Posts tonen met het label welzijn. Alle posts tonen
Posts tonen met het label welzijn. Alle posts tonen

dinsdag 5 mei 2026

Als de dokter je het bos in stuurt

 

In Japan is het al heel lang een gevestigde traditie: bosbaden. De dokter schrijft je een boswandeling voor. Het idee hierachter is, dat een verblijf in een bos je gezondheid bevordert. Dat willen Europese onderzoekers graag toetsen. Is het een kwestie van zelfsuggestie of is het ook fysiek aantoonbaar?

In de Vogesen is een proefproject gestart en de resultaten zijn veel belovend. Bij eerdere onderzoeken in Frankrijk en Scandinavië werd al een cocktail van vluchtige stoffen vastgesteld, die direct invloed hebben op de fysiologie van mensen. Die gassen zorgen voor verlaging van cortisol en een actiever immuunsysteem. In het nieuwe Europese onderzoek worden dezelfde effecten op welzijn en gezondheid bevestigd. Wel wil men nog uitzoeken of er verschillen zijn in boomsoorten, seizoensinvloeden of biodiversiteit. We wachten het af.

Het idee dat de dokter je binnenkort een 'driemaal wekelijkse boswandeling' voorschrijft is dan ook helemaal niet vergezocht. Het is gratis en het effect is aantoonbaar. Kan nog een serieuze concurrent van de apotheek worden.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn - Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl).|
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

Lees e-books Business Skills: https://www.bravenewbooks.nl/wvl-business-skills carrière inspiratie.

Deze roman/thriller is ook te koop via
BOL.com.

vrijdag 18 juni 2021

Moeten we vaker hout gebruiken?

 Sinds de oprichting in 2017 ben ik bestuurslid van WEERTERLANDHOUT, een stichting die zich inzet voor duurzaam gebruik van lokaal hout. Anders gezegd, de bomen die de gemeente moet laten kappen worden bij ons gebruikt om spullen van te maken waardoor de opgeslagen koolstof nog jaren gebonden blijft. Als WLH bestuurder promoot ik dan ook het duurzaam hergebruik van bomen. Maar ja, ik heb ook een andere pet op, die van natuurbeschermer en bomenspecialist.

Foto: Pixabay - Houtbouw


Dus roep ik ook vol overtuiging: Laat die bomen zo lang mogelijk staan! Zolang ze vitaal genoeg zijn leveren ze ons belangrijke diensten die ons leven aangenamer maken en helpen de klimaatverandering te beheersen. (#TreeTag)

Is het je opgevallen? Ik roep niet: Plant meer bomen! Daar ben ik trouwens niet tegen, verre van... Maar jonge bomen presteren niet in dezelfde mate als grote volwassen bomen. Dat heeft allemaal te maken met de omvang van de met bladeren bedekte kroon. Hoe meer groen, hoe beter de ecosysteemdiensten. En natuurlijk ben me ervan bewust dat ook die geweldige bomen niet het eeuwige leven hebben. Verjonging is nodig. Het is ook helemaal niet erg als we op beperkte schaal bomen kappen om te gebruiken in bijvoorbeeld de woningbouw. Als het maar op verantwoorde manier gebeurt in bossen die daarvoor speciaal zijn aangeplant. Blijf van de oerbossen af! Dat zijn namelijk kwetsbare ecosystemen met unieke biodiversiteit. Dat gaat verloren als je daar hout gaat oogsten.

Als dan tegelijk massaal bomen gekapt worden om als biobrandstof te dienen stevenen we
recht op een milieuramp af.

Een grote domper op het duurzaam gebruik van hout is de bomensterfte door de letterzetter (kever) in met name Duitsland. Miljoenen voor de houthandel bestemde bomen zijn onbruikbaar geworden en moesten preventief worden gekapt om de uitbreiding van de plaag een halt toe te roepen. Tegelijk is de vraag naar hout alleen maar toegenomen. Niet alleen voor de bouw en houten producten, maar bijvoorbeeld ook voor de chemie, die uit cellulose en lignine (de chemische bouwstenen van hout) ecologisch verantwoorde producten kunnen maken. Bijvoorbeeld om fossiele brandstoffen (deels) te vervangen en als alternatieve bouwstof ter vervanging van beton. Door al die initiatieven stijgt de vraag naar hout. Het is voor de bosbouw al moeilijk genoeg om op ecologisch verantwoorde wijze aan te voldoen. Als dan tegelijk massaal bomen gekapt worden om als biobrandstof te dienen stevenen we recht op een milieuramp af. Het gebruik van bomen voor biobrandstof moet stoppen, te beginnen door de subsidie daarop af te schaffen.


Hout verbranden voor energie is niet meer van deze tijd

Het gebruik van hout als biobrandstof zou nodig zijn om aan de gestelde klimaatdoelen te kunnen voldoen. Maar dat is op z'n minst een beetje dubbel. Als je resthout gebruikt (zonder de smoes dat je bossen moet uitdunnen wat dan resthout oplevert) zou dat in principe mogen. Resthout is zaagsel en stukken hout, die overblijven in de houtindustrie. Dode bomen en takken horen in het bos te blijven, alleen in productiebossen mag je ze opruimen.  Dit is wat over resthout binnen de Verenigde Naties afgesproken is.
Het verbranden van hout voor de opwekking van energie is echter niet meer van deze tijd. Bovendien zorgt het voor aanzienlijke gezondheidsschade door fijnstof en chemische luchtverontreiniging. Als astma patiënt kan ik daarover meepraten. Eigenlijk zou het gebruik van openhaarden en allesbranders verboden moeten worden. Gezellig is het wel, maar het tast de gezondheid van buurtbewoners aan.

Is het dan wel raadzaam om meer houten huizen te bouwen? 
Als het hout van duurzaam beheerde bosbouw afkomstig is, heeft het bouwen van houten huizen veel voordelen. Om te beginnen worden houten huizen in fabrieken gebouwd, in delen naar de bouwplaats gebracht en daar afgemonteerd. Er wordt veel minder gebruik gemaakt van beton, waardoor het bouwproces minder CO2 oplevert. Ook zijn er minder transporten nodig, omdat hout veel lichter is dan stenen en beton. En in het gebruikte hout blijft de opgeslagen koolstof  lange tijd vastliggen. Na afloop van de levensloop van het huis kan het vrijkomende hout voor een groot deel weer voor andere producten dienen. Hout is stevig materiaal dat zelfs voor hoogbouw geschikt is. Dat is inmiddels in verschillende projecten bewezen. Hout is ook veiliger brand, wat je misschien niet zou verwachten. Maar bij een brand blijft de constructie langer overeind en dat vergroot de kans om te ontsnappen.

Een houten huis biedt de bewoners ook meer wooncomfort dan een stenen huis. De natuurlijke isolatie is beter en het materiaal ademt. Het voelt in de winter warmer aan en in de zomer koeler. Langs deze weg helpt het ook om energie te besparen.

Bij leven zorgen bomen voor een aangename en gezonde leefomgeving. Ook als de boom dood is kan hij ons als bouwmateriaal en grondstof voor gebruiksvoorwerpen nog van dienst zijn. Bomen hebben dus alleen maar voordelen. Koester daarom vitale oude bomen en gooi dode bomen niet in de verbrandingsoven. Ze spelen nog een belangrijke rol in de natuur en als grondstof kan het onze wereld een stuk duurzamer maken.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Blijf op de hoogte en abonneer je op updates door rechtsboven je e-mailadres in te vullen.
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.


zaterdag 7 juli 2018

Groene infrastructuur in steden

Het effect van groen op het leefklimaat in onze steden was al vaker onderwerp van deze BLOG. Aangezien een steeds groter aantal mensen in steden woont en werkt is dit ook een onderwerp waar serieus rekening mee wordt gehouden. Dat blijkt bijvoorbeeld uit een project dat een team van de Universiteit van Kopenhagen, met geld van de EU, in 2017 heeft uitgevoerd. De resultaten van dit project zijn met name voor lokale beleidsmakers interessant en kunnen gedownload worden vanaf de projectwebsite: http://greensurge.eu.


Voor dit project werd samengewerkt met wetenschappers uit vijf verschillende Europese steden en werden in totaal 3000 mensen geïnterviewd. Dit resulteerde in een handboek dat als een online learning project bestudeerd kan worden, of als pdf gedownload.
Ook Wageningen Universiteit publiceerde een longread over dit onderwerp:
https://www.wur.nl/nl/show-longread/Zeven-redenen-om-te-investeren-in-een-groene-stad.htm

Voor een optimaal resultaat dient het totale stedelijke landschap in de strategie betrokken te worden. Groen moet niet uit geïsoleerde plekken binnen de stadsgrenzen bestaan. Ze moeten met elkaar verbonden zijn, zodat zowel mensen als de stedelijke fauna optimaal profiteert en zich steeds in of in nabijheid van groen door de stad kan verplaatsen.
Waarom is dit belangrijk?

Het groen levert een hele serie ecosysteemdiensten die het leven in steden veraangenamen en  helpen kosten voor welzijn en gezondheid te drukken. Daarnaast ondersteunt het groen biodiversiteit: het complex van biologische bouwstenen, waar mensen slechts één deel van zijn en waartussen een onderlinge afhankelijkheid bestaat.

 In een groene omgeving gedragen mensen zich socialer en
dat verbetert tevens de veiligheid.

Voor stadsplanners zijn een paar ecosysteemdiensten extra belangrijk. Het groen, vooral bomen, vermindert hittestress in warme zomers en daarmee onnodige ziekenhuisopnames en strefgevallen. Volwassen bomen onderscheppen tot wel 30.000 liter regenwater per jaar. Ze laten het opgevangen water deels verdampen en deels geven ze het vertraagd aan de omgeving af, waardoor wateroverlast  vermeden wordt. Bomen filteren de lucht en moduleren de luchtstromen binnen de stad. Mensen voelen zich bij groen in het algemeen en bij bomen in het bijzonder gelukkiger en relaxter. Dat zorgt voor lagere zorg- en welzijnskosten. In een groene omgeving gedragen mensen zich socialer en dat verbetert tevens de veiligheid. Groene omgeving zorgt voor een hogere arbeidsproductiviteit en een groene omgeving is aantrekkelijk voor met name horeca ondernemingen. Voor de gemeente is het interessant dat mensen bereid zijn méér te betalen voor vastgoed in een omgeving met groen en water in de nabijheid. Daarmee stijgt ook de OZB.

De stad New York heeft recent becijfert dat van iedere Dollar die ze in bomen investeren 5 Dollar wordt terugverdiend. Ze zijn de stad dan ook flink aan het vergroenen.

Een groene infrastructuur bestaat niet alleen uit lanen en parken, maar ook uit groene voor- en achtertuinen van de inwoners, en groen op de daken, langs gevels en op balkons. Ook stadstuinen passen in dit concept. Net als een IVN initiatief voor de aanleg van 'tiny forest' als leerproject voor kinderen.
Het is daarom niet alleen de gemeente die in de groene infrastructuur moet investeren, maar ook bedrijven en particulieren. Uit het onderzoek is naar voren gekomen, dat een goede samenwerking tussen politiek, gemeentelijke diensten en inwoners tot mooie resultaten kan leiden.

De Deense wetenschappers zetten ook een pluim op de hoed van de stad Utrecht, omdat hier nauw met de inwoners wordt samengewerkt op het vlak van groene infrastructuur. Een voorbeeld van vergroening is ook het 'verticale bos' dat nabij het Centraal Station verrijst.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Blijf op de hoogte en abonneer je op updates door rechtsboven je e-mailadres in te vullen.
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.



vrijdag 28 juli 2017

Waarom meer regen de zee vervuilt

Op het noordelijk halfrond zal steeds meer neerslag vallen. Dat is het gevolg van de opwarming van het klimaat. Dit heeft gevolgen voor de natuur in Europa en Noord-Amerika. Met die regen komt ook veel stikstof naar beneden. Stikstof is een belangrijk  onderdeel (80%) van de lucht, die wij inademen. Bij regen wordt een deel van die stikstof in het water gebonden en komt op de bodem terecht. Bodembacteriën zetten dat om in voeding voor planten. Het is dus een natuurlijke meststof. Maar bij de toenemende hoeveelheden neerslag vloeit steeds meer vervuild water naar de rivieren en de oceanen. Die verzuren zodanig dat dit tot problemen gaat leiden. Een explosieve algengroei is daar één van.
Foto: Pixabay

Dat de oceanen door water vanaf het land worden vervuild met stikstofverbindingen (o.a. ammoniak)  is al tientallen jaren bekend. Deze eutrofiëring van het zeewater is daarmee een aandachtspunt van veel wetenschappers. Zij schatten dat tot 2100 de verzuring met 20% zal toenemen. Dat bedreigt de biodiversiteit in de oceanen en dat heeft gevolgen voor de ecosysteemdiensten van de oceanen: denk bijvoorbeeld aan de visserij en de klimaatregeling via het zeewater.

De wetenschappers dringen daarom aan op het strenger toezien op het gebruik van meststoffen in de landbouw. Vermesting verzuurt niet alleen de akkers en natuurgebieden, maar ook de rivieren en oceanen.
Ook is het goed om te zorgen dat regenwater langer aan land blijft en niet snel via rivieren wegspoelt. Daarmee voorkom je niet alleen overstromingen, maar dit voorkomt ook dat de wereldzeeën verzuren. Als daarnaast méér boeren biologische teelt toepassen, waarbij vooral het bodemleven voor gezonde gewassen moet zorgen, kan een catastrofe in de oceanen nog worden afgewend.

Warmte, water en een gezond bodemleven zorgen voor een overvloedige plantengroei en daar kan de landbouw van profiteren. Werk met de natuur, niet ertegen. Op termijn heeft dat alleen maar voordelen.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Blijf op de hoogte en abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

maandag 5 juni 2017

Waarom is biodiversiteit belangrijk voor ons welzijn?

Biodiversiteit is een begrip dat steeds meer in de belangstelling staat. Is het een hype? Is het een stokpaardje van groenliefhebbers? Of steekt er meer achter? Wageningen Universiteit doet er veel onderzoek naar, want meer kennis over biodiversiteit is zeker belangrijk voor ons welzijn, voor de economie en voor het klimaat. Met meer aandacht voor biodiversiteit kan ook de landbouw efficiënter werken: lagere kosten en hogere opbrengsten. Met de alsmaar groeiende wereldbevolking is dat geen overbodige luxe.
foto: Pixabay

Vanaf dit artikel zullen we met een aantal posts proberen een antwoord te geven op de vraag waarom biodiversiteit zo belangrijk is. Wageningen Universiteit is daarbij onze gids.

Wat verstaan we onder biodiversiteit?
Simpel gezegd is dat de verscheidenheid van leven binnen een bepaald gebied. Dat kan een waterdruppel zijn of een theelepel aarde, tot wel de gehele planeet. Het gaat dan om de soorten planten, dieren, schimmels en micro-organismen zoals virussen en bacteriën. Maar verder ook de genetische variaties binnen die soorten. In een gezond milieu houden die elkaar in evenwicht. Er is dus sprake van onderlinge afhankelijkheid en interactie. Wetenschappers willen daar het fijne van weten.

Je kunt dus stellen dat biodiversiteit een gigantische economische waarde vertegenwoordigt.

Kijk eens naar de mug. Hoe verwensen de meeste mensen dat dier? We doen er alles aan om er vanaf te komen. Maar is dat wel verstandig? Je zou denken, wat maakt dat nu uit? Toch is de mug een wezenlijk onderdeel van de biodiversiteit. Hun eieren en larven vormen een voorname voedselbron voor veel andere dieren, bijvoorbeeld vissen. En voor bepaalde vleermuissoorten zijn muggen eveneens hoofdvoedsel. Die op hun beurt.... Doordat muggen voor bepaalde diersoorten een stabiele voedselbron zijn, kunnen die dieren overleven en tegelijk ook op andere plaaginsecten jagen, die bijvoorbeeld voedselgewassen bedreigen.

Ook mensen leven dankzij biodiversiteit
Zo goed als alles wat mensen eten en gebruiken is terug te voeren op biodiversiteit. Dat betreft zowel wilde als 'tamme' dieren en planten. Ook de meeste bouwmaterialen, industriële grondstoffen en medicijnen danken we aan biologische hulpbronnen. En veel toeristen bezoeken bepaalde gebieden juist vanwege de natuur. Je kunt dus stellen dat biodiversiteit een gigantische economische waarde vertegenwoordigt. Het is de basis van duurzame oplossingen, van maatschappelijke en economische baten.
Volgens berekeningen van de Verenigde Naties zijn 40% van de wereldeconomie en 80% van de behoeften van arme bevolkingsgroepen van de natuur afhankelijk. Daarbij komt ook nog, dat hoe rijker de biodiversiteit is, hoe groter de kans op nieuwe medicijnen en oplossingen voor de klimaatverandering.
De mens is ook maar een (zoog)dier en is als zodanig gewoon een onderdeel van die grote biologische machine. Door defecten aan die machine kan hij zomaar stilvallen.

Het positieve effect van de natuur op ons mensen blijkt al uit het feit, dat we door contact met groene natuur minder snel ziek worden en sneller genezen. Op het werk zijn we tot wel 15% productiever. De natuur is ook een belangrijk deel van onze identiteit en onze culturele achtergrond. Je kunt hier niet zomaar overheen stappen. Moeder natuur is sterker dan de mensen met hun slimme uitvindingen en technologieën.  We moeten daarom met de natuur werken, niet ertegen.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Blijf op de hoogte en abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

dinsdag 14 februari 2017

Biodiversiteit onder druk in steden

Dit artikel gaat over biodiversiteit in de steden. En deze blog gaat over groen en welzijn van mensen, met name de stadsbewoner. Waar zijn de raakpunten? Een zo groot mogelijke biodiversiteit is een voorwaarde voor een gezond, groen ecosysteem. En aan dat laatste ontlenen we ons welzijn. Nu staat de biodiversiteit voortdurend onder druk. Dat komt omdat verschillende factoren van invloed zijn op de biodiversiteit.
Waarom leven er geen dinosaurussen meer? Omdat er een moment kwam dat het ecosysteem waarin zij leefden, niet meer in staat was dino's te onderhouden. Veranderingen in het ecosysteem, zoals klimaat er één van is, veroorzaken migraties en extincties. Zo past de natuur zich aan.

Foto: Pixabay. Kolibrievlinder steeds minder zeldzaam.
Tegenwoordig zien we planten en dieren die enkele decennia geleden nog vooral zuidelijk van Parijs leefden. En in Zuid-Frankrijk verdwijnen langzaam aan soorten, die toentertijd juist daar 'inheems' waren. Zo zullen over enige tijd ook beuken steeds meer noordelijk migreren en in het zuiden langzaam verdwijnen. Wijndruiven doen het goed tot in Drenthe. Alles is langzaam noordwaarts aan het verschuiven.

Ook op kleinere schaal zien we afwijkingen. In onze steden kunnen parkieten en papegaaien overleven. En sommige insectensoorten verlaten onze steden omdat het voor hun juist te warm wordt. Daar tegenover staan dan weer soorten die net als de parkieten het goed doen in de steden en op het platteland minder. Zo zou ook de gevaarlijke tijgermug op termijn in steden kunnen overleven. Dit is het gevolg van het hitte-eiland effect in stedelijk gebied. In de steden is het als gevolg van verharding en bebouwing gemiddeld een paar graden warmer dan buiten de bebouwde kom. Dit is ook de oorzaak van hitte-stress in warme zomers, die mensen ziek en improductief maakt.

Belangrijk is ook, dat er verbindingen tussen de groene oases van de steden bestaan.

Is dit erg? Wie graag ziet dat alles bij het oude blijft vindt dit erg. Een hang naar nostalgie. En toch...., als we naar mijn voorbeeld van de dinosaurussen kijken, dan zie je dat veranderingen in biodiversiteit helemaal niet zo erg hoeven te zijn. Enig nadeel: het aantal soorten blijft gestaag afnemen. De biodiversiteit verarmt wereldwijd.

Wat kun je doen om te zorgen dat planten en dieren niet zo snel de stad verlaten?
Daar komt het groen ons te hulp. Met meer groen in de steden kun je de gevolgen van hitte-stress enigszins beperken. Dat is goed voor het welzijn en de gezondheid van (kwetsbare) mensen, maar zorgt ook dat meer planten en dieren het uithouden. Belangrijk is ook, dat er verbindingen tussen de groene oases van de steden bestaan. Zo zijn dieren en planten niet op hun kleine plekje opgesloten. Ze kunnen zich beter verspreiden wat de kans op inteelt verkleint. Dat is vooral voor de fauna belangrijk.  Sommige dieren hebben zo'n corridor ook nodig om zich veilig te kunnen verplaatsen en voedsel te vinden. Denk bijvoorbeeld aan vogels en vleermuizen.
Hier ligt een taak voor de gemeenten, die met het openbaar groen voor zulke verbindingen kunnen zorgen. Maar ook wij burgers kunnen de planten en dieren in onze steden helpen, door bloeiende en vrucht dragen planten in onze tuinen en op de balkons te zetten. Een gazonnetje is dus echt onvoldoende. Er zijn bomen, struiken en kruidachtige planten nodig. Liefst een diversiteit aan planten die over drie seizoenen bloeien, zodat met name bijen grotere overlevingskansen hebben. Nu gebied de eerlijkheid om hier te vermelden, dat bijen het juist in steden beter doen dan op het platteland. Dat komt doordat daar vooral monoculturen  ontstaan, die de landbouw rendabel moeten maken. En als bijen in hun omgeving te weinig voedsel vinden, gaan ze niet verder zoeken, maar schakelen over op noodrantsoen. Midden in de zomer gaan ze leven zoals in de winter. Je hoeft niet gestudeerd te hebben, om te begrijpen dat dit slecht is voor de conditie van zo'n bijenvolk.

De conclusie van dit artikel is dan ook een beetje dubbel. Enerzijds moeten we niet bang zijn voor veranderingen in de biodiversiteit. Anderzijds kunnen we ongewenste en te snelle veranderingen in stedelijk gebied beter tegenwerken door meer groen in onze leefomgeving te introduceren. Meer groen is goed voor het welzijn van mensen, maar ook van alle planten en dieren die in onze omgeving leven. En dat hele plaatje zorgt er voor dat wij meer kunnen genieten van een soortenrijkdom in onze steden. Ook mensen die hier geen oog voor hebben (of zeggen dat het ze niet 'boeit') profiteren onbewust van een rijke biodiversiteit. Zeg nauw zelf, het is toch bijzonder als je zo'n kolibrievlinder in je achtertuin ontdekt.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Blijf op de hoogte en abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

donderdag 20 oktober 2016

Recreatie biedt kansen

Rondom de steden is er een tekort van 20% aan ruimte om buiten de recreëren. Mensen hebben die ruimte nodig om te wandelen of te fietsen. Dit cijfer is een gemiddelde, want rondom de grote steden in de Randstad gaat het om een tekort van 40-70%.  Volgens een onderzoek van de ANWB heeft de Nederlandse bevolking behoefte aan meer bossen voor intensieve recreatie. Er zou tot 2030 zo'n 30.000 ha extra aangelegd moeten worden. Dat is met name voor de kinderen belangrijk, want sinds midden jaren '90 is het aantal kinderen dat nog buiten speelt gehalveerd.
Foto Pixabay. Ontspannen in de bossen.

We trekken de hele wereld rond op zoek naar natuur en cultuur, liefst de plekken waar beide met elkaar verweven zijn. Dat schenkt ons een moment van geluk. Een hele bedrijfstak verdient hier een dikke boterham aan. Uiteindelijk ontdekken we dat we dit allemaal gewoon om de hoek kunnen vinden. Ons eigen land biedt net zulke mooie en niet minder indrukwekkende natuur. Je kunt er vaak op de fiets naartoe.

Toegegeven, zoals uit de introductie blijkt, is er ook een tekort aan groene landschappen. Maar dat biedt kansen. Als bestuurders eenmaal accepteren dat de mensen, vooral de stedelingen, grote behoefte hebben aan een groene omgeving om te ontspannen, dan komen er middelen vrij om hierin te investeren. Je investeert namelijk in een gezondere bevolking van de almaar groeiende steden. Bovendien biedt uitbreiding van groene ruimte kansen voor ondernemers.  Kijk naar enkele bezoekersaantallen: Amsterdamse Bos: 6,5 miljoen, Haagse Bos: 2 miljoen, Haringvliet: 2,9 miljoen. Maatschappelijke en economische baten gaan hier hand in hand.

Vijfde plek

Onderzoek van Natuurmonumenten naar het belang van natuurbescherming wees uit dat 96% van de Nederlandse bevolking natuur en milieu erg belangrijk vindt. Het komt hiermee op de vijfde plek van maatschappelijke onderwerpen. Hoger zelfs dan sociale uitkeringen. Naar aanleiding van Prinsjesdag 2016 werd kinderen van basisscholen hoe zij het geld zouden verdelen. Op één kwam defensie en op twee de natuur. De komende generatie geeft duidelijk aan, dat ze natuur een belangrijke plek geeft.

Kinderen zetten natuur op de tweede plaats in de rijksbegroting.

Openbaar groen biedt ook commerciële kansen. Een voorbeeld: het stadspark Sonsbeek in Arnhem realiseerde in 2006 een omzet van 4,8 miljoen Euro. Binnen de steden is het belangrijk om kleine, zogenaamde postzegelsparkjes aan te leggen. Bij voorkeur op maximaal 600 meter afstand van elkaar. Daarnaast is er in steden ruimte voor één of meer stadsparken, die ruimte geven aan wandel- en fietspaden, sport- en spelvelden ligweiden en waterpartijen om te vissen en te roeien. Om zulke activiteiten te faciliteren zijn bijvoorbeeld attributen nodig. Dat biedt kansen voor winkels. Daarnaast hebben mensen behoefte aan consumpties, wat kansen biedt voor horeca. Grote parken beschikken vaak over ruimte voor evenementen, zodat de beheerder/eigenaar van het park ruimte kan verhuren. Denk ook aan verblijfsrecreatie, bijvoorbeeld hotels en campings. Dat alles stelt één belangrijke voorwaarde, de aanwezigheid van een groen landschap.

Ook agrarische activiteiten rond de steden vervullen een belangrijke functie op dit terrein. Het groene landschap is een attractieve omgeving voor recreatie. Daarnaast worden vooral de kinderen geconfronteerd met de herkomst van hun eten. En menige boer verkoopt zijn (streek)producten ook aan huis. En, ik mag het eigenlijk niet stimuleren, stiekem een appeltje uit een boomgaard pikken heeft wel iets speciaals.

Wat kunnen gemeenten hieraan verdienen? De panden die recreatie faciliteren leveren Onroerend Zaak belasting op. Er worden vergunningen verleend en over verblijfsrecreatie wordt toeristenbelasting geheven.
Al dat groen fungeert ook nog eens als een waterbuffer tegen extreme neerslag en het biedt verkoeling op warme zomerdagen. 

Lees meer over maatschappelijke en economische baten van groen: Groen loont.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

zondag 2 oktober 2016

Groen geeft de jeugd een toekomst

We leven in een tijd de komende generatie minder gezond is en een kortere levensverwachting heeft dan de ouders. Hoe kan het dat verantwoorde ouders dit zomaar laten gebeuren? Hoe komt het überhaupt dat dit onze kinderen te wachten staat? De belangrijkste oorzaak is overgewicht. Zeker 15% van de kinderen tot 21 jaar kampt met overgewicht. Overigens ligt dit percentage bij volwassenen nog hoger: 47%. Toch zijn de gevolgen voor de nu opgroeiende jeugd ernstiger. Overgewicht op jongere leeftijd vergroot de sterftekans op latere leeftijd.
Foto: Pixabay - Spelen in het groen.

De maatschappelijke kosten van overgewicht worden geschat op 3%-5% van de totale zorgkosten. Dat is ongeveer 1 miljard Euro per jaar. Daarnaast zijn er kosten die verband houden met lagere arbeidsproductiviteit, ziekteverzuim, verloren werkdagen en sociale uitkeringen voor het volwassen deel van de bevolking. Bij kinderen gaat het om lagere schoolprestaties, vooral bij jongens. Dus ook minder kansen in de toekomst.

De afstand tot de speelplek is belangrijk.

Wat kan groen in de wijken doen aan het probleem van overgewicht? De cijfers laten zien dat bij kinderen die opgroeien in een "groene wijk" 15% minder overgewicht voor komt. Onderzoeken laten steeds zien, dat in een groene omgeving met voldoende speelruimte méér kinderen graag buiten spelen. Bij een project in Amsterdam speelden de kinderen al op hun toekomstige speelplek terwijl de aannemer nog bezig was. Buiten spelen is belangrijk voor de mentale en fysieke ontwikkeling van kinderen, vooral bij jongens.

Ontwikkeling van kinderen

In stedelijke achterstandswijken, waar gewoonlijk weinig groen voorhanden is,  lijdt onder de jeugd 1 op 3 aan overgewicht. Het landelijk gemiddelde is 1 op 7. In wijken waar openbaar groen voldoet aan de eisen (75m2 per woning binnen 500 meter), wordt opvallend vaak buiten gespeeld en daar komt overgewicht veel minder voor. De afstand tot het openbaar groen is erg belangrijk. Hoe groter de afstand, hoe minder aantrekkelijk de speelplek is.

Groene speelplekken in de wijken zijn niet alleen belangrijk in de strijd tegen overgewicht:

  • Het is ook belangrijk voor de mentale en fysieke ontwikkeling van de kinderen. Het is ook van invloed op de cognitieve en emotionele ontwikkeling, vooral bij jongens.
  • Het groen zorgt voor minder stress, waardoor er in groene wijken minder depressies voorkomen. Dit leidt tot een kostenbesparing op medicatie en psychosociale hulp. Dit geldt trouwens ook voor senioren. Gelet op de situatie van 2014/2015 bespaar je daarmee tot wel 90 miljoen Euro per jaar. Eenzelfde beeld zien we ten aanzien van ADHD.
  • Meer groen in de wijken reduceert de kans op hittestress in warme zomers.
  • De (sociale) veiligheid neemt toe. Mensen voelen zich meer bij hun wijk betrokken.
  • De kans op wateroverlast wordt kleiner, vooral 's zomers als de bomen en struiken groen zijn en door verdamping veel water uit het milieu verwijderen. Die verdamping leidt tevens tot verkoeling.
Aangezien de bevolking in de steden verder zal groeien is het belangrijk om meer aandacht te schenken aan de leefbaarheid in de wijken. Groen in de vorm van lanen en parken met bomen, struiken, perken en gazons dragen daar substantieel aan bij. De maatschappelijke baten zijn hoog. Vooral de bereikbaarheid (volgens de norm) van groene speelplekken in de steden is van belang om onze jeugd een toekomst te geven.



Lees meer over maatschappelijke en economische baten van groen: Groen loont.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

zondag 25 september 2016

Waarden en normen in groene wijken

Bij het bouwen van nieuwe woonwijken hanteren gemeenten en woningbouwcorporaties bepaalde wettelijke normen en waarden. Die bepalen dan het woonvolume van de woningen, de breedte van de stoep en de hoeveelheid parkeerruimte. En qua duurzaamheid ligt de focus op energieverbruik. Vaak is, of was, er geen aandacht voor het groen in de wijken. Dat is een maatschappelijke waarde en die stelt dat er 75m2 per woning aan groen beschikbaar moet zijn, en wel in de directe omgeving van die woningen. Voor een flatgebouw met honderd woningen is dat dus een redelijk park.

In de jaren '60 en '70 werden vaak 'tuindorpen' aangelegd. Woningen in een parkachtige omgeving om de mentale en fysieke gezondheid van de arbeidersklasse te bevorderen. Vandaag voldoen die oude woningen niet meer aan de eisen en wordt er gerenoveerd. Net als bij de aanleg van nieuwe wijken wordt het groen drastisch verminderd. Want voor de openbare ruimte, dus ook voor het openbaar groen, kun je geen huur vragen. Dat zijn 'nutteloze' vierkante meters en dat moet je in het huidige economische model zoveel mogelijk beperken.

Te veel stenen, te weinig groen, te weinig speelruimte voor kinderen. Jongeren zoeken zelf een oplossing, vaak met overlast tot gevolg.

Het gevolg is dat deze wijken snel tot achterstandswijken evolueren: verpaupering, overlast, criminaliteit en sociale onveiligheid. In zulke wijken beleven bewoners weinig woonplezier. Dit is niet duurzaam.

Geef kinderen de ruimte om hun fantasie en energie in kwijt te kunnen.

Groen brengt rust en structuur in de wijk. Dat geeft meer woonplezier, meer sociale cohesie en meer animo om de eigen wijk netjes te houden. Dit is wat de bewoners willen: meer ruimte voor sport en spel, meer groen en mooie bomen.

Om te voldoen aan de maatschappelijke waarden van het groen en bij te dragen aan minder (over)last door klimaatverandering is een goede verdeling van het groen belangrijk. Binnen de stad zijn kleinschalige parken nodig van ongeveer 1 ha. die op 300-400 meter afstand van elkaar liggen, onderling verbonden door straatbomen. Die parkjes dienen een mix te zijn van bomen en struiken, perkplanten en gazon. Bomen en struiken fungeren als koelelementen en luchtfilters. perkplanten brengen kleur in het geheel en de gazons nodigen uit tot sport en spel.
Hierdoor worden ook de gevolgen van hittestress en wateroverlast door klimaatverandering beperkt. Zo is openbaar groen ook optimaal beschikbaar, volgens de normen. Zowel kinderen als volwassenen vinden hier ontspanning en sociale contacten. Dat bevordert de mentale en fysieke gezondheid van de bewoners. Komt dat bekend voor? Oh ja, die gedachte lag in de jaren '60 en '70 aan de basis bij de ontwikkeling van de tuindorpen. Niets nieuws onder de zon.

Het tij keert

Goed nieuws. Er zit verandering in de lucht. Steeds meer gemeenten en woningcorporaties gaan investeren in meer groen in de wijken. Mensen vragen erom. Stadsbewoners willen niet alleen méér openbaar groen binnen de bebouwde kom, maar ook méér toegankelijke natuur (bossen) aan de rand van de steden. 

Naar aanleiding van Prinsjesdag werd kinderen gevraagd hoe zij de begroting zouden opstellen, wat zij belangrijk vinden. De uitslag is opmerkelijk: 1. Defensie, 2. Natuur.
Nu investeren in veiligheid en natuur geeft deze generatie waar zij behoefte aan heeft tegen de tijd dat zij zelf volwassen is. Niet wachten. Nu handelen. 

Ook binnen de wijken en wijkraden heerst steeds meer de instelling van: "Kom niet aan ons groen!" De bewoners voelen perfect aan wat de maatschappelijke waarden van het groen zijn. Zij verzetten zich tegen plannen die verarming van dat groen inhouden. Uitkijken op gras en beton maakt een mens niet gelukkig. Kijk naar wat de kinderen willen, meer geld voor:
  1. Veiligheid.
  2. Natuur.
Investeren in (meer) groen maakt wonen in de wijken duurzamer. Het betaalt zichzelf terug door verlaging van de kosten voor zorg en watermanagement. Maar er zijn ook economische baten. Daarover later.
Groen loont.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

dinsdag 16 augustus 2016

Stadsgroen is goud waard

Stadsgroen is goud waard, las ik vandaag onder een foto in een Limburgse krant. De foto toont hoe schapen door Maastricht werden geleid en zo de natuurbeleving in de stad een extra dimensie gaven. Stadsgroen is goud waard: Dat klopt en dat heeft meerdere kanten. Letterlijk en symbolisch, direct en indirect.

Het is daarom erg jammer dat bij de meeste gemeenten weinig animo is om al dat groen te kapitaliseren. Veel van dat stadsgroen is tenslotte publiek eigendom en met belastinggeld tot stand gekomen. Dan wil je als burger toch weten wat het allemaal waard is?

De waarde van groen heeft meerdere dimensies. Daar is aan de ene kant de waarde van bijvoorbeeld een boom. Groenbeheerders en boomkwekers gebruiken daarvoor verschillende rekenmodellen. Ik gebruik zelf een rekenmodel dat is afgeleid van het Belgische VVOG model. Zo heb ik dit model recent, op verzoek losgelaten op een zestigjarige suikeresdoorn, nabij een voormalig kerkgebouw in Weert. In gezonde en ongeschonden toestand zou deze boom liefst € 19.800 waard zijn. Maar als gevolg van verkeerd snoeiwerk en verwaarlozing was de waarde gedaald naar ongeveer € 11.000.

Maatschappelijke baten

Bomen in de stad geven ook iets terug aan hun omgeving, wat we kunnen samenvatten in de term 'maatschappelijke baten'. Ook deze waarden zijn niet gering. Dat was mede voor het Ministerie van Economische Zaken reden om het rekenmodel TEEB-stad op te tuigen. Hier wordt aan de hand van een uitgebreide vragenlijst uitgerekend wat vergroening van de openbare ruimte betekent in opbrengsten en kostenbesparingen. De uitkomst van die berekening geeft de baten weer over een periode van dertig jaar. En dan gaat het vaak om substantiële bedragen. Het probleem hierbij is dat die periode geen raakvlakken heeft met de reikwijdte van lokaal beleid. Voor ambtenaren is de budgetperiode (doorgaans 1 jaar) van belang en voor het (politieke) bestuur is de regeringsperiode van 4 jaar belangrijk. 

Toch is het goed om eens te kijken hoe groen zichzelf terugbetaalt:
  • Waarde van vastgoed.
    Gebouwen stijgen in waarde als ze omgeven zijn door groen. Vooral de aanwezigheid van bomen en waterpartijen leveren een substantiële waardestijging van 10% tot 15% op. Voor lokale overheden is dit belangrijk wegens de OZB. Bovendien is wonen in een groene omgeving populair, waardoor het nieuwe bewoners aantrekt. Die groei stimuleert de groei van de gemeente en daarmee ook de huizenprijzen. Kassa!
  • Stressreductie.
    In een groene omgeving ervaren mensen minder stress. Dat zorgt ervoor dat men zich minder snel ziek voelt en zieken sneller herstellen. Daarnaast vergroot het de sociale veiligheid, zodat (kleine) criminaliteit justitie minder belast. Omdat mensen zich prettiger en gezonder voelen zullen ze minder aanspraak maken op zorg en WMO.
  • Welzijn en gezondheid.
    Mensen gaan in een groene omgeving socialer met elkaar om. Dat vergroot tevens de sociale controle, waardoor mensen zich minder snel eenzaam voelen. Bovendien wordt de kans kleiner dat mensen zich anti-sociaal of crimineel gedragen. Zelfs pesten neemt af. Daarom pleiten wetenschappers ook voor vergroening van schoolpleinen. Dit blijkt zelfs effect te hebben op de schoolprestaties van de kinderen.
    Groen is in staat schadelijke gassen en fijn stof uit de lucht te filteren. Dit heeft direct effect op de gezondheid en daarmee de kosten voor de gezondheidszorg. En zeker niet te vergeten de ellende die ons bespaard wordt door ziekte aan hart en longen.
    In een groene omgeving is het gemiddeld enkele graden koeler dan in een betonnen omgeving, het hitte-eilandeffect. Daardoor worden op warme zomerdagen gezondheidsproblemen door hittestress voorkomen.
  • Watermanagement.
    Als gevolg van klimaatverandering neemt ook de neerslag aanmerkelijk toe. Wateroverlast en volgelopen kelders komen tegenwoordig regelmatig in het nieuws. Steeds vaker vallen er ook slachtoffers door hevige neerslag en overstromingen. In Engeland en Duitsland hebben wetenschappers en (stads)bestuurders inmiddels ontdekt dat een toename van 15% aan bomen de overlast met 20% kan verminderen. Bomen zijn grootgebruikers als het om water gaat. Een volwassen boom kan op een warme zomerdag tot 300 liter water verbruiken, Populieren zelfs tot 1500 liter. Dat wordt via de bladeren verdampt. Tijdens buien houden de bladeren en de takken eveneens honderden liters water vast en binnen de wortelstructuur wordt ook nog eens veel water vastgehouden. Zo zorgen bomen voor een vertraagde afvoer van regenwater. Dit effect kan lokale overheden een substantiële kostenbesparing opleveren.
    Bomen verdampen grote hoeveelheden water. Dat blijft dus niet in de bodem, maar verplaatst zich als damp door de lucht. Die wolken  regenen verderop weer uit en voorkomen zo verdroging en zelfs woestijnvorming in het achterland. Bedenk bijvoorbeeld dat de Nijl wordt gevoed door de regenwouden in Kongo. De opstijgende waterdampen vormen wolken die naar het oosten drijven en daar uitregenen rondom het Victoriameer. 

Stadsgroen is goud waard. En dan hebben we het nog niet eens gehad over de kansen die ondernemers hebben om de populariteit van een groene omgeving uit te buiten via recreatie en horeca exploitatie. Dat schept ook nog eens arbeidsplaatsen.
Over arbeidsplaatsen gesproken, een Nederlandse onderzoekster heeft berekend dat groen op de werkplek de arbeidsproductiviteit met liefst 15% laat toenemen. 
Niet beton, maar groen maakt de samenleving welvarender.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.


donderdag 14 juli 2016

Het natuurtekortsyndroom

Het klinkt als een medische term, natuurtekortsyndroom. Het is echter een vrije vertaling van "Nature Deficit Distorder", een term die de Amerikaanse journalist Richard Louw in zijn boek "Last Child in the Wood" introduceerde en is sindsdien een eigen leven gaan leiden. Louw beschrijft in zijn boek dat kinderen van 6-12 jaar, die geen ervaring met de natuur opdoen het meest kwetsbaar zijn.
Kind in de natuur. Foto Pixabay.nl

Vervolgonderzoek liet zien dat dit liefst 11% van de kinderen in die leeftijdscategorie betrof. Dit zijn kinderen die nooit (letterlijk nooit!) in aanraking komen met de vrije natuur. Dan is er natuurlijk een hele grote groep tussen "nooit" en "regelmatig". Welke gevolgen heeft dat?

  • Gebrek aan beweging. Niet samen buiten spelen en op 'avontuur' gaan. Deze kinderen zitten gemiddeld 12 uur per dag. Samen met verkeerde voeding is dat de voornaamste bron van overgewicht bij kinderen.
    Enfin, Pokemon Go krijgt ze tegenwoordig in elk geval van die stoel af.
  • Contactgestoord en anti-sociaal gedrag. Samen de natuur in vergroot het groepsgevoel. Dit is belangrijk voor de ontwikkeling van de kinderen. Ze leren dat er iets is dat machtiger is dan zijzelf en dat ze elkaar nodig hebben om "het leuk te houden". Dat zorgt ook voor ontspanning.
  • Verhoogde stress en gevoeligheid voor ziekten en allergieën. Dit heeft, samen met overgewicht, onder andere tot gevolg dat de nu opgroeiende generatie een kortere levensverwachting heeft dan hun ouders.
Kinderen die te weinig met de natuur in aanraking komen, leren niet hoe Moeder Aarde functioneert. Ze leren niet dat mensen maar een onderdeel van de biodiversiteit zijn. Ook goede aardrijkskundeles zal ze dat niet bijbrengen, ze moeten het aanvoelen en beleven - in de natuur. Door NDD ontwikkelen zij geen respect voor de natuur en dat kan een bedreiging voor de Aarde en het klimaat in de toekomst vormen. De Canadese natuurdeskundige Robert Bateman formuleert het zo: "Als je iets niet kent, het geen naam kunt geven, hoe kun je er dan van houden en het willen beschermen?"

Kinderen zitten gemiddeld 12 uur per dag


Natuur en milieu educatie Weert
Als natuurgids hoor ik maandelijks verslagen over onderwijsprojecten van het NMC Weert in samenwerking met de schoolgidsen van het IVN. Juist die kwetsbare groep van 6-12 jarigen komt vrijwel dagelijks over de vloer voor op maat gesneden natuurlessen, zowel binnen als buiten. Kinderen zijn uiterst gemotiveerd en belangstellend. Ze willen het leren en meemaken. Het is nieuw, leuk en spannend tegelijk. Zo horen begeleiders weleens, als een buitenles wegens slecht weer afgelast wordt, dat kinderen tegen elkaar fluisteren: "Dan doen wij dat zaterdag toch zelf..." 
Vooral jongens zijn dol op dit soort avontuur in het groen. En als bijeffect is inmiddels ook aangetoond, dat met name jongens die geregeld in de natuur optrekken betere schoolprestaties leveren. Dit is overigens ook de reden waarom er steeds vaker gepleit wordt voor vergroening van schoolpleinen.

Ook verantwoordelijkheid van de ouders
Tot slot nog een opmerking van Prof. Elizabeth Dickinson (Chapel Hill): "NDD is niet zozeer het gevolg van te weinig tijd in de natuur, maar komt vaak door de onverschillige of zelfs angstige houding van de ouders."
Dan ligt er tegelijk een zware druk op het onderwijs, om kinderen die ervaring wel te bieden. Het voorbeeld van Weert laat zien dat kinderen dat erg fijn vinden en er wél bij varen. Juist die klassikale aanpak stimuleert het groepsgevoel en de wil om samen op ontdekkingsreis te gaan, bijgestaan door deskundige begeleiders. De natuur is niet eng, als je de weg weet en weet hoe je je moet gedragen is het juist fijn en ontspanning. 
Dat is in het verkeer net zo. Als je niet leert ermee om te gaan, ben je een gemakkelijk slachtoffer. Het verschil is dat het je in het verkeer in een fractie van een seconde kan overkomen en fouten maken in de natuur vaak pas na lange tijd rampzalige gevolgen kan hebben.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

vrijdag 1 juli 2016

Welke planten kunnen je kamer zuiveren?

Deze blog besteedt aandacht aan de relatie groen (planten) en welzijn en gezondheid. En vaak gingen de artikelen over het groen buiten. We mogen echter niet de ogen sluiten voor de rol die planten binnenshuis hebben.
Gewoon thuis, in je woonkamer, maar ook op kantoor of de werkplaats.
Waar planten buiten vooral een rol spelen bij het filteren van fijnstof en gasvormige verontreinigingen, gaat het bij kamerplanten vooral om ongewenste gassen. Gassen die van nature in een gebouw aanwezig zijn, maar een slechte invloed hebben op ons presteren en onze gezondheid.
Spathiphyllum, erg veelzijdig
De NASA heeft met het oog op langdurige ruimtereizen onderzocht welke planten op dit vlak het beste presteren.
Er zijn diverse websites waar de resultaten van dit onderzoek besproken worden. Vaak zijn het plantenverkopers, waar je die kamerplanten ook direct kunt kopen.
Hier een korte weergave van wat NASA hierover gepubliceerd heeft.
Lees ook hoe planten het werkklimaat op kantoor verbeteren en de productiviteit helpen verhogen: e-book Bookboon.com

Spathiphyllum
Een bekende verschijning in woonkamers en kantoren is de Spathiphyllum, ook wel lepelplant genoemd. Deze plant uit de aronskelkfamilie zet je het beste in de halfschaduw. Hij doet het prima bij temperaturen tussen 15 en 23 graden. Deze plant komt in het Zuid-Amerikaanse regenwoud in het wild voor. Daarom houdt hij niet alleen van halfschaduw, maar ook van een vochtig klimaat.
De luchtfilter eigenschappen van Spathiphyllum zijn opmerkelijk. Uit het NASA lijstje is dit de meest veelzijdige plant. Hij filtert de volgende gassen uit de ruimte:
Aceton, methanol, ethylacetaat, benzeen, ammoniak, trichloorethyleen, formaldehyde en xyleen.

Phoenix roebelenii
Deze dwergdadelpalm kan tot 2,5 meter hoog worden. De fijn geveerde bladeren kunnen 1 meter lang worden. Je moet er dus wel de ruimte voor hebben. Oorspronkelijk komt deze palm uit Florida. Hoewel hij dadelpalm wordt genoemd, zijn de vruchten niet eetbaar.
Als luchtfilter pakt hij alleen xyleen aan.

Hedera helix
Beter bekend als klimop. Deze plant kennen we vooral als klimplant en soms ook wel als bodembedekker. De foto hiernaast is in mijn tuin gemaakt, waar de klimop ruim 23 vierkantemeter tuinmuur bedekt. Deze klimplant heeft een enorme groeikracht, dus de snoeischaar komt met enige regelmaat in actie.
Klimop
Buiten, tegen muren is de klimop een geweldige fijnstof filter. Tegen gebouwen groeiend is klimop ook een uitstekende isolator: in de zomer houdt hij zonnewarmte tegen en in de winter voorkomt hij warmte-uitstraling.
Binnenshuis wordt klimop vooral als gasfilter gewaardeerd. Hij filtert gassen als formaldehyde, trichloorethyleen en benzeen uit de lucht. Dit zijn typisch gassen die door meubels, kunststoffen en schoonmaakmiddelen in de ruimte komen.

Nephrolepis exaltata 
Bij het tuincentrum ook bekend als bostonvaren. Deze tropische varen wordt in meerdere variëteiten als kamerplant gekweekt. Hij kan tot een flinke bos uitgroeien en door het gerimpelde blad ziet het er volumineus uit.
De bostonvaren verwijdert formaldehyde uit je kamer.

Ficus macleilandii Alii 
Deze Aziatische plant is verwant aan de rubberbomen. Hij vraagt nogal wat leefruimte, maar kan met zijn langwerpige bladeren een drietal gassen effectief uit de ruimte filteren: Trichloorethyleen, benzeen en formaldehyde.
Daarnaast zal hij door verdamping via de bladeren het binnenklimaat op een aangenaam niveau houden.




Deze planten zorgen voor een aangenaam binnenklimaat en filteren schadelijke gassen uit de lucht.


Dracaena deremensis 
Deze Afrikaanse plant houdt van halfschaduw bij kamertemperatuur. Hij kan een behoorlijk volume krijgen en is daardoor in staat voor een goed binnenklimaat te zorgen. Wel opletten met huisdieren, hij is giftig voor honden en katten.
Deze dracaena filtert formaldehyde, trichloorethyleen en benzeen uit de lucht.

Ficus robusta 
Deze robuuste rubberplant met grote bladeren kan uitgroeien tot een heuse boom. Binnenshuis zal dat zo'n vaart niet lopen, maar tot het plafond haalt hij het met gemak in een paar jaren. Door zijn grote bladeren is de uitstoot van vocht redelijk groot, wat bijdraagt aan een aangenaam binnenklimaat. Verder rekent deze ficus alleen met formaldehyde af. 

Chamaedorea seifrizii 
De uit Centraal Amerika afkomstige "bamboe palm" kan eveneens een behoorlijk omvangrijke plant worden. Tot bijna 2 meter hoog. Je moet er dus wel de ruimte voor hebben.
Gassen die deze plant uit je kamer filter zijn formaldehyde, benzeen en trichloorethyleen. 

 Rhapis excelsa
 Deze bekende kamer palm komt oorspronkelijk uit Aziatische regenwouden. Die houdt dus ook van halfschaduw en voelt zich prima bij kamertemperatuur. 
Deze plant maakt korte metten met tolueen, formaldehyde, xyleen en ammonia.

Areca palm
Tot slot de areca, ook bekend als goudpalm. Een robuuste kamerpalm die de lucht schoon en vochtig houdt. Zijn roots liggen in Madagaskar. Hij houdt van veel licht, maar niet direct in de zon.  Heb je deze plant in huis of op kantoor staan, dan zorgt hij niet alleen voor voldoende luchtvochtigheid, maar filtert ook tolueen, benzeen, formaldehyde en trichloorethyleen uit de lucht.

Bromelia
Nu voegt de universiteit van New York ook de bromelia aan dit lijstje toe. Zes van de acht stoffen die het sick building syndroom veroorzaken worden door de bromelia uit de lucht gefilterd.

Met deze planten kun je dus het 'sick building syndroom' buiten de deur houden. Thuis is het goed uit te houden en doordat planten in het algemeen, maar deze soorten in het bijzonder, voor een aangename sfeer en gezonde lucht zorgen, ga je op het werk ook beter presteren. Een plantje op kantoor kan de arbeidsprestatie van werknemers tot 15% verbeteren. (meer lezen)
Een goede investering dus.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

Lees ebook over dit onderwerp: https://www.bravenewbooks.nl/books/22063988

woensdag 8 juni 2016

Wat bieden ons bomen in de stad?

In deze blog is steeds gekeken naar het belang van groen, en dan met name bomen, voor de mensen. En dan bedoelen we vooral de mensen in de steden, want de bewoners van landelijke contreien leven in het groen en genieten onwillekeurig van de voordelen. De mensen in de steden  zien zich minder vanzelfsprekend met groen geconfronteerd. Ze zijn zich daar meestal niet eens van bewust. Tegelijk lijden ze een slechtere geestelijke en fysieke gezondheid, gaan gebukt onder meer criminaliteit en zuchten bij warme zomers onder hittestress.

De gemeenten zien zich met hoge zorgkosten geconfronteerd en om daar middelen voor vrij te maken moet er op (in hun ogen misbaar) groen bezuinigd worden. Zonder het te beseffen wordt daarmee het probleem eerder erger dan kleiner gemaakt. Een neerwaartse spiraal, die je wel degelijk kunt doorbreken door te investeren in meer groen en dat ook adequaat onderhouden. Mensen voelen zich gelukkiger, zijn minder vaak ziek en herstellen sneller van geestelijke en fysieke stress. De kosten voor o.a. WMO gaan omlaag. En en passant gaan ook de kosten voor watermanagement omlaag.

Wat bieden de bomen nog meer?

  • Goede luchtkwaliteit
    Bomen zijn in staat stof en gasvormige verontreiniging uit de lucht te filteren. Om deze reden is het ook goed om kamerplanten in huis te hebben. Zij filteren schadelijke gassen die veel in huizen voorkomen (denk o.a. aan formaldehyde en radon).
    Alle bomen en andere planten, inclusief de algen in de oceanen, zorgen ervoor dat het zuurstofgehalte stabiel op ongeveer 21% blijft.
  • Aangenaam microklimaat
    De bomen in de steden hebben geen directe invloed op de wereldwijde klimaatverandering. Maar lokaal is die invloed er wel degelijk. Door hun schaduw en het verdampen van water temperen ze de temperatuurschommelingen op warme zomerdagen. Onder en in de directe omgeving van bomen is het gemiddeld 7 graden koeler dan op plekken waar groen ontbreekt.
    Bomen zorgen tegelijk voor een aangename luchtvochtigheid in hun directe omgeving.
    Er is een groene ruimte van tenminste 1 Ha met planten in diverse hoogtegradaties nodig voor een aangenaam effect tot op 600 meter rondom zo'n park.
    Toegegeven, in een bestaande stad is dat niet altijd in te plannen. Maar als gemeente kun je het op z'n minst proberen.
  • Geluiddemping
    Een combinatie van bomen en struiken kan lawaai verminderen. Bijvoorbeeld verkeerslawaai. Om lawaai echt tegen te houden is méér nodig, maar het groen dempt het geluid en maakt het verdraaglijker, zonder dat er al meteen decibellen worden tegengehouden.
  • Bescherming tegen wind
    Afhankelijk van de beplanting kunnen bomen wind omleiden of dempen. Een dichte bomenrij, ondersteund door ondergroei met bijvoorbeeld struiken zal de wind tegenhouden en omleiden. Tenminste, zolang er loof aan zit. Meer open structuren, de bomen uit het eerste voorbeeld zijn dat ook in de winter, zullen de wind niet tegen houden, maar dempen tot een aangenaam briesje.
    Wind kan ook een gevaar voor (stads)bomen zijn, zeker als zij door slechte leefomstandigheden of ondeskundig onderhoud verzwakken. Daarom streven we ook in de stad naar sterke, vitale bomen die voldoende ruimte hebben voor hun kroon en de wortels goed kunnen verankeren. Een gesloten wegdek en verdichting van de grond verhinderen dat en moet zoveel mogelijk vermeden worden.
  • Biodiversiteit
    Door een grotere verscheidenheid aan bomen, struiken, perken en gazons zorgen we voor meer biodiversiteit in de stad. Dit maakt het leven niet alleen veelzijdiger en interessanter, maar helpt ook de natuur in balans te blijven.
    Steeds als er één soort overheerst of een pilot soort tekort schiet ontstaan er problemen, meestal in de vorm van ziekten. Monoculturen vormen dan ook het verdienmodel van veel dierenartsen en producenten van gewasbeschermingschemicaliën.


    Investeer in veel groen in de steden om
    kosten te besparen.

     
  • CO2 kringloop Planten gebruiken water, licht en CO2 voor de productie van op koolstof gebaseerde bouwstoffen, bijvoorbeeld suikers. Bomen hebben (veel) meer CO2 nodig dan perkplanten of gras. Daarbij komt dat, hoe ouder een boom wordt, hoe meer koolstoffen hij nodig heeft voor de opbouw van stam en takken. Met het toenemen van de stamomtrek stijgt ook het CO2 verbruik. Hoe ouder de boom, hoe meer hij bijdraagt aan dit proces.
  • Aankleding
    Dit is eigenlijk hoe bomen in de meeste gemeentehuizen gezien worden. Bomen en planten verfraaien de straten en wijken. Dit stukje esthetische werking van groen is natuurlijk belangrijk. Het mooie van groen is één van de redenen waarom mensen zich in een groene omgeving gelukkiger voelen. En méér willen betalen voor huizen en kantoren.
    Maar zoals deze opsomming laat zien, is aankleding niet de enige 'benefit'.
  • Watermanagement
    Bomen, maar ook struiken, verbruiken voor de fotosynthese grote hoeveelheden water. Een volwassen eik of linde verbruikt op een dag als vandaag (zo'n 28 graden op de thermometer in mijn achtertuin) met gemak 300-500 liter water (gemiddeld 150-200 liter). Is dat veel? Kijk dan eens naar populieren: 1500 liter!.
    Een Engelse universiteit heeft recent ontdekt, dat bomen in de nabijheid van waterlopen de kans op overstromingen tot 20% (éénvijfde!) kunnen verminderen. Ook gemeenten en universiteiten in Duitsland komen tot die conclusie. In Engeland en Duitsland weten ze die hulp inmiddels wel te waarderen.....
    Bomen verzamelen water in hun stam en binnen hun wortelpatroon voor drogere tijden. Bovendien druipt water langs bladen, twijgen, takken en stam omlaag. Hierdoor worden tijdens en bui honderden liters water vertraagd aan de omgeving afgegeven, dat rondom de stam infiltreert, waarvan een deel ondertussen weer verdampt. Zie hier de reden waarom bomen helpen wateroverlast te voorkomen.
  • Verkeersveiligheid
    In tegenstelling tot wat mensen vaak denken, verhogen bomen de verkeersveiligheid. Ze vormen bijvoorbeeld een effectief en esthetisch hulpmiddel om de verkeersruimte in te delen. Daar waar bomen het zicht belemmeren is het effect dan mensen oplettender zijn. De nabijheid van bomen langs de wegen zorgt in het algemeenheid voor grotere alertheid van de verkeersdeelnemer. Om die reden adviseert de universiteit van Keulen om bij de aanleg van nieuwe wegen toch vooral veel bomen in te plannen. Zeker langs saaie, snoerstrakke snelwegen.
    Tegen notoire wegpiraten helpen alleen ruime grindbakken aan weerszijde van de weg. Maar daarmee stimuleer je juist roekeloosheid.
  • Hogere waarde van vastgoed
    Mensen zijn graag bereid om een hogere prijs te betalen voor een huis met zicht op groen. Groen in combinatie met water levert zelfs nog meer op.
    Fijn voor de gemeente, want hier kan de WOZ-waarde omhoog wat leidt tot hogere belastinginkomsten.
    Bovendien maakt veel groen een gemeente ook aantrekkelijk voor nieuwe inwoners, en een groeiende stad brengt niet alleen meer aanzien, levert meer banen op en brengt meer geld in het laatje. Dat geldt ook voor recreatie in een groene omgeving. Met groen is dus geld te verdienen.
  • Levenskwaliteit
    Groene plekken, met hier daar wel naast bomen, ook gras en perken, lenen zich als trefpunt van de bewoners. Hier kan men andere mensen aantreffen voor een gesprek, voor sport en spel. Het sociale element en de beweging zijn weer ingrediënten voor een portie geluksgevoel. En beweging maakt mensen gezonder.
    Groen bevordert ook de sociale controle en daarmee de veiligheid in de wijk. Er is minder criminaliteit.
    Op groen ingerichte schoolpleinen blijkt minder gepest te worden en presteren de kinderen gemiddeld beter, vooral de jongens.
    In een groene omgeving herstellen mensen sneller van stress gerelateerde ziekten en andere ongemakken. Zelfs op ADHD heeft groen een regulerend effect.
  • Groen en werk
    De Nederlandse onderzoekster Marlon Nieuwenhuis van de Universiteit van Cardif (UK) heeft vastgesteld dat groen op de werkplek een gemiddeld 15% hogere arbeidsproductiviteit oplevert. Dit effect is het sterkste bij kenniswerkers. Dat kan door zicht op een groene omgeving, een plant op kantoor of zicht op een afbeelding van planten of landschappen. De winst zit 'm in een betere concentratie, meer creativiteit en minder ziekteverzuim.
  • Zorg
    Uit onderzoeken is gebleken dat mensen die vanuit hun ziekenhuisbed zicht hebben op bomen of landschappen sneller herstellen en gemiddeld twee dagen eerder ontslagen worden. Zij gebruiken ook minder pijnmedicatie.
    De vrije Universiteit Amsterdam leidt het onderzoeksproject "Groene gezonde ziekenhuizen" dat tot 2019 loopt en waaraan vijf ziekenhuizen deelnemen. Het doel is om het nut van groen in ziekenhuizen wetenschappelijk sterker te onderbouwen.
    Meer groen in de steden kan het medicijngebruik met wel 1 miljard Euro per jaar verminderen.
  • Absorberen van straling
    Planten kunnen schadelijke straling die vrijkomt uit de bodem en uit stenen absorberen.
    De planten lijden er niet onder en de zoogdieren, mensen en hun huisdieren, varen er wél bij. Ook dit is weer een reden voor meer kamerplanten in huis.
Wie nu nog twijfelt aan het nut van bomen en andere planten is niet meer te helpen. Voor hun weet ik een uitstekende plek om te wonen. Meld je aan voor een (enkele) reis naar Mars. Misschien zijn er nog vacatures.

Medio 2021 zullen we in Weert opvallende en monumentale bomen voorzien van een #TreeTag. Daarop staat te lezen wat de boom voor jou als mens aan diensten levert. #TreeTag is een Europees initiatief en wordt sinds 2020 in steeds meer Nederlandse en Belgische gemeenten gebruikt om burgers bewust te maken van de waarde van bomen.


Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn (te koop via Bullseye Publishing)
Abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.
Steun de Stichting Groen Weert.