afweerstoffen aan te maken. Ze kunnen nu wel wat bladeren missen. Als de zomerhitte vroeg begint, zal dit ook vroeger in de zomer tot rust komen. Dat is wat we nu, juli 2026 bij veel bomen zien gebeuren. Ze trekken chlorofyl terug, de bladeren kleuren bruin en vallen af. Nog voordat de herfst begonnen is. Dit is een normaal verschijnsel, hoewel het dit jaar wat aan de vroege kant is. Zo lang het er maar een paar zijn kan het geen kwaad.  Als de hittedrempel wordt overschreden, zoals dat vooral nog in tropische bossen gebeurt, zullen de bladeren massaal afvallen. Dan is het goed mis!

Ze kunnen nu wel wat bladeren missen.

Toch zullen er medio augustus ook bomensoorten zijn dat het blad massaal bruin kleuren en afstoten. Dit zien we vooral bij de witte paardenkastanjes. Die zijn zeer gevoelig voor de kastanjemineervlieg. De larven vreten de bladeren van binnen uit, je ziet lichte kanaaltjes in het blad verschijnen. Die 'mijnen' beschadigen de transportkanalen in het blad, zodat er minder met glucose verrijkt water terug naar de wortels kan vloeien. Als zo'n blad minder energie oplevert dan het verbruikt zal de boom het blad afstoten. Er vormt zich dan een dunnen laag kurk in de aanhechting en een beetje wind zorgt ervoor dat het blad los komt.

Bomen zijn 'slim' genoeg om hun energie in balans te houden en passen zich voortdurend aan. Als bladeren al in de zomer vallen, wil dat nog niet zeggen dat de boom ziek is. Meestal is het een onschuldige manier om de energieproductie aan de behoefte van dat moment aan te passen. Als het nodig is komen er binnen een paar dagen uit slapende knoppen weer verse bladeren.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn - Gratis voor nieuwe donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl).|
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.  


WVL-BUSINESS SKILLS #ebooks
Loopbaan inspiratie op je e-reader

https://www.bravenewbooks.nl/wvl-business-skills 
Wat doet groen voor je werkomgeving? Kopen via KOBO: https://ap.lc/ugdJr 
Ook bij KOBO, Kindle en je favoriete boek shop.

zondag 12 juli 2026

Hittestress zorgt dat bomen minder zuurstof produceren

 

Met de hittegolven die we in 2026 ervaren zou je denken dat planten met hun fotosynthese extra hard werken om zuurstof te produceren. Maar dat blijkt niet het geval te zijn. De ecosysteemdiensten van bomen (en andere planten) neemt door hittestress merkbaar af. Minder koolstofopname, minder glucoseproductie, minder zuurstof en minder stoffiltering. Dat kan er uiteindelijk toe leiden dat de plant afsterft.

Hittestress geldt dus ook voor planten. Zwitserse onderzoekers hebben dit als eerste in tropische bossen vastgesteld. En zulke tropische omstandigheden ervaren we in Europa ook steeds vaker.

Er is sprake van hittedrempels en die verschilen per soort. Planten kunnen wel tegen een stootje, ze zijn niet zo kwetsbaar als het lijkt. Maar de bandbreedte waarbinnen de fotosynthese optimaal werkt is vrij dun. En door extreme hitte wordt die veiligheidsmarge nog kleiner.

Als gevolg van de hitte drogen de cellen met chlorofyl uit en wordt het hele systeem (het blad) geleidelijk buiten gebruik gesteld. Als reactie daarop zal de plant het aangetaste blad afstoten. Daarmee neemt het vermogen om CO2 uit de lucht op te nemen af. De wortels ontvangen minder glucose en hebben dan ook minder 'ruilmiddel' voor de bodemschimmels die vocht en mineralen leveren. Daardoor wordt de plant/de boom kwetsbaarder. Tegelijk neemt ook de afgifte van zuurstof af.

Dit probleem tekent zich vooral af in tropische gebieden. Het oppervlak waar de hittedrempels overschreden worden was in 2020 al groter dan Frankrijk. De onderzoekers verwachten dat dit tot 2050 kan oplopen tot 83 miljoen hectare. Dat zal dan waarschijnlijk niet tot tropische bossen beperkt blijven.

Tropisch bossen... Dat is lekker ver van mijn bed.  Bedenk dan dat luchtcirculaties zich niet aan landsgrenzen houden. De zuurstof die wij in Nederland inademen komt voor een aanmerkelijk deel juist uit die tropische bossen. Het zuurstofgehalte is (momenteel) altijd ongeveer 21%. Ook als het hier donker of winter is en onze planten dus geen fotosynthese bedrijven. Door de wereldwijde circulatie blijft het zuurstofgehalte altijd hetzelfde. Maar nu hittestress ook in de tropische bossen toeslaat kan dat (stabiele) zuurstofgehalte onder druk komen staan.

Kunnen we daar iets tegen doen? Misschien is het daar wel te laat voor, maar met extra bomen (helaas duurt het lang voordat die effectief zijn) en grasland kunnen we in de gematigde gebieden helpen de zuurstofproductie iets te verhogen. Ga er vanuit dat het benauwd gaat worden.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn - Gratis voor nieuwe donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl).|
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.  


WVL-BUSINESS SKILLS #ebooks
Loopbaan inspiratie op je e-reader
https://www.bravenewbooks.nl/wvl-business-skills 
Wat doet groen voor je werkomgeving? Kopen via KOBO: https://ap.lc/ugdJr 
Ook bij KOBO, Kindle en je favoriete boek shop.

zaterdag 4 april 2026

Zijn we klaar voor extreem klimaat?

 
Foto: Pixabay
In opdracht van het Planbureau voor de Leefomgeving heeft Wageningen University & Research onderzocht in hoeverre Nederland klaar is voor de klimaatverandering, waarmee we de komende jaren geconfronteerd worden. We krijgen steeds meer te maken met extreme weersomstandigheden, meer hitte, droogte en wateroverlast.
Wat zijn de kansen en risico's voor de natuur (o.a. natuurbranden) en de landbouw?

De onderzoekers keken met name naar op natuur gebaseerde oplossingen. Natuurlijk zijn er ook technologische oplossingen denkbaar, maar die vergen forse investeringen, terwijl de natuur het nagenoeg gratis voor ons oplost. Op voorwaarde dat je voor de natuur de juiste uitgangspunten waarborgt. 

We moeten dringend keuzes maken

Extreme weersomstandigheden kunnen de dagelijkse gang van zaken flink verstoren en flinke schade veroorzaken. Daarnaast zal ook de zeespiegelstijging voor ons laaggelegen land forse problemen veroorzaken. Dat levert niet alleen een veiligheidsrisico op voor de lager gelegen delen van Nederland, maar zal ook nadelige gevolgen hebben voor o.a. de landbouw. Voedselproductie komt hiermee onder druk te staan en daarmee ook onze export van voedingsmiddelen. Vergeet niet, dat we ongeveer 75% van de (huidige) landbouwproductie exporteren. De vraag is wie dan straks voorrang krijgt, de export of de binnenlandse markt.

De onderzoekers benadrukken dat ons land ingrijpende keuzes moet maken. We kunnen de gevolgen van klimaatverandering niet volledig ombuigen. Daarvoor stelt ons land in het mondiale beeld te weinig voor. We kunnen wel proberen de gevolgen van de klimaatverandering met lokale maatregelen een beetje te dempen. De scherpe kantjes eraf halen. Hoever willen we daarmee gaan? Wie gaat dat betalen? En welke maatregelen krijgen prioriteit? Dit zijn politieke keuzes, die bepalen hoe we ons tegen klimaatextremen wapenen. En of dat allemaal wel genoeg is. 

Conclusie van het WUR-rapport is dat we zulke keuzes nog niet hebben gemaakt. Anders gezegd, zij adviseren de beleidsmakers dat zij keuzes moeten maken hoe we dit allemaal willen gaan doen. Dat zal een moeilijke opgave zijn in een tijd, dat de regering ook geconfronteerd wordt met een energiecrisis.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijnGratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl).|
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

600 Square Miles ook te koop via
Bol.com.











maandag 6 januari 2025

Wadi's en bomen is een prima combi

Foto Pixabay, een beekdal is hetzelfde als
een wadi
 Jaren geleden besloot de gemeente om wadi's aan te leggen. Daarvoor zouden toen bomen geruimd moeten worden, want op het gemeentehuis was men ervan overtuigd dat wadi's alleen goed functioneren als er geen bomen langs groeien. Wij hebben ons als stichting toen sterk gemaakt voor het behoud van de bomen, want wij waren ervan overtuigd dat dit juist heel goed samengaat. In het Winternummer 2024 van Bomen Nieuws (Bomenstichting) wordt hier uitvoerig op ingegaan.

In het huidige klimaat wordt droogte afgewisseld met hevige regenbuien. Dit kan in korte tijd tot wateroverlast zorgen, zeker omdat het rioolstelsel niet geschikt is voor de afvoer van (veel) regenwater. Het is beter om dit ter plaatse tijdelijk op te vangen en langzaam naar het grondwater te laten infiltreren. Daarnaast kan het opgevangen water ook door verdamping verminderen. Bomen en andere planten in en naast de wadi kunnen daarbij een rol spelen. Zij verdampen veel water via de bladeren en zorgen zo ook voor verkoeling. Bomen langs wadi's is juist een heel goed idee!

Wadi is eigenlijk Arabisch voor 'dal', drooggevallen rivierbedding. Bij ons het echter een afkorting voor 'Water Afvoer Drainage Infiltratie'. Zo'n verdieping kan dus tijdelijk overtollig water opvangen. Doorgaans staan deze wadi's 93% van de tijd droog. Het water is veelal binnen enkelen uren na een regenbui weer gezakt. Beplanting in en naast een wadi zorgt ervoor dat de bodem een betere structuur krijgt om het water te verwerken. Daarnaast geeft het een fraaier beeld van de directe omgeving en gaat het hittestress tijdens een hittegolf tegen. Het groen geeft rust, verbindt mensen en draagt bij aan een rijkere biodiversiteit.

Er zijn dus veel redenen om wadi's te beplanten. Je moet wel de juiste soorten kiezen, die niet alleen goed tegen droogte kunnen, maar ook probleemloos tijdelijk in de nattigheid kunnen staan. Als het om bomen gaat zijn vooral de inheemse soorten heel geschikt. Wilgen, elzen en populieren zijn daarbij echte toppers die veel water lusten. Lage planten helpen het water te filteren, zodat het gezuiverd naar het grondwater kan zakken. Wel dienen wadi's goed onderhouden te worden om dichtslibben te voorkomen. Als bomen aan de noord/oost kant van de wadi staan zal het meeste herfstblad van de wadi wegwaaien.
Als je er de ruimte voor hebt is het ook een goed idee om een wadi in je tuin aan te leggen. ...of een vijver, want als je daarin kikkers en salamanders krijgt heb je minder last van lastpakken als slakken.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn - Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl).
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons. 










dinsdag 23 juli 2024

Planten weten hoe lang de schemering duurt

 Dat planten de duur van het licht-donkerritme meten en hun groei daarop aanpassen, was al langer bekend. Planten meten ook het verloop van temperatuur. Nu hebben wetenschappers van de Universiteit van Leuven ontdekt, dat de meeste planten daarnaast ook de duur van de schemering meten. Dat is nodig om hun groeischema aan te passen aan de breedtegraad waarop ze groeien.

Foto WVL: zonsdondergang bij Gardameer.
Dat planten dit kunnen en hoe ze daarmee omgaan is natuurlijk genetisch bepaald. De duur van de schemering blijkt van invloed te zijn op de groei en de periode waarin een plant tot bloei komt. Als de schemerduur 30 tot 60 minuten toeneemt, zal de plant tot wel 30% groter groeien. Als de schemering 90 minuten of langer duurt blijven planten kleiner en zullen veel later bloeien. 

Dichter bij de evenaar duurt de schemering korter dan richting de polen. En ook zal in de winter de schemering langer duren dan in de zomer. Planten registreren die veranderingen met hun circadiane klokgenen. Althans, de meeste planten. Er zijn soorten waarbij deze genen minder gevoelig zijn.

Assimilatieverlichting dimmen levert meer groei en betere bloei.

Omdat het klimaat verandert en hittestress planten geleidelijk laat opschuiven naar het noorden komen veel plantensoorten met de schemering in de knoei. Door de langere schering en kortere groeiseizoenen bloeien de planten op andere tijdstippen. Vooral bij voedingsgewassen hebben boeren, en dus ook de consumenten, daar last van. Door de ontdekking van de genen die de aanpassing van de schemerduur regelen, kan men gewassen hiervoor eenvoudig aanpassen en geschikt maken voor hun nieuwe groeiplaats. 

Tuinders gebruiken in hun kassen vaak kunstlicht (assimilatieverlichting) om planten meer licht te geven dan in het normale dag-nachtritme. Zij doen dit door de lampen simpel aan- of uit te schakelen. Door de ontdekking dat planten ook gevoelig zijn voor de schemering zouden tuinders er beter aan doen om te schakelen via een dimmer. De planten zullen daarop reageren met betere opbrengsten en tuinders zullen zo ook nog eens op energie kunnen besparen.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn - Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl).
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

dinsdag 16 juli 2024

Met meer groen steden klimaatbestendiger maken

Het klimaat verandert snel. Elk jaar noteren we weer record temperaturen in de zomer. In steden is dat een probleem, mede doordat er steeds meer mensen in steden willen wonen en het bebouwde oppervlak gestaag uitbreidt. Dat bevordert het hitte-eilandeffect. Hierdoor kampen stadsbewoners steeds vaker met hittestress en voor kwetsbare personen kan dat fatale gevolgen hebben. Om de hittestress te verminderen wordt op divers fronten aan oplossingen gewerkt. Maar de beste en tevens goedkoopste oplossing biedt moeder natuur: meer groen!

Foto: Pixabay

Meer groen in de steden is het speerpunt van een onderzoeksproject van de Technische Universiteit Delft. Daarmee wil men een gezond ecosysteem creëren dat goed is voor mensen en tegelijk voor biodiversiteit.

Men experimenteert ook met plantensoorten, want als je planten inzet tegen hittestress is het handig als die planten ook zelf bestand zijn tegen de gevolgen van hitte en droogte. In dat kader kijkt men ook wat er onder deze omstandigheden spontaan wil groeien. Als planten zich onder karige omstandigheden weten te ontwikkelen, mag je aannemen dat ze daar ook bestand tegen zijn.

Daarnaast kijken de wetenschappers hoe insecten zich onder die omstandigheden ontwikkelen. Er is tenslotte een nauwe wisselwerking tussen planten en insecten. Hetzelfde geldt voor het bodemleven, waaronder bodemschimmels die samenwerken met planten.

Naast beplanting van gebouwen (zie foto) zullen ook parken en (stads)bossen een plaats krijgen in de strijd tegen hittestress. Bomen, struiken, kruidachtige planten en mossen zullen het plaatje compleet maken. Vergeet ook niet de rol van planten in woon- en werkruimte. Ook daar kunnen planten voor een aangenamer klimaat zorgen. (Meer: https://bookboon.com/nl/de-groene-motor-ebook).

Het groen in steden (en woningen en kantoren) helpt niet alleen de opwarming te beheersen, maar dempt ook geluid en filtert luchtverontreiniging.

Als je het hele verhaal wilt lezen, dan vind je dat hier: 
https://innovationorigins.com/nl/groen-baant-de-weg-voor-klimaatadaptieve-steden/ 

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn - Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl).
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

maandag 11 september 2023

Koolstofvrij in 2030 dankzij NBS

 In juli 2023 verscheen in Nature een onderzoeksverslag over de toepassing van Nature Based Solutions (NBS) in steden om effectief en op korte termijn koolstof- neutraal te worden. Door het toepassen van groen in steden kan de koolstofuitstoot gemiddeld met 17,4% worden verminderd. In sommige steden kan dat zelfs voor 2030 leiden tot koolstofneutraliteit. NBS heeft veel potentie om het leefklimaat in steden sterk te verbeteren en een substantiële bijdragen te leveren aan het beheersen van de klimaatverandering. Het onderzoek werd gedaan in 54 steden, wereldwijd.

China
Foto: Pixabay. 

Dat betekent niet dat we NBS invoeren en dan achterover kunnen leunen. De koolstofemissies door gebruik van fossiele brandstoffen moet evengoed drastisch verminderen.

Door NBS toe te passen in steden maak je daar het leven aangenamer en kan de impact op klimaatverandering wereldwijd tot 17,4% verlagen.

Nature Based Solutions is geen "one size fits all" verhaal. Het gaat om maatwerk door een mix van 5 categorieën toe te passen. Bovendien moet er rekening worden gehouden met stedenbouwkundige, ecologische en sociaaleconomische factoren.

Vier toepassingsgebieden vormen de speerpunten van NBS: Laanbeplanting, groen op of aan gebouwen, stadsparken en stadslandbouw. 

Het gebruik van fossiele brandstoffen moet evengoed drastisch verminderen.

Stadparken hebben een verkoelend effect dat vaak tot 200 meter in de omtrek reikt. Tijdens warme zomerdagen kan de temperatuur rondom bomen wel 4-7 oC lager zijn. Daarnaast zorgen stadsparken ervoor dat meer mensen recreëren zonder gebruik van extra energie.
Groen op of aan gebouwen zorgt voor afvang van koolstof en fijnstof direct bij de bron (woningen en bedrijven). Het zorgt verder voor energiebesparing, het beheersen van het binnenklimaat en beschermt de gebouwen waardoor deze langer meegaan.
Laanbeplanting zorgt voor meer veiligheid op de wegen, koeler wegdek en afvang van koolstof, stikstof en fijnstof bij de bron. Deze factoren verminderen tevens het hitte-eilandeffect. 
Ook stadslandbouw zorgt voor vastleggen van koolstof en stikstof bij de bron. Het levert bovendien verse voedingsmiddelen op, die niet van elders aangevoerd moeten worden. In veel steden is stadslandbouw al economisch levensvatbaar gebleken.

NBS zorgt daarnaast voor andere positieve effecten in de steden: Het stimuleert de gemeenschapszin. Zorgt voor meer welzijn en sociale veiligheid. Ook de biodiversiteit profiteert van NBS. Kortom, een gezonder leefklimaat, meer welvaart en meer welzijn.

Plant meer (vooral inheemse) bomen in en rondom steden!

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn - Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl).
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

zondag 26 september 2021

Met meer planten krijg je meer biodiversiteit in de steden

 In een vierjarig onderzoek heeft een team wetenschappers in Melbourne (Australië) vastgesteld dat meer groen de biodiversiteit in korte tijd kan verhogen. Dit onderzoek komt niet uit de lucht vallen, want wereldwijd zijn steden bezig de bebouwde kom te vergroenen. Binnen de EU wordt dit gestimuleerd door het project Green Cities Europe. Het gaat er dan vooral om, dat je binnen steden meer inheemse planten inzet, zo hebben de Australiërs geconstateerd. Daarmee haal je niet alleen meer (inheemse) dieren binnen, maar ook andere plantensoorten die samen leven met de pionier planten.


Het gevolg van deze vergroening is veelzijdig positief. Het verbetert de luchtkwaliteit binnen de steden, stimuleert de fysieke en mentale gezondheid van de inwoners, helpt wateroverlast en hittestress te verminderen. Waar meer groen is zijn mensen eerder genegen zich buiten op te houden en dat bevordert ook interacties, sociale cohesie. En, zoals nu aangetoond, vergroot stadsvergroening de biodiversiteit.
Dit wisten we toch allemaal al? Dat klopt en deze kennis is voor veel steden ook directe aanleiding om meer bomen te planten. Maar wat het onderzoek in Melbourne aangeeft is, dat dit doel ook bereikt wordt door de inzet van veel kleinschalige groene stukjes. Het onderzoeksproject in Melbourne besloeg slechts 200 vierkante meter, direct langs een doorgaande weg en omringd door hoge gebouwen. In dat gebied werden flink meer inheemse plantensoorten geplant, variërend van diverse grassoorten tot eucalyptusbomen. In de looptijd van 4 jaar telde men 94 nieuwe (inheemse) dieren in het gebied, voornamelijk insecten.

Het voordeel van de keuze voor inheemse plantensoorten is, dat deze zijn aangepast een het lokale klimaat en minder water en voeding nodig hebben dan cultuurgewassen. Bovendien zijn dit de planten die met name de inheemse diersoorten aantrekken. Kunstgrepen en extra verzorging zijn niet nodig. Alleen zorgen voor meer groen van diverse inheemse soorten en dan rustig afwachten. Vooral als er tussen die groene oases verbindingen zijn zoals lanen en bermen zullen de dieren deze plekken snel vinden en bevolken.

Planten vormen de basis en de ruggengraat van ieder project om de biodiversiteit te vergroten. Hoe veelsoortiger het groenaanbod, hoe meer diersoorten zullen volgen. Vooral bij insecten is de verscheidenheid aan bijvoorbeeld waardplanten erg groot. Zo zie je ook dat in het buitengebied de biodiversiteit sterk afneemt op en rond weilanden waar enkel nog (saai) raaigras groeit. Zelfs onder de grond zet de verarming door, waardoor de boerenland dood is. Het kan alleen nog door massief gebruik van mest gewassen voortbrengen, die ook nog een extra kwetsbaar zijn voor ziekten en plagen. 

Het onderzoek in Melbourne heeft nu aangetoond, dat voor verbetering van de biodiversiteit en levenskwaliteit de inzet van kleinschalige, veelsoortige groene plekjes al voldoende kan zijn. Mogelijk kun je dit inzicht ook doortrekken naar het buitengebied. Dat zou een mooi compromis zijn voor boeren die nu nog weigeren natuur inclusief of circulair te boeren.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn  Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl)
Blijf op de hoogte en abonneer je op updates door rechtsboven je e-mailadres in te vullen.
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

woensdag 22 september 2021

Het bos als zuiveringsinstallatie

 Bossen leveren een belangrijke bijdrage aan het gezonde leefklimaat in het algemeen en voor dorpen en steden in het bijzonder. Bomen filteren ongewenste stoffen uit de lucht en het regenwater, verminderen de kans op wateroverlast en verlagen de omgevingstemperatuur. Zelfs individuele bomen leveren merkbare prestaties.

Om daar de aandacht op te richten hebben we in samenwerking met de gemeente Weert in de zomer van 2021 bij een aantal bomen een bomenpaspoort geplaatst. Bij andere bomen hangt een kleiner formaat aan de stam. Op dit paspoort tonen we de uitkomst van berekeningen van de zogenaamde ecosysteemdiensten van de bomen. Zoals op de foto hiernaast bij een monumentale beuk in Molenakker.

Veel mensen ervaren bomen als 'halfdode' objecten die langs de weg, in het park of in het bos staan. Meer een soort speling van de natuur om het landschap een beetje op te fleuren. In werkelijkheid vervullen bomen een essentiële functie in de natuur. Het zijn sociale wezens, die op elkaar aangewezen zijn en elkaar helpen te overleven, mits ze niet eenzaam langs de weg staan. Van bomen zijn heel veel andere wezens afhankelijk, zowel boven als onder de grond. Bij eiken zijn dat meer dan 240 soorten. Bomen zorgen ook dat regen van de oceanen verder landinwaarts getransporteerd wordt door vocht uit de bodem via de bladeren weer in de lucht te brengen, die vervolgens als wolken weer een paarhonderd kilometer verder uitregenen. En daar herhaalt zich dit proces weer. Waar bomen ontbreken dreigt droogte en kunnen woestijnen ontstaan.

Ik doe belangrijke dingen voor jou

Het bomenpaspoort vermeldt een aantal feiten over de diensten die bomen leveren om jouw leefomgeving gezond te houden. Ik noem hier de belangrijkste.

Ik produceer zuurstof
Via de bladeren nemen bomen (zoals alle planten) CO2 op uit de lucht. Via een bijzonder proces, fotosynthese, wordt het CO2 molecuul gesplitst in 1 koolstofatoom en 2 zuurstofatomen. Koolstof is een belangrijke bouwsteen voor de boom. Het wordt gebruikt voor de aanmaak van glucose en dat is nodig om, samen met andere elementen die de wortels aanleveren, cellen op te bouwen en het afweersysteem te onderhouden. Glucose is ook een energiebron voor dit hele proces en wordt via zogenaamde wortelknopen ook gedeeld met andere bomen die verzwakt zijn en met de schimmels die de boom helpen mineralen uit de bodem te halen. Deze schimmels helpen ook om voedsel met andere bomen te delen en te communiceren over bedreigingen.
Zuurstof is een restproduct, dat via de bladeren wordt uitgescheiden. Nu is het wel zo, dat bomen zelf ook zuurstof gebruiken. Wortels nemen het uit de bodem op, om samen met glucose de stofwisseling aan de gang te houden. Wat over is staat ter beschikking aan dieren die zuurstof gebruiken. Een gemiddelde boom van meer dan 80 jaar levert zo zuurstof voor ongeveer 7-8 mensen.

Ik leg CO2 vast
Zoals hierboven al beschreven is, halen planten CO2 uit de lucht en zetten dat via de fotosynthese om in losse koolstof- en zuurstofatomen. Hoe ouder een boom wordt, hoe groter zijn kroon en hoe meer bladeren daarin aan fotosynthese doen. Dus de hoeveelheid CO2 die een boom in een groeiseizoen kan vastleggen is afhankelijk van zijn omvang, dus ook van zijn leeftijd. In de dikke stam en takken kunnen zo tientallen, tot honderden tonnen aan koolstof worden vastgelegd. 
Als een boom sterft zullen talrijke micro-organismen het hout opruimen. Daarbij komt de koolstof dus weer terug in de atmosfeer. Dat is een proces van vele tientallen jaren. Als we besluiten dat hout 'te oogsten' en na droging te gebruiken voor nuttige voorwerpen, kan die CO2 teruggave nog tientallen jaren worden uitgesteld. Hout verbranden voor bijvoorbeeld energie opwekking (biomassa) is daarom een slecht idee. De verbranding gaat veel sneller dan de natuur opnieuw kan vastleggen. Waar een boom 100 jaar over gedaan heeft, zal in een energiecentrale binnen 40 minuten verbrand zijn. 

Ik onderschep en verbruik regenwater
Eerst eens dat 'onderscheppen' uitleggen. Tijdens een regenbui zullen waterdruppels zich hechten aan de bladeren, takken  en de stam van een boom. In de scheikunde wordt dit adhesie genoemd. Zodra dat zoveel wordt dat de zwaartekracht het wint van de adhesie, zal het water verder naar de bodem zakken. Ondertussen heeft de boom in zijn structuur alle honderden liters vastgehouden. Dat gaat vertraagd naar de bodem, zodat het daar rustig kan bezinken. Ondertussen wordt een deel van het water alweer verdampt. Hieraan is natuurlijk een maximum gesteld. Als er in een seizoen minder regen valt, wordt dat maximum niet gehaald. Maar dan lijdt de boom waarschijnlijk ook aan droogtestress. Voldoende regen is belangrijk en zoals we hierboven al zagen, zorgen bomen (bossen) zelf ervoor dat er (elders) opnieuw regen valt. Dit is trouwens het principe waardoor regenwouden kunnen bestaan, ze creëren hun eigen klimaat om te groeien. Als dit proces onderbroken wordt, dreigt droogte en kunnen woestijnen in de plaats van de regenwouden ontstaan. Dit zien we momenteel op veel plaatsen in bijvoorbeeld de Amazone, Madagaskar en Centraal Afrika gebeuren.

Waar geen bomen staan heeft water vrij spel en ontstaan overstromingen.

Het verbruik van water wordt geregeld door de wortels, die het water uit de bodem halen. Voorwaarde is dat er water beschikbaar is en de wortels er bij kunnen. Bomen die op hun groeiplek gekiemd zijn, 'kennen'  de omstandigheden en ontwikkelen wortels die dat water wel weten te vinden. Bomen van de boomkweker beschikken niet over die kennis en hun wortels zijn gewoonlijk flink teruggesnoeid. Deze bomen weten het grondwater moeilijker te vinden en dreigen zonder extra zorg vaak te verdrogen. Dit is met name het lot van stadsbomen.
Een volwassen boom kan op warme zomerdagen gemakkelijk 300 tot 500 liter water verbruiken. De wortels nemen dat uit de bodem op en transporteren dit naar de bladeren. Lang werd gedacht dat dit oppompen gebeurt door het vacuüm dat door verdamping ontstaat. Maar die gedachte gaat mank als je je realiseert, dat in het voorjaar water naar de knoppen wordt gepompt, die dus nog moeten ontluiken. En zo'n vacuüm werkt ook niet tot 60 of 80 meter hoogte. Er moet dus een ander mechanisme aan het werk zijn, maar wetenschappers zijn er nog steeds niet achter wat dat dan precies is.
Doordat bomen zoveel water onderscheppen en verbruiken dragen zij bij aan het voorkomen of verminderen van wateroverlast. Waar geen bomen staan heeft water vrij spel, met vaak catastrofale gevolgen.

Ik filter luchtverontreiniging 
Bomen halen niet alleen CO2 uit de lucht. Ze halen er onder andere ook stikstofoxiden uit, maar ook zwaveloxide en ozon. De bladeren ademen dat in en deze schadelijke gassen worden in het fotosynthese proces geneutraliseerd. Ze worden via een laag onder de schors, het floëem genaamd, naar de wortels gebracht en daar opgeslagen. Bodemschimmels verwerken dat en zo worden die schadelijke gassen uiteindelijk onschadelijk gemaakt.
In de structuur van de boom wordt ook fijnstof afgevangen. We onderscheiden hierin PM10, PM2,5 en tegenwoordig ook PM1,0. PM10 zijn relatief grove deeltjes, maar omdat PM2,5 en PM1,0 heel klein zijn kunnen ze fijner longweefsel bereiken en daar schade aanrichten. Bomen kunnen deze deeltjes dus afvangen. Met de volgende regenbui spoelt het naar de bodem waar micro-organismen het verwerken. 
Niet alle boomsoorten zijn even goed in dat filteren. Hoe kleiner en fijner het blad hoe beter ze presteren. Coniferen doen het dus beter dan loofbomen. Ook presteren ze beter als ze dicht bij de bron staan, maar niet te dicht op elkaar. De wind moet er gemakkelijk doorheen kunnen waaien.

Ik koel mijn omgeving
Voor de fotosynthese heeft de boom behalve licht ook water nodig. Dat water komt via poreuze cellen aan de buitenkant van het kernhout, het xyleem, vanaf de wortels naar de bladeren. Een deel van dat water wordt gebruikt voor transport van glucose naar de wortels terug. Het grootste deel van het water verdampt en dat zorgt voor verkoeling. Koele lucht is zwaarder dan warme lucht en zakt dus omlaag en verspreidt zich in de omgeving. Tot wel 100 meter van de bomen verwijderd. Daarnaast zorgt ook de schaduw van de kroon voor enige verkoeling. Zo kan het gebeuren dat het in de directe omgeving van bomen tot wel 7 graden koeler is dan onder de directe zon. Het maakt voor je welzijn wat uit of het 36 of 29 graden is.
Een voorbeeld zagen we deze zomer in een reportage over extreme warmte in de zuidelijke staten van de VS. Wat bleek? De mensen die het meeste van de hitte te lijden hadden woonden in de stad, waar vrijwel geen bomen stonden. Alleen veel asfalt en beton. Omdat dit in de nacht onvoldoende afkoelt doet de zon er de volgende dag nog een schepje bovenop. De hitte cumuleert. In de buitenwijken waar mensen hun straten en tuinen met bomen beplant hebben werd niet over hitte geklaagd.
Ook op plaatsen waar op grote schaal ontbossing heeft plaatsgevonden lijden mensen en hun (huis)dieren onder de extreme hitte. Er groeit niets meer en behalve de hitte krijgen ze ook nog met gebrek aan voedsel en (drink)water te maken. Hongersnood is het gevolg.

Plant meer bomen zou een goede raad zijn. Maar de bomen die we dan planten komen uit kwekerijen. Ze zijn snel opgekweekt met ontoereikende wortels, want die zijn alleen maar lastig bij het planten op de eindbestemming. Die bomen hebben moeite om water te vinden en kunnen vaak ook niet communiceren met soortgenoten. Hun wortels raken elkaar niet en vaak ontbreekt het aan de juiste bodemschimmels waarmee ze een verbond kunnen aangaan. Het beste advies is, laat de bomen staan en laat ze oud worden. En geef geschikte ruimte terug aan de natuur, zodat er via een natuurlijk proces opnieuw bossen ontstaan. Die zijn later ook onder extreme omstandigheden levensvatbaar. En plant straatbomen in wisselende groepjes van soortgenoten, zodat ze onderling een band kunnen aangaan. Maar tegelijk zulke groepjes afwisselen met andere soorten om ziekten en plagen beter tegen te gaan. Zo kunnen ook stadsbomen oud worden en dan leveren ze later hun beste prestaties. Bomen doen belangrijke dingen voor jou! Maar ze doen dat in hun eigen tempo.

Zie ook de film die de beroemde Duitse boswachter Peter Wohlleben maakte: The Hidden Life of Trees. Draait waarschijnlijk nog in een bioscoop bij jou in de buurt.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Blijf op de hoogte en abonneer je op updates door rechtsboven je e-mailadres in te vullen.
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

dinsdag 19 januari 2021

Aan klimaatverandering aanpassen gaat te langzaam

 Het Milieuprogramma van de Verenigde Naties waarschuwt in een nieuw verschenen rapport dat de mens zich niet snel genoeg aanpast aan de klimaatverandering. Dit staat in het Adaptation Gap Report 2020, dat in samenwerking met de Technische Universiteit van Denemarken is opgesteld. De bedreigingen van de klimaatverandering zijn hittegolven, bosbranden, stormen, stortbuien, overstromingen en landverschuivingen. Het rapport toont de kloof die er is tussen wat er nodig is om die bedreigingen het hoofd te bieden en wat er concreet gedaan wordt om slachtoffers en schade te beperken. Vooral ontwikkelingslanden lopen hopeloos achter door gebrek aan middelen.

Foto Pixabay. Paradijselijk groen
Er zijn te weinig projecten die de groeiende risico's indammen.

Vooral ontbossing is een groot gevaar. De groene kronen van bomen zijn bij uitstek geschikt om koolstof vast te leggen, hitte te beperken en neerslag te reguleren. Met hun wortels houden ze de bodem vast en gaan erosie tegen. 

Forse uitdaging
Om de opwarming van de aarde tot 1,5 graden te beperken zouden we wereldwijd de uitstoot van CO2 binnen 30 jaar moeten terugbrengen tot 0. Dat gaat beslist niet lukken op de manier waarop we tot nu toe te werk zijn gegaan. Bovendien schuilt er nog een extra gevaar door het massaal vrijkomen van methaan. Ook hebben de onderzoekers zorgen over de mogelijkheid, dat opwarming nog een tijdje na-ijlt, nadat de uitstoot tot 0 is teruggebracht.

Vijf jaar na het Parijs-akkoord blijkt dat van de 193 lidstaten er 139 wel een plan of wet hebben gerealiseerd om de gevolgen van klimaatverandering aan te pakken. Hoe effectief die zijn valt op dit moment moeilijk te zeggen. Bovendien zijn er maar weinig landen die een systeem hebben opgezet om de effectiviteit van hun maatregelen daadwerkelijk te volgen.

Mogelijke aanpassingen zijn onder andere het aanleggen van mangroven bossen, die ook helpen de kust te beschermen tegen hoog water en tsunami's. Andere maatregelen zijn het beschermen en opnieuw activeren van koraalriffen, maar ook herbebossing en vergroenen van steden. Met name in steden zijn de gevolgen van wateroverlast en hittestress groot. Dan is het vooral zaak om oude vitale bomen te beschermen, want hun grote groene kroon is in staat om de gewenste ecosysteemdiensten te leveren. Jonge bomen zijn daartoe pas na tientallen jaren in staat. Maar bij een gebrek aan voldoende oude bomen is het zaak zoveel mogelijk nieuwe bomen aan te planten.

In dit kader is het ook belangrijk dat rivieren de ruimte krijgen. In Europa zijn vrijwel alle rivieren aangepakt om ze binnen een vaste stroom te houden. Meanderen en overstromen zou vaker mogelijk moeten zijn, waar hiervoor ruimte is. Er is nog veel te doen, ook in Nederland.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Blijf op de hoogte en abonneer je op updates door rechtsboven je e-mailadres in te vullen.
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.



zaterdag 7 juli 2018

Groene infrastructuur in steden

Het effect van groen op het leefklimaat in onze steden was al vaker onderwerp van deze BLOG. Aangezien een steeds groter aantal mensen in steden woont en werkt is dit ook een onderwerp waar serieus rekening mee wordt gehouden. Dat blijkt bijvoorbeeld uit een project dat een team van de Universiteit van Kopenhagen, met geld van de EU, in 2017 heeft uitgevoerd. De resultaten van dit project zijn met name voor lokale beleidsmakers interessant en kunnen gedownload worden vanaf de projectwebsite: http://greensurge.eu.


Voor dit project werd samengewerkt met wetenschappers uit vijf verschillende Europese steden en werden in totaal 3000 mensen geïnterviewd. Dit resulteerde in een handboek dat als een online learning project bestudeerd kan worden, of als pdf gedownload.
Ook Wageningen Universiteit publiceerde een longread over dit onderwerp:
https://www.wur.nl/nl/show-longread/Zeven-redenen-om-te-investeren-in-een-groene-stad.htm

Voor een optimaal resultaat dient het totale stedelijke landschap in de strategie betrokken te worden. Groen moet niet uit geïsoleerde plekken binnen de stadsgrenzen bestaan. Ze moeten met elkaar verbonden zijn, zodat zowel mensen als de stedelijke fauna optimaal profiteert en zich steeds in of in nabijheid van groen door de stad kan verplaatsen.
Waarom is dit belangrijk?

Het groen levert een hele serie ecosysteemdiensten die het leven in steden veraangenamen en  helpen kosten voor welzijn en gezondheid te drukken. Daarnaast ondersteunt het groen biodiversiteit: het complex van biologische bouwstenen, waar mensen slechts één deel van zijn en waartussen een onderlinge afhankelijkheid bestaat.

 In een groene omgeving gedragen mensen zich socialer en
dat verbetert tevens de veiligheid.

Voor stadsplanners zijn een paar ecosysteemdiensten extra belangrijk. Het groen, vooral bomen, vermindert hittestress in warme zomers en daarmee onnodige ziekenhuisopnames en strefgevallen. Volwassen bomen onderscheppen tot wel 30.000 liter regenwater per jaar. Ze laten het opgevangen water deels verdampen en deels geven ze het vertraagd aan de omgeving af, waardoor wateroverlast  vermeden wordt. Bomen filteren de lucht en moduleren de luchtstromen binnen de stad. Mensen voelen zich bij groen in het algemeen en bij bomen in het bijzonder gelukkiger en relaxter. Dat zorgt voor lagere zorg- en welzijnskosten. In een groene omgeving gedragen mensen zich socialer en dat verbetert tevens de veiligheid. Groene omgeving zorgt voor een hogere arbeidsproductiviteit en een groene omgeving is aantrekkelijk voor met name horeca ondernemingen. Voor de gemeente is het interessant dat mensen bereid zijn méér te betalen voor vastgoed in een omgeving met groen en water in de nabijheid. Daarmee stijgt ook de OZB.

De stad New York heeft recent becijfert dat van iedere Dollar die ze in bomen investeren 5 Dollar wordt terugverdiend. Ze zijn de stad dan ook flink aan het vergroenen.

Een groene infrastructuur bestaat niet alleen uit lanen en parken, maar ook uit groene voor- en achtertuinen van de inwoners, en groen op de daken, langs gevels en op balkons. Ook stadstuinen passen in dit concept. Net als een IVN initiatief voor de aanleg van 'tiny forest' als leerproject voor kinderen.
Het is daarom niet alleen de gemeente die in de groene infrastructuur moet investeren, maar ook bedrijven en particulieren. Uit het onderzoek is naar voren gekomen, dat een goede samenwerking tussen politiek, gemeentelijke diensten en inwoners tot mooie resultaten kan leiden.

De Deense wetenschappers zetten ook een pluim op de hoed van de stad Utrecht, omdat hier nauw met de inwoners wordt samengewerkt op het vlak van groene infrastructuur. Een voorbeeld van vergroening is ook het 'verticale bos' dat nabij het Centraal Station verrijst.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Blijf op de hoogte en abonneer je op updates door rechtsboven je e-mailadres in te vullen.
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.



donderdag 21 september 2017

Meer extreem weer

In deze BLOG is het thema wateroverlast al eens behandeld, maar de recente ontwikkelingen motiveren me om het nog maar eens aan te kaarten. Zo urgent als op het Amerikaanse continent is de kwestie in ons land gelukkig niet. Dat neemt niet weg dat extreme zomerhitte en pieken in de neerslag ook in onze regio steeds vaker voorkomen. Daarmee worden ook wij getroffen met overlast en schade (gemakshalve voeg ik de hogere zorgkosten en menselijk leed bij hittestress ook onder  'schade').  Er zijn geen middelen om zulke extreemen te vermijden, maar we kunnen er wel de scherpe kantjes van afhalen.
foto: Pixabay

Laten we ons in dit artikel beperken tot wateroverlast door pieken in de neerslag. Dit komt vooral in de zomers voor. Zowel de steden als het buitengebied ondervinden overlast. In die twee gebieden zijn de oorzaken verschillend, maar liggen deels ook in elkaars verlengde. De grote gemene deler in dit verhaal is, dat het hemelwater niet de kans krijgt om lokaal in de bodem te zakken. De gehele infrastructuur is erop gericht om regenwater snel af te voeren. Met de kennis van nu, is dat een foute handelwijze.

Een kuub per 25 m2
De rioleringen zijn berekend op ongeveer 20 mm neerslag. Maar tegenwoordig valt bij pieken al snel 40 mm. Dan is het niet zo vreemd, dat op de lagere delen in de stad de putdeksels omhoog komen en de straten overstromen. Bij zo'n neerslagpiek van 40 mm valt er gemiddeld 1 kubieke meter regenwater op iedere 25 vierkante meter. Dat zijn hoeveelheden die de riolen van onze steden niet aankunnen. Uitbreiden naar hogere afvoercapaciteiten is duur en gaat tientallen jaren duren. Zulke investeringen jagen ons burgers ook nog eens op veel hogere kosten. Daar willen de gemeenten en waterschappen niet aan, zeker niet omdat de natuur het gratis voor ons kan oplossen. Maar dan moeten we wel willen veranderen. Bijvoorbeeld door het verharde oppervlak drastisch te verminderen en meer groen al dat water te laten 'opzuigen'.

Met één klap kunnen we overlast voorkomen en besparen op kosten, terwijl we onze omgeving groener en aangenamer maken.

Laat dat water ter plekke in de bodem infiltreren. Verwijder zoveel mogelijk verharding in de tuinen en de openbare ruimte. Dat betekent dat zowel wij burgers als de lokale overheden maatregelen moeten treffen.

Koppel de afvoerpijp van de dakgoot af. Laat het water de tuinen in stromen, of vang het op in een regenton. Ook ondergronds opslaan in bekkens van speciale kisten of grind is een mogelijkheid. Zorg voor onbedekte grond rondom het huis, waar water direct in de grond kan zakken. Zet er planten, struiken en bomen neer. Dat groen neemt veel water op. Vooral bomen houden veel water vast in de kroon, de takken en de stam (door oppervlaktespanning) en er wordt een groot deel verdampt. Hoe groter (ouder) de bomen zijn, hoe groter hun vermogen om water vast te houden. Eerlijk, de zwaartekracht overwint uiteindelijk, maar het water komt met een flinke vertraging naar de grond.  Vervolgens nemen de wortels het op en verdampt het water via de bladeren. Dat is al een flinke winst, die de scherpe kantjes van wateroverlast af haalt.

Wanneer paden en opritten worden voorzien van klinkers of grind zal ook daar het water gemakkelijker in de grond zakken. Grofweg kun je stellen, dat bij beklinkerde oppervlakken ongeveer 30% infiltreert, de rest vloeit naar het laagste punt.

Wadi's
De gemeenten leggen op strategische plekken in de steden wadi's aan. Ook die kunnen groen ingericht worden. Er zijn boomsoorten die de wisselende waterstanden tolereren, bijvoorbeeld essen en wilgen. Als zo'n wadi droog staat en onderdeel is van een (klein) park, levert dat ook nog eens extra maatschappelijke voordelen op. Over de ecosysteemdiensten van zulk groen lees je elders in deze BLOG meer. Lees ook deze publicatie van WageningenUniversiteit:  https://www.wur.nl/nl/show-longread/Zeven-redenen-om-te-investeren-in-een-groene-stad.htm 

Groene daken
Wie een gebouw met plat dak bezit kan ervoor kiezen dit te beplanten. Ook hiermee komt het water met (aanzienlijke) vertraging op de bodem terecht. Bovendien geven gemeenten voor groene daken subsidie. Groene daken isoleren ook prima, zodat het in de zomers binnen aangenaam koel blijft en in de wintermaanden de kou buiten. Zo is er met groene daken dus ook op de energierekening te sparen.
Tijdens periodes van extreme droogte moeten groene daken wel nat gehouden worden, want als de planten verbranden in de zon verliezen ze hun functie. Bovendien hebben groene daken een langere levensduur dan traditionele daken.

Als de lokale overheden en de particulieren zulke eenvoudige maatregelen nemen is er niet alleen veel geld te besparen, maar ook milieuwinst te behalen. We maken onze omgeving groener en daarmee aangenamer. Twee vliegen in één klap. Wie wil dan nou niet?

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Blijf op de hoogte en abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

vrijdag 30 juni 2017

Hoe beoordeel je eco-systeemdiensten?

Dankzij de biodiversiteit kan de natuur ons alles leveren wat nodig is om als soort te overleven. Voorwaarde is is, dat de natuur in evenwicht is. Dan levert dat samenspel van biodiversiteit gratis wat we nodig hebben. Verstoren we dat evenwicht dan rijzen de kosten om te overleven de pan uit. Daar profiteert alleen de industrie van en als burger/consument trek je aan het kortste eind.
Biodiversiteit is meer dan een verscheidenheid van soorten binnen een bepaald ecosysteem. Het gaat om de samenhang van die soorten. Als dat in evenwicht is levert dat ecosysteem ons diensten: de ecosysteemdiensten. Je kunt het ook de maatschappelijke baten noemen.
Schema ecosysteemdiensten: www.biodiversiteit.nl

Ecosystemen leveren diensten die onmisbaar zijn voor een gezond en evenwichtig bestaan van alle levende wezens, dus ook van mensen. Het verlies van soorten brengt het ecosysteem uit haar evenwicht. Een onstabiel ecosysteem bedreigt het voortbestaan van soorten, die deel uitmaken van het ecosysteem, of die ervan afhankelijk zijn. En de mens is ook een van die soorten die deel uitmaken van het ecosysteem.

Wat biedt ons het ecosysteem?
De ecosysteemdiensten bestaan uit een breed scala van onderwerpen.
Denk aan:

  • Drinkwatervoorziening
    Het grootste deel van het water op Aarde is zout. Via de waterkringloop verkrijgen we zoet water dat we voor allerlei doeleinden gebruiken. De natuur zorgt voor verdeling en helpt bij de filtering van het water. Helaas is zoet water niet over de gehele Aarde gelijk verdeeld en dat kan wel eens tot lokale conflicten leiden.
  • Waterberging of buffer
    Regenwater komt soms op momenten dat we het niet allemaal nodig hebben. Bodem structuren, rivieren, meren en vegetatie  bufferen het water, zodat het niet meteen naar de zouten oceanen terugvloeit.
  • Koelte in de stad
    Planten en vooral bomen zorgen door schaduw en verdamping voor koelte in stedelijke gebieden en verlagen zo de kans op hittestress in de steeds vaker voorkomende periodes van extreme warmte.
  • Stoffilter
    Planten en vooral bomen kunnen met hun structuren (bladeren en takken) fijnstof filteren. Mits de juiste soorten op de juiste plekken worden ingezet.
  • CO2 opslag
    Via fotosynthese kunnen groene planten koolstof vastleggen.
  • Zuurstof
    Een bijproduct van fotosynthese is zuurstof. Zonder zuurstof is het leven zoals wij dat kennen niet mogelijk.

               De biodiversiteit is ons natuurlijk kapitaal.
  • Grondstoffen
    Planten en dieren leveren grondstoffen die wij mensen gebruiken om producten te maken die het leven aangenaam maken. Zelfs medicijnen worden vaak zo gemaakt.
  • Voedsel
    Planten en dieren vormen tevens een bron van voedsel. Dat kan niet tot stand komen zonder medewerking van organismen, zoals insecten, bacteriën en schimmels. Die zorgen voor bestuiving, voor voeding uit de bodem, voor fermentatie, etc.
  • Genetisch materiaal
    Een rijke biodiversiteit is een bron voor genen om die diversiteit in stand te houden. 
  • Cultuur
    Groen in de omgeving en de grondstoffen die de natuur levert, dienen vaak als ankerpunt voor onze identiteit en worden gebruikt om daar uiting aan te geven.
  • Beheersing van plagen en ziekten
    De natuur is heel goed in staat om plagen te beheersen, mits de biodiversiteit in evenwicht is. Er zijn dan geen, of nauwelijks, chemische middelen nodig.
  • Energie
    Duurzaam geoogst groen en zogenaamde reststromen leveren 'biobrandstoffen'. Van zonlicht, wind en bewegend water kunnen we duurzaam hernieuwbare elektriciteit maken. 
Duurzaamheid
Het bijzondere van ecosystemen is dat zij meerdere diensten tegelijk leveren. Denk aan een bos, dat windstromen afremt, koolstof opneemt, de lucht filtert, zuurstof produceert en hout als bouwstof levert. Dit nog los van planten in het bos die als voedsel of medicijn gebruikt kunnen worden.  Dit blijft duurzaam beschikbaar, mits we geen verstorende ingrepen plegen. En dat gratis, of tegen zeer lage kosten.
Groene ecosystemen kunnen ook helpen het water in steden te beheersen, zodat bij pieken van neerslag niet direct de zaak overstroomt. Mits goed uitgevoerd zijn deze structuren over langere termijnen en tegen zeer lage kosten inzetbaar. De komende jaren wordt deze ecosysteemdienst steeds belangrijker

Soms verandert er iets in een ecosysteem en bereikt die verandering een kantelpunt. Dan ontstaat een ketenreactie van gevolgen, die niet meer terug te draaien zijn. Bijvoorbeeld in een koraalrif sterven massaal zee-egels als gevolg van een ziekte. Daardoor raakt het koraal overgroeid met algen en ook het koraal sterf af. Zo verdwijnt een belangrijk leefgebied voor talrijke vissoorten, ook soorten die voor de visserij belangrijk zijn. En het gebied is minder aantrekkelijk voor toeristen. Zo'n ineenstorting van een ecosysteem heeft dus niet alleen grote gevolgen voor de natuur, maar ook voor de economie. De biodiversiteit is ons natuurlijk kapitaal.

#TreeTag
Medio 2020 werd in meerdere steden in Europa begonnen met het aanbrengen van TreeTags. Dit is een waterdicht verpakt document met cijfers en pictogrammen om de waarde van bomen aan te tonen. Bijvoorbeeld hoeveel zuurstof deze boom produceert, hoeveel water hij verbruikt, hoeveel CO2 hij opslaat en hoeveel koeling hij verschaft. 
Deze tags worden aangebracht op monumentale bomen die op plaatsen staan waar veel mensen komen. Zo wordt de boodschap wijd verspreid.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Blijf op de hoogte en abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.


zaterdag 17 december 2016

Kun je zelf iets tegen klimaatverandering doen?

Door klimaatverandering gaan we een tijd vol rampspoed tegemoet. Dit klinkt nogal pessimistisch, maar we moeten ook reëel zijn. Door opwarming zullen we vaker met hittestress te maken krijgen, meer kans op overstromingen door hevige regenval, smeltende gletsjers en smeltend poolijs. Dit leidt tot extreme droogte op één deel van de wereld en overstromingen in een ander deel. Nu al worden er oorlogen gevoerd om de gevolgen van deze veranderingen, met name door water- en voedseltekort.
Wat kun jij doen om de klimaatverandering af te remmen?
Onder het motto, verander de wereld, begin bij jezelf, hier in drie delen een aantal tips om zelf in actie te komen.
Foto Pixabay. opwarming bedreigt ons landschap.

Niet alle tips die hier volgen zijn voor ieder uitvoerbaar. Toch wil ik je aansporen iets tegen de klimaatopwarming te doen. Als we allemaal doorgaan zoals we dat al decennia lang doen, dan zullen we de gevolgen daarvan voelen. We laten bovendien aan de komende generaties een wereld na, die hun nog eeuwen vijandig gezind zal zijn.

Stop het gebruik van fossiele brandstoffen
Dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan. Het verminderen van het gebruik van fossiele brandstoffen is wel al in gang gezet. Ook het gebruik van deze stoffen als grondstof voor talrijke producten wordt geleidelijk minder. Het besluit om Nederland binnen enkele decennia gasvrij te maken is bemoedigend. Met het toenemen van de welvaart neemt echter het energiegebruik nog steeds toe. Dat moet dan met elektrische energie worden ingevuld. Windenergie? Zonne-energie? Of wellicht iets anders, zoals MSR/Thorium reactors als tussenoplossing? Nieuwe ontwikkelingen op het gebied van fotovoltaïsche technieken, bijvoorbeeld met stroomopwekkend glas, geeft goede hoop, dat we niet alle kaarten op windenergie moeten zetten. Iedere manier om energie op te wekken heeft nadelige bijwerkingen. We zullen daarom moeten diversificeren en 'smart grids' inzetten om de beschikbare energie effectief te verdelen.
Kunststoffen van fossiele grondstoffen worden vervangen door zogenaamde bio based oplossingen. Dit is tevens een manier om van een deel van ons afval af te komen.
Voedselproductie zal meer op de eigen regio gericht moeten worden. Productie en vervoer van landbouwgewassen vanuit verre landen kost heel veel energie. Voor een groot deel gaat dat per vliegtuig, en het vliegverkeer zal het langste van alle vervoersmethoden aan olie gebonden blijven. Het is ook niet eerlijk om in een warm land met veel armoede ons voedsel te produceren. Het moet zo goedkoop mogelijk, want de consument in de rijke landen let op de kleintjes, en voor de inheemse bevolking blijft vrijwel niets over. Ja, dollars waarmee ze op de wereldmarkt (duur) voedsel kunnen kopen. Zo zal Afrika nooit de graanschuur van de wereld worden, want de Afrikaanse bodem produceert net genoeg voor de eigen bevolking. En willen wij hun dat brood uit de mond stoten? Natuurlijk niet(?).

Zorg voor een goede infrastructuur
In Nederland en België worden energie neutrale gebouwen ontwikkeld. Al menige nieuwbouwwijk wordt zonder gasaansluiting opgeleverd. Warmte komt van bronnen, die daar een overschot van hebben. Door de gebouwen goed te isoleren is ook minder warmtetoevoer nodig. Koken op inductieplaten kost minder stroom. Slim geplaatste ramen zorgen ervoor dat we minder snel de verlichting aanzetten. Gloeilampen worden vervangen door LED-verlichting. Straatverlichting gebeurt met LED-systemen en steeds vaker worden die met bewegingsmelders aangestuurd. Zo kan de basisverlichting minimaal zijn en wordt feller licht ingeschakeld als daar behoefte aan is. Zo is het 's nacht donker en veilig door verlichting 'on demand'.
Goede wegen zorgen ervoor dat er met constante snelheid gereden kan worden. Dat kost minder energie dan slalommen om obstakels en aanschuiven in de file. Door toenemende welvaart lopen de wegen weer vol en staat we toch regelmatig stil of rijden stapvoets. Moeten we dan wegen bijbouwen en bestaande wegen verbreden? Ja en nee. Er bestaat geen 'beste antwoord' op deze vraag. Stilstand moet vermeden worden. Maar meer asfalt is niet altijd de beste oplossing. Die loopt ook weer binnen no time vol. Er moeten alternatieven komen, zodat er meer met collectief vervoer getransporteerd wordt. Een uitdaging voor het openbaar vervoer. Maar jij en ik kunnen al vast wat vaker de trein nemen.
Klimaatverandering zal ook als gevolg hebben, dat méér mensen in de stad willen wonen. Hiermee wordt het noodzakelijk om meer te bouwen. Maar bouwkundigen zullen naar andere oplossingen moeten kijken, dan de traditionele manier van bouwen. Cement is één van de grootste veroorzakers van CO2 vervuiling. En beton en asfalt in de steden zijn de belangrijkste oorzaken van hittestress in de zomer. Hoe langer een bouwproject duurt, hoe langer er voor het bouwen energie wordt gebruikt. Bouwen moet dus ook sneller en efficiënter.

Minder verbruiken
De simpelste manier om de productie van broeikasgassen te verminderen is minder kopen. Of, misschien een beetje vreemd advies, koop juist bulk of grootverpakkingen. Dat is niet alleen goedkoper, je vermindert ook het gebruik van verpakkingsmaterialen. Juist die verpakkingsmaterialen zijn een grote bron van milieuvervuiling. Bedenk ook, dat kartonnen verpakking minder milieuvriendelijk is dan je denkt.
Nu is het niet allemaal zwart-wit. Want er zijn producten die door individuele verpakking langer vers blijven, waardoor minder voedsel verspild wordt. Denk bijvoorbeeld aan komkommers. Het zou alleen geweldig zijn als hiervoor binnen afzienbare tijd bio based plastics worden gebruikt, die het milieu niet of minder belasten. Het beperken van verspilling is óók winst voor het milieu.
Koop vooral lokale producten van het seizoen. Waarom aardbeien met kerstmis?
Sta je op het punt een nieuwe auto te kopen? Overweeg dan een elektrische of op z'n minst een hybride. Beperk het gebruik van benzine of diesel. Nou zul je denken, ja hallo, elektrische auto's moeten met elektrische energie opgeladen worden en die stroom komt nog te vaak van fossiele brandstoffen. Zeker, dat is waar. Maar bedenk ook, dat het overheidsbeleid op schone stroomproductie gericht is. In de toekomst is die stroom beslist groener dan nu het geval is. En, niet onbelangrijk, het rendement van een elektromotor is ongeveer 30%, die van benzine slechts 11%.

Beperk het forensenverkeer
Ga dichter bij je werk wonen. Er zijn mensen die zich dagelijks kwellen door eindeloos in de file te staan, gewoon omdat ze kilometers ver van hun werk wonen. Ook de overvolle treinen in de spits zijn mede het gevolg van die forensen. Als je dichter bij je werk woont, kun je met de fiets of zelfs te voet naar je werk. Of je pakt het openbaar vervoer (de bus) over een korte afstand. Als dat echt niet kan, is het te overwegen om vaker thuis te werken. Of buiten de spitstijd reizen. De files veroorzaken niet alleen schade aan het milieu, maar kosten de maatschappij regelrecht geld. Met stilstaan is geen geld te verdienen. Bovendien is het een dagelijkse aanslag op ons humeur.
Als we minder makkelijk woon-werkverkeer over grote afstanden voor lief nemen is dat een stimulans voor de industrie om de productie meer over het land te spreiden. Dat is dan ook goed voor de achtergestelde regio's, waar werkloosheid nu nog een structureel probleem is.

Volgende week nog meer tips om klimaatverandering tegen te gaan.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

vrijdag 2 september 2016

Wat kun je doen tegen hitte in de steden?

In 2012 publiceerde het UCAM, een samenwerkingsverband met onder andere Wageningen Universiteit, KNMI en het ingenieursbureau Witteveen+Bos het rapport Wijkgerichte beoordeling van hitte in de stad. Hierin wordt aangegeven dat het probleem met stedelijke hitte wel breed onderkend wordt, maar het heeft bij de bestuurlijke macht geen prioriteit. Bovendien wordt de complexiteit van het probleem onderschat. Dat is jammer want de kortdurende hittegolven hebben een grote invloed op de gezondheid van ouderen en zwakken in de samenleving en op de productiviteit van de rest van de bevolking.

Schema uit het UCAM eindrapport, het Urban Heat Island effect.
Op zeer warme zomerdagen zullen ouderen en zwakke mensen een groter beroep doen op de gezondheidszorg. Bovendien stijgt de sterfte tijdens die dagen. In 2003 telden we in Europa tijdens een hittegolf 45.000 meer sterfgevallen dan gebruikelijk.
De mensen met een betere gezondheid zullen tijdens extreem warme dagen in een lagere versnelling schakelen. Dit leidt dan tot een lagere productiviteit. Daar staat tegenover dat mensen verkoeling zoeken, wat dan weer kansen voor ondernemers oplevert.
In de steden wonen meer mensen dichter op elkaar dan in de buitengebied. Als er dan iets mis gaat, treft het meteen méér mensen. Niets doen aan verstedelijkt gebied kost de gemeenschap geld.

Groen tegen hitte

Deze blog heet niet voor niets "Groen en Welzijn". We kijken dus even naar de hoofdstukken van het UCAM rapport, waarin de invloed van groen beschreven wordt. Er wordt trouwens ook aandacht besteed aan de blauwe factor, want ook van oppervlaktewater gaat een koelend effect uit.

In de onderzoeken is alleen gekeken van de invloed van gras in de wijken. Hier blijkt dat gras een marginaal effect heeft. Alleen als gras tijdens extreme hitte goed nat wordt gehouden, is het verkoelende effect merkbaar. Vooral verdamping zorgt voor een verkoeling van de directe omgeving.

Het effect van bomen is wat gecompliceerder en daardoor moeilijker te berekenen. Algemeen wordt erkent dat bomen een groter verkoelend effect hebben dan gras. Dat komt doordat bomen gemakkelijker aan voldoende water kunnen komen voor verdamping. Overigens verschilt dit per leeftijd van de boom, standplaats en boomsoort. Daarnaast is het oppervlak aan groen, waar de verdamping plaatsvindt, bij bomen veel groter dan bij gras. Maar ook dit verschilt per boomsoort, standplaats en de leeftijd van de bomen. Hoe ouder een boom, hoe groter zijn kroon, hoe meer hij bijdraagt aan verkoeling van zijn omgeving. Tenslotte speelt ook de schaduw onder bomen een rol bij verkoeling, al is dit zeer plaatselijk. Ook hier speelt, hoe ouder (groter) de boom, hoe meer profijt je er van hebt.

In het rapport wordt ook een lans gebroken voor de aanleg van groene daken. Hoe meer stedelijk oppervlak je kunt vergroenen, hoe minder de hitte accumuleert in beton en asfalt.

Groene filters
Tijdens extreme hitte laat zich het effect van vervuilende gassen en stof in het milieu sterker gelden. Het leidt tot vorming van ozon en smog. Daarom is het belangrijk dat deze vervuiling zoveel mogelijk uit de lucht gefilterd wordt. Dat is in het algemeen belangrijk, maar tijdens hittegolven maakt luchtvervuiling het probleem alleen maar erger. 

Door de juiste bomen op de juiste plekken in de steden te planten wordt een groot deel van de luchtvervuiling weggefilterd. Ook groene daken en gevelbeplanting kunnen hieraan bijdragen. Vooral klimop heeft in die zin een sterke reputatie.

Het probleem met hitte en luchtvervuiling is niet overal in de stad hetzelfde. Het UCAM rapport pleit dan ook voor een wijkgerichte aanpak. Toegegeven, zo'n aanpak maakt het voor een gemeente niet goedkoper. Daar staat tegenover dat er op de daarop volgende 10-30 jaar veel meer dan gebruikelijk bespaard kan worden op kosten voor welzijn en gezondheid. Bovendien levert al dat groen ook de nodige maatschappelijke baten op andere gebieden. Die baten zijn vaak niet op voorhand exact te bereken in klinkende Euro's. Dat is een handicap bij het plannen van groen in de openbare ruimte. Maar een tool als TEEB-stad kan de gemeentelijke beleidsmakers een redelijke indicatie geven van de maatschappelijke baten van groen (en blauw).

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.