Posts tonen met het label bossen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label bossen. Alle posts tonen

zondag 12 juli 2026

Hittestress zorgt dat bomen minder zuurstof produceren

 

Met de hittegolven die we in 2026 ervaren zou je denken dat planten met hun fotosynthese extra hard werken om zuurstof te produceren. Maar dat blijkt niet het geval te zijn. De ecosysteemdiensten van bomen (en andere planten) neemt door hittestress merkbaar af. Minder koolstofopname, minder glucoseproductie, minder zuurstof en minder stoffiltering. Dat kan er uiteindelijk toe leiden dat de plant afsterft.

Hittestress geldt dus ook voor planten. Zwitserse onderzoekers hebben dit als eerste in tropische bossen vastgesteld. En zulke tropische omstandigheden ervaren we in Europa ook steeds vaker.

Er is sprake van hittedrempels en die verschilen per soort. Planten kunnen wel tegen een stootje, ze zijn niet zo kwetsbaar als het lijkt. Maar de bandbreedte waarbinnen de fotosynthese optimaal werkt is vrij dun. En door extreme hitte wordt die veiligheidsmarge nog kleiner.

Als gevolg van de hitte drogen de cellen met chlorofyl uit en wordt het hele systeem (het blad) geleidelijk buiten gebruik gesteld. Als reactie daarop zal de plant het aangetaste blad afstoten. Daarmee neemt het vermogen om CO2 uit de lucht op te nemen af. De wortels ontvangen minder glucose en hebben dan ook minder 'ruilmiddel' voor de bodemschimmels die vocht en mineralen leveren. Daardoor wordt de plant/de boom kwetsbaarder. Tegelijk neemt ook de afgifte van zuurstof af.

Dit probleem tekent zich vooral af in tropische gebieden. Het oppervlak waar de hittedrempels overschreden worden was in 2020 al groter dan Frankrijk. De onderzoekers verwachten dat dit tot 2050 kan oplopen tot 83 miljoen hectare. Dat zal dan waarschijnlijk niet tot tropische bossen beperkt blijven.

Tropisch bossen... Dat is lekker ver van mijn bed.  Bedenk dan dat luchtcirculaties zich niet aan landsgrenzen houden. De zuurstof die wij in Nederland inademen komt voor een aanmerkelijk deel juist uit die tropische bossen. Het zuurstofgehalte is (momenteel) altijd ongeveer 21%. Ook als het hier donker of winter is en onze planten dus geen fotosynthese bedrijven. Door de wereldwijde circulatie blijft het zuurstofgehalte altijd hetzelfde. Maar nu hittestress ook in de tropische bossen toeslaat kan dat (stabiele) zuurstofgehalte onder druk komen staan.

Kunnen we daar iets tegen doen? Misschien is het daar wel te laat voor, maar met extra bomen (helaas duurt het lang voordat die effectief zijn) en grasland kunnen we in de gematigde gebieden helpen de zuurstofproductie iets te verhogen. Ga er vanuit dat het benauwd gaat worden.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn - Gratis voor nieuwe donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl).|
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.  


WVL-BUSINESS SKILLS #ebooks
Loopbaan inspiratie op je e-reader
https://www.bravenewbooks.nl/wvl-business-skills 
Wat doet groen voor je werkomgeving? Kopen via KOBO: https://ap.lc/ugdJr 
Ook bij KOBO, Kindle en je favoriete boek shop.

dinsdag 5 mei 2026

Als de dokter je het bos in stuurt

 

In Japan is het al heel lang een gevestigde traditie: bosbaden. De dokter schrijft je een boswandeling voor. Het idee hierachter is, dat een verblijf in een bos je gezondheid bevordert. Dat willen Europese onderzoekers graag toetsen. Is het een kwestie van zelfsuggestie of is het ook fysiek aantoonbaar?

In de Vogesen is een proefproject gestart en de resultaten zijn veel belovend. Bij eerdere onderzoeken in Frankrijk en Scandinavië werd al een cocktail van vluchtige stoffen vastgesteld, die direct invloed hebben op de fysiologie van mensen. Die gassen zorgen voor verlaging van cortisol en een actiever immuunsysteem. In het nieuwe Europese onderzoek worden dezelfde effecten op welzijn en gezondheid bevestigd. Wel wil men nog uitzoeken of er verschillen zijn in boomsoorten, seizoensinvloeden of biodiversiteit. We wachten het af.

Het idee dat de dokter je binnenkort een 'driemaal wekelijkse boswandeling' voorschrijft is dan ook helemaal niet vergezocht. Het is gratis en het effect is aantoonbaar. Kan nog een serieuze concurrent van de apotheek worden.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn - Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl).|
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

Lees e-books Business Skills: https://www.bravenewbooks.nl/wvl-business-skills carrière inspiratie.

Deze roman/thriller is ook te koop via
BOL.com.

woensdag 18 februari 2026

Wat is de waarde van bomen of regenwouden?

 

foto: Pixabay
Ik houd ervan om de waarde van natuur, of bomen in het bijzonder, in geld uit te drukken. Zo heb ik een rekenmodel ontwikkeld om de vervangingswaarde en ecosysteemdiensten van (stads)bomen te berekenen. Daarvoor maakte ik gebruik van bestaande modellen als het Belgische VVOG, het Europese TEEB en het Amerikaanse i-Tree.

Maar ik ben niet de enige die zich hiermee bezig houdt en ook de focus kan anders. Zoals bij dit onderzoek van de Universiteit van Leeds. De Engelse wetenschappers wilden weten wat de vochtproductie van regenwouden economisch betekent voor de omgeving. Omgeving moet je ruim zien, want de regenwolken die in het Kongo-bekken ontstaan zijn bijvoorbeeld voor een belangrijk deel verantwoordelijk voor de Nijl.

Uit dat onderzoek blijkt dat die waarde kan oplopen tot (gemiddeld) 2,4 miljoen Dollar per hectare, per jaar. Bij de Amazone als geheel ligt dat ligt op 20 miljard Dollar per jaar. Dat is een veel hoger bedrag dan kappen en exploiteren voor landbouw of mijnbouw kan opleveren.
Elke vierkanten meter regenwoud levert per jaar 240 liter water. Regenwouden, maar ook de bossen in onze regio, kappen om plaats te maken voor landbouw of industrie is dus feitelijk kapitaalvernietiging. Het verlies aan waterproductie is groter dan de potentiële opbrengst van die investeringen.

 De natuur levert ons ecosysteemdiensten die belangrijk zijn voor de mensheid. Bomen spelen daarin een voorname rol, simpel omdat zij zulke omvangrijke organismen zijn. Verkoeling, CO2 afvangen en waterdamp genereren om de waterkringloop verder het land in te brengen, zijn wel de belangrijkste ecosysteemdiensten van bossen. En dat blijkt nu dus ook een niet te onderschatte waarde te hebben.

De wateropbrengst van bomen is vitaal voor alle leven op aarde. Het zwaartepunt ligt bij de tropische bossen. En met de huidige voortgang van de klimaatverandering wordt dat nog veel urgenter.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn - Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl).|
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.





600 Square Miles ook bij 
Bol.com






E-boeken met carrière inspiratie: https://www.bravenewbooks.nl/wvl-business-skills













dinsdag 28 mei 2024

Waarom de oceanen meer aandacht verdienen

 Van het totale aardoppervlak wordt zo'n 71% door de oceanen in beslag genomen. Daarin bevindt zich 97% van alle water op Aarde. Die enorme watermassa heeft dan ook grote invloed op het klimaat en het leven op de droge delen. Slechts de resterende 3% is zoet water in gletsjers, meren en rivieren. En ook dat percentage dreigt minder te worden door klimaatverandering.

Foto: Pixabay
Voor de zuurstofproductie kijken we altijd naar de planten, vooral de bomen op de droge delen. Maar we vergeten dan, dat 50% van de zuurstof (zo'n 1,2 miljoen gigaton, ongeveer 21% van de lucht) uit de oceanen komt. Daar zorgen de (onder)waterplanten, algen en sommige bacteriën voor.

Natuurlijk moeten we zuinig zijn op de bossen, vooral de tropische bossen, want hun 50% bijdrage aan het zuurstofgehalte is zeker significant. Daarnaast zijn ze belangrijk voor de biodiversiteit en vormen een belangrijke bron voor voedsel en geneesmiddelen. We mogen dus ook best zuinig zijn op onze bossen.

We mogen ook best zuinig zijn op de oceanen en deze niet vervuilen met een overmaat en CO2, tonnen plastic afval en nog onbekende hoeveelheden PFAS.

Qua biodiversiteit kunnen we de oceanen ook niet uitvlakken. Hier leeft namelijk 94% van alle dieren op aarde. Om over de hoeveelheid planten nog maar te zwijgen. Toch is tot nu nog maar 5% van de oceaanbodem onderzocht en ik kaart gebracht.

De oceanen vormen voor een groot deel van de wereldbevolking een bron van voeding, met namen van proteïnen. En daarmee voor een groot deel van de bevolking ook een bron van inkomsten.
Omdat we onzorgvuldig met die grote waterwereld omspringen staat dat allemaal onder druk.

 Langzaam maar zeker maakt de mens het leven op Aarde onmogelijk. De Aarde is zo uniek, dat er tot nu toe geen vergelijkbare planeet gevonden is. We moeten daarom verantwoord met onze leefomgeving omgaan. Als de natuur mensen als een plaag gaat ervaren, en daar zijn we al heel dichtbij, zal ons overkomen wat met alle plagen gebeurt: de natuur zal zich van plagen ontdoen door extinctie. 

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn - Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl).
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

dinsdag 2 april 2024

Waarom bossen niet altijd goed zijn tegen klimaatverandering

 Ook in deze BLOG is vaak gepleit voor meer bossen tegen klimaatverandering. Bijvoorbeeld door meer koolstof uit de atmosfeer te halen en zo het broeikaseffect te verkleinen. Nu blijkt uit recent onderzoek dat dit toch iets ingewikkelder is. In eerdere onderzoeken is namelijk geen rekening gehouden met reflectie. In sommige gebieden kunnen bossen meer zonlicht absorberen en opwarmen dan reflectie zonder die bomen kan koelen. Denk aan de noordelijke gebieden waar een groot deel van het jaar sneeuw ligt. Wit kaatst zonnestraling terug de ruimte in.

Foto: Pixabay
De klimaatwetenschappers keken eens goed naar het zogenaamde albedo-effect, het resultaat van de mate van reflectie. Veel reflectie betekent sterke afkoeling, terwijl absorberen opwarming tot gevolg heeft. Met ingewikkelde berekeningen konden zij een maatstaf (Carbon dioxide equivalents -CO2e) vaststellen, die helpt een balans te vinden tussen reflectie en absorptie.
Er is ook een verschil in absorptie tussen de verschillende boomsoorten, afhankelijk van de tint van het blad en de dichtheid van de kroon.

Zo konden zij een kaart samenstellen die aangeeft in welke gebieden de aanplant van bomen tot afkoeling leidt en waar dit juist opwarming tot gevolg heeft.

Je ziet het ook in de praktijk als je in een besneeuwd landschap kijkt naar de bomen. Zodra de zon wat sterker wordt ontdooien de bomen en worden ze weer groen. Dat is donkerder dan de sneeuw er omheen. Ook direct rondom de boom zal de sneeuw sneller smelten. Opvallend genoeg stelden de wetenschappers ook in dorre gebieden (bijvoorbeeld woestijnen) hetzelfde effect vast. Kortom, het koelend effect van bomen zie je vooral in de gematigde klimaatzones.

Toch zijn de wetenschappers ervoor om meer bossen aan te planten, wel rekening houdend met de balans tussen reflectie en absorptie (albedo). Bomen bieden namelijk veel meer dan CO2 opname, ze gaan hittestress in hun omgeving tegen, ze helpen water te zuiveren en bodem te behoeden voor landverschuivingen,  bomen produceren voedsel, vormen een leefgebied voor dieren en hebben een rustgevende uitwerking op mensen. Het is dus vooral een kwestie van prioriteiten stellen en de juiste balans vinden.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn - Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl).
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.



maandag 27 november 2023

Is een bio-divers bos beter in de strijd tegen klimaatverandering?

Wie door Midden-Europa reist zal de vele vierkante kilometers aan sparrenbossen niet ontgaan. Je kunt je dan meteen de vraag stellen 'wat het probleem met klimaatverandering' is bij zoveel bomen. Maar die eentonige plantages hebben wel degelijk een nadeel. Ze zijn bijvoorbeeld gevoelig voor plagen, zoals de letterzetter ons de laatste jaren heeft gedemonstreerd. Maar die monoculturen hebben nog meer nadelen. 

Eenzame vogelkers in een monotoon sparrenbos
Metingen hebben aangetoond dat deze bomen met name door het onderhoud, oogst en afvoer meer CO2 in de lucht brengen dan ze kunnen opnemen. Daarnaast zijn deze sparren optimaal aangepast aan groeien in een vochtige omgeving op grotere hoogte dan waar ze nu staan, namelijk boven de 1500 meter. Door klimaatverandering is die hoogtegrens veel lager geworden. Droge jaren zijn funest en tasten hun weerstand aan, waardoor de schorskever onverbiddelijk toeslaat. Door zulke rampen is de bosbouw niet rendabel en wordt met veel belastinggeld overeind gehouden.

Nu blijkt uit recent onderzoek dat monoculturen sowieso een groot nadeel hebben. Er staan veel bomen van dezelfde soort dicht bij elkaar. Door de onderlinge concurrentie is de verdeling van belangrijke bronnen in geding. Ook de strijd om het zonlicht in de kronen heeft nadelige gevolgen. Een door bosbouwers gewenste bijwerking is dat de stammen snel en recht omhoog groeien. Dit is niet persé goed voor de vitaliteit van de bomen en mogelijk ook nadelig voor de hout kwaliteit. De hevigste strijd wordt in de bodem geleverd, met name om de verdeling van (gebonden) stikstof.

Beter bio-divers
Bij onderhoud van bossen en (her)bebossing zouden de houtvesters beter hun kaarten moeten zetten op diversiteit. Uit onderzoek kwam naar voren dat in een divers bos minder concurrentie tussen soortgenoten is. De diverse soorten bomen en struiken hebben verschillende behoeften om optimaal te groeien en zitten elkaar minder in de weg. Dat geldt zowel in de kronen als in de bodem. Hoewel zeldzaam, zijn er ook gevallen waarbij verschillende boomsoorten groeifactoren aanmaken ten voordele van andere soorten. Een divers bos zorgt ook voor meer diversiteit aan bodemschimmels en bacteriën waardoor een bos als ecosysteem minder kwetsbaar is. Een bio-divers bos kan tot wel 70% meer CO2 vastleggen.

Na de ramp met de letterzetter komt er nu langzaam een trend op gang om bossen meer divers in te richten. Er is nog weinig aandacht voor de rol van een diverse ondergroei, omdat bosbouwers daarin geen direct voordeel (lees opbrengst) in zien. Toch verdient de ondergroei aandacht wegens zijn rol in de biodiversiteit van het bos-ecosysteem. Het geheel zorgt ook voor een diversiteit aan dieren in het bos wat een bos robuster maakt, met name door een stabiele stikstofkringloop.

Luchtvervuiling
Uit data van TROPOMI (Nederlands instrument aan boord van de Copernicus satelliet) blijkt dat bomen ook minder presteren als wij allen aan het werk en onderweg zijn. De luchtvervuiling die dit met zich brengt hindert de fotosynthese waardoor bomen minder CO2 kunnen opnemen. Maar ze gaan weer helemaal los zodra het weekend aanbreekt, want dan neemt de vervuiling door aerosolen af en krijgen de groene chlorofyl cellen meer zonlicht.

Ook in de bossen passen alle blokjes in elkaar. Als mens moeten we bossen redden door optimale omstandigheden te creëren en er vervolgens van af te blijven. Een robuust bos kan zich prima zelf redden.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn - Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl).
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

dinsdag 3 oktober 2023

Klopt de waterkringloop, zoals we op school hebben geleerd, nog wel?

 We hebben allemaal op school geleerd hoe de waterkringloop eruitziet.  Op zee verdampt het water, de waterdamp wordt door de wind naar het land geblazen waar het hoog in de lucht condenseert en als regen de rivieren voedt, die het water weer terug brengt naar zee. Heel duidelijk. Maar wel wat kort door de bocht. Zo zorgen planten, vooral de bossen, ook voor verdamping die de wolken verder het land in brengt. Maar om het te laten regenen is nog iets extra's nodig.

Graphic: Pixabay

Wolken ontstaan dus boven grote watervlakten zoals de zee en meren. Maar dat alleen levert te weinig rendement. Daarom zorgen ook planten voor extra waterdamp in de atmosfeer.  Wolken bestaan uit heel kleine waterdruppels en dat is een belangrijk wapen tegen opwarming door zonlicht. Zonlicht weerkaatst namelijk op de witte wolken.

Nu vormen zich deze druppels, die bevriezen tot sneeuwvlokken, zich op twee verschillende manieren. In heldere, schone lucht ontstaan grotere waterdruppels en die hebben als eigenschap het zonlicht minder goed te weerkaatsen. Om de heel kleine druppels te krijgen zijn fijne condensatiekernen nodig. De meeste condensatiekernen die nu voor wolken zorgen bestaan uit vervuiling door de mensen. Fijnstof dat door verticale luchtstromen tot grote hoogte opstijgt. Maar die vervuiling willen we juist tegengaan. Zouden de wolken in de toekomst dan minder effectief zijn?

Sesquiterpenen

De vraag of we met minder fijnstofvervuiling minder verkoelende wolken zullen hebben, hield ook wetenschappers van het deeltjesonderzoekinstituut CERN bezig. In een speciale kamer testten zij het effect van diverse stoffen, die in de atmosfeer voorkomen. Daaronder ook verschillende plantenstofjes.

Condensatiekernen

Uit dat onderzoek kwam naar voren dat sesquiterpenen de beste condensatiekernen zijn. Deze plantenstoffen zijn bijzonder effectief. Door de concentratie met 2% te verhogen, verdubbelde de snelheid van condensatie. Sesquiterpenen zijn moleculen die uit 15 koolstofatomen bestaan. Dat ruimt lekker op.

Als we erin slagen de uitstoot van fijnstof significant te verminderen, dan zouden de plantenstofjes, met voorop de sesquiterpenen, die rol moeten overnemen. Er zullen meer van die stofjes in de lucht moeten zitten. De effectiefste producenten van sesquiterpenen zijn de planten met het grootste groenvolume en dat zijn dus bomen.
Om meer condensatiekernen van sesquiterpenen te krijgen zijn er dus meer bomen nodig. En we schreven het al vaker in deze BLOG: Zorg voor meer bomen.
Let wel, door nu meer bomen te planten kunnen we pas over 80 - 100 jaar optimaal van dit effect profiteren. Het is dus vooral belangrijk om oude bomen te handhaven en te zorgen dat ze lang gezond blijven en nog veel ouder kunnen worden. Hoe meer groen in hun kronen, hoe meer condensatiekernen voor verkoelende wolken kunnen zorgen. En dat draagt bij aan het beheersen van de klimaatverandering.
Wees lief voor bomen!

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn - Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl).
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.


maandag 19 december 2022

Kunnen bos en bodem CO2 terugdringen?

Europa en de Verenigde Naties doen er alles aan om ons leefklimaat te behoeden voor verdere verslechtering. Zo wil de EU tegen 2030 50% minder uitstoot van CO2. En moet tegen 2030 ook minstens 30% van het EU grondgebied beschermde natuur zijn om de biodiversiteit te beschermen. Tegen 2050 moet dan de uitstoot door menselijke activiteit tot 0 gereduceerd zijn. Om dat laatste een steuntje in de rug te geven heeft de EU nu besloten om CO2 uitstoot te belasten, zodat de burger ervoor betaalt via de gasrekening en de benzinepomp.

Om koolstof rond 2050 uit atmosfeer te verwijderen gokken de VN op de bijdrage, die de bossen en de bodem (van bossen, moerassen en grasland) aan de koolstofreductie kunnen leveren.

De gedachten achter het inzetten op bos en bodem wordt ingegeven door het besef dat er één sector is, die niet aan de verwachtingen kan voldoen: de landbouw. Bos en bodem kunnen (op papier) tot 10 ton CO2 per hectare opslaan. Jawel, in theorie zou dat kunnen. Maar er wordt dan geen rekening gehouden met zaken als:
  • Stormschade
  • Ziekten
  • Ontbossing voor houtproducten of landbouwarealen
  • Droogte
Die capaciteit van 10 ton is dan ook veel te optimistisch. Bovendien hebben de bij de VN aangesloten landen plannen ingediend die de koolstofvermindering niet kwantificeren. Lekker makkelijk! En daar komt nog eens bij dat de gebruikte rekenmodellen onnauwkeurig zijn. Wetenschappers pleiten dan ook voor strengere maatregelen, dwang en betere rekenmodellen.

Moeder Aarde bestrijdt de meest dominante soorten als een plaag.

Het  verlagen van de CO2 uitstoot is voor alle landen op Aarde van levensbelang. Volgens veel wetenschappers zouden we nu al midden in een grote golf van uitsterven (massa extinctie) zitten. Om de menselijke samenleving in stand te houden is het essentieel om ook de biodiversiteit te beschermen. Maar de mens lijkt er vooralsnog alles aan te doen om de biodiversiteit verder onder druk te zetten. Door te weinig te doen tegen klimaatverandering en door teveel beslag te leggen op de natuur. Het besluit om 30% van ons grondgebied (op land en op zee) tot beschermde natuur  te maken is dan ook hard nodig.

In de geschiedenis van de Aarde hebben natuurrampen herhaaldelijk tot verhoogde CO2 in de atmosfeer geleid, waarna er massaal soorten zijn uitgestorven. De dominante soorten waren toen het meest kwetsbaar. Zo ontdoet moeder natuur zich nu eenmaal van plagen. En op dit moment is de mens op Aarde de meest dominante soort.  En veroorzaken zelf een te hoog koolstofgehalte in de atmosfeer. Wij staan nu dus bovenaan de extinctie lijst.
Het lijkt erop dat we al midden in een (de zesde) extinctiegolf zitten. Onderzoekers laten zien dat de ene soort de andere meeneemt in zijn ondergang. 

Links om of rechts om zullen we moeten zorgen voor een vermindering van de koolstofuitstoot door menselijke activiteit. 0% zullen we nooit halen, maar we moeten ernaar streven daar dicht bij in de buurt te komen. Door de natuur de ruimte te geven, door emissies bij de bron aan te pakken en door technologische oplossingen moet dat lukken. Liefst nog ruim voor 2050, zodat ik het nog kan meemaken. Lukt dat niet, dan is de kans groot dat moeder Aarde zelf begint met een opruimactie tegen homo sapiens. En dat wil ik dan liever niet meemaken.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn - Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl).
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

dinsdag 15 februari 2022

Natuurschade door verkeerde boomsoorten te planten

 In de Nederlandse bossen, maar ook langs straten en in parken worden vaak verkeerde boomsoorten geplant. Daardoor verliezen we biodiversiteit en gaat de vitaliteit van de bomen achteruit. Nederlandse ecologen Bert Maes en Joop Schaminée pleiten in Nu.nl voor de inzet van meer 'autochtone' boomsoorten. Zij constateren dat momenteel nog amper 2-3% van de Nederlandse bossen uit inheemse wilde bomen en struiken bestaan.

Graphic: Pixabay
De regering wil tot 2030 10% extra bos aanplanten om de CO2 uitstoot te compenseren. Die bomen worden dus massaal aangekocht bij boomkwekers in binnen- en buitenland. En veel van dat plantgoed is gekloond van moederbomen van soorten die niet van nature in de Nederlandse regio thuishoren. 

Schaminée noemt als voorbeeld de sleedoorn, die massaal langs wegen is aangeplant. Die bloeit al in februari/maart, want dat is een Zuid-Europese soort. De bij ons inheemse sleedoorn bloeit in april. Dat heeft grote gevolgen voor de dieren (insecten) die van die sleedoorn afhankelijk zijn. Zij verschijnen pas als hun voedselplant al is uitgebloeid.

De negatieve gevolgen van niet-autochtone bomen en struiken gelden ook als deze enkel in bestaande oude bossen worden bijgeplant. Hun zaden nemen op termijn het areaal over.

Het goede nieuws is dat er wereldwijd steeds meer kleinschalige, lokale initiatieven van de grond komen voor herbebossing en bescherming van bestaande bossen.

Een ander gevaar van deze werkwijze is de geringe genen variatie. Binnen een gebied zijn dan de meeste bomen klonen van dezelfde moederboom. Als daar een ziekte in komt, gaan ze er allemaal aan. Dat hebben we recent bijvoorbeeld zien gebeuren met de essentaksterfte, en steeds meer ook bij de witte paardenkastanje (kastanjebloedingsziekte).

Verbetering

De wetenschappers zien echter ook een lichtpuntje. Bij terreinbeheerders groeit de interesse in wilde bomen en struiken. En op het Ministerie van landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit bestaat er sinds kort een Commissie voor inheemse bomen en struiken.

Ook hoogleraar Bas Arts (WUR) vertelt in het NRC dat er op wereldschaal langzaam een kentering te zien is. Volgens Global Forest Watch verloren we wereldwijd in 2019 25 miljoen hectaren aan bos, gerekend naar kroonoppervlak. Het grootste deel gaat verloren aan de expansie van de landbouw.
De Food & Agriculture Organization van de VN komt op een lager getal, maar dat ligt aan de gehanteerde meetmethode. Ook bij de methode die de FAO hanteert omvat de ontbossing een gebied ter grootte van Costa Rica.

Het goede nieuws is dat er wereldwijd steeds meer duurzame, kleinschalige, lokale initiatieven van de grond komen voor herbebossing en bescherming van bestaande bossen. Het zijn niet de politiek-economische beschermingsmaatregelen die succesvol zijn, maar juist de kleine projecten die laten zien dat gezonde bossen welvaart, welzijn en biodiversiteit ten goede komen.
En dan gaat het al snel om zo'n 1 miljard hectaren.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn - Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl).
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

maandag 7 februari 2022

Verrassing! Er zijn nog ruim 9000 onbekende boomsoorten

 Op dit moment zijn er op Aarde zo'n 60.000 boomsoorten bekend en beschreven. Helaas zijn daarvan zeker 17.500 soorten met uitsterven bedreigd. Dat zijn sprekende aantallen en je zou denken dat er ondertussen weinig te ontdekken valt. Maar dat lijkt niet zo te zijn. Onderzoekers hebben vastgesteld dat er naar schatting 9.200 boomsoorten nog niet ontdekt zijn. Dat is een groot aantal en er is haast bij, want net als bij de bekende soorten, zullen er bij deze groep ook veel met uitsterven bedreigd zijn.

9000 nieuwe boomsoorten
Graphic uit onderzoek rapport www.pnas.org/
Bomen zijn voor de aarde heel belangrijk. Niet alleen voor de biodiversiteit, bomen zorgen ook voor een rem op ongewenste veranderingen van het klimaat en extreem weer. Bomen zijn namelijk in staat hun eigen weer te maken (denk aan de regenwouden), maar ook het klimaat te beïnvloeden. Daarvoor moeten ze wel met heel veel zijn.

Zo slaan de bomen ongeveer 50% van de in de lucht aanwezige CO2 op. Ze remmen luchtstromen en voorzien die van vocht (brengen zo wolken verder het binnenland in). Bomen filteren ongewenste stoffen uit de lucht, bufferen water en reguleren de omgevingstemperatuur. Bomen doen dat trouwens niet alleen, ze zijn sterk afhankelijk van bodemschimmels en micro-organismen. 

Omdat het ondergrondse leven voor bomen  belangrijk is, zullen we ook de plek waar bomen staan verstandig moeten beheren. Belangrijkste aandachtspunten: voorkomen van bodemverdichting en stikstof concentraties verminderen. Zowel de boomwortels als de ondergrondse organismen hebben niet alleen vocht nodig, maar ook zuurstof. Dat lukt alleen als de grond luchtig is. In een sterk verdichte bodem kunnen bijvoorbeeld wormen geen gangen graven, die voor de doorluchting en waterhuishouding zorgen. Het gevolg is dan ook dat neerslag in in de bodem zakt, maar wegstroomt en zo voor wateroverlast kan zorgen. Dit kan in steden en dorpen nare gevolgen hebben. Ook stikstof is nodig, maar overdaad schaadt met name de bodemschimmels waardoor bomen minder vitaal worden.

Bossen

Door ontbossing komen de ecosysteemdiensten van bomen steeds meer onder druk te staan. Ook kunnen bepaalde boomsoorten onder slechte bodemomstandigheden moeilijk overleven. Hun vitaliteit neemt af en schadelijke organismen, zoals insecten geven de boom de laatste stoot. Als hierdoor in een groot gebied bomen massaal omkomen heeft dat voor het milieu en het klimaat grote gevolgen.

Meer bomen planten is natuurlijk een goed initiatief. Maar beter is het om de oude bomen ook echt oud te laten worden. Hun ecosysteemdiensten nemen met de groei exponentieel toe, totdat de bomen op een leeftijd komen dat ze aftakelen. Maar tot vlak voor hun dood blijven ze effectief met fotosynthese, en dus ook met het vastleggen van CO2, lucht filteren, neerslag bufferen en temperatuur regelen. Laat de bomen dus oud worden!
Natuurlijk doen de bomen in steden en dorpen en langs wegen ook een duit in het zakje. Maar door hun aantal en spreiding zijn ze niet zo effectief als bossen. Ze hebben vooral een weldadig effect voor hun directe omgeving en dus voor de mensen die in steden en dorpen leven.

Onbekende bomen

De nog niet ontdekte bomen zullen waarschijnlijk ook heel zeldzaam zijn, anders waren ze allang ontdekt en beschreven. Dat maakt ze erg kwetsbaar. Ze kunnen ongezien van het toneel verdwijnen door met name ontbossing in de warmere streken. Door hun geringe aantallen zullen ze dan ook minder in staat zijn zich te vermeerderen en sneller uitsterven. Bomen die in grotere getalen voorkomen, ook al is het regionaal, zullen zich gemakkelijker herstellen zodra de omstandigheden weer gunstig zijn.

De meeste van deze onbekende boomsoorten staan waarschijnlijk in de bossen van Zuid-Amerika. De onderzoekers schatten dat dit zo'n 40% zal zijn. Bedreiging bestaat niet alleen in de vorm van ontbossing voor men name de agrarische sector, maar ook door natuurbranden. Wetenschappers hebben daarom haast met het in kaart brengen van deze boomsoorten. Bomen en planten bevatten vaak stoffen die voor mensen en dieren 'n belangrijke werking kunnen hebben. Denk bijvoorbeeld aan mogelijke nieuwe medicijnen. Als we die onbekende boomsoorten niet traceren en in kaart brengen, zullen we nooit weten welke kansen door onze vingers zijn geglipt.
 
Ondertussen zullen lokale overheden en de internationale gemeenschap er alles aan moeten doen om de teloorgang van de bossen tegen te gaan. Er staan in de bossen momenteel zo'n 3 biljoen bomen en het worden er iedere dag miljoenen minder.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn  Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl).
Blijf op de hoogte en abonneer je op updates door rechtsboven je e-mailadres in te vullen.
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

maandag 13 december 2021

Onderschat de grove den niet

 In een groot deel van de Nederlandse bossen domineert de grove den. Dat is mede te danken aan de Limburgse mijnen van weleer. Grove den heeft namelijk als bijzondere eigenschap dat het luid kraakt als het hout onder druk komt te staan. Ideaal voor het stutten van mijngangen, want als er instorting dreigt zullen de stammen en balken ruim van te voren een luide waarschuwing laten horen. Maar je doet deze boomsoort te kort als je hem bestempelt als plantageboom voor de mijnen. 

De grove den is ook in Nederland een inheemse soort. Een dankbare soort zelfs, want hij groeit goed onder de meest barre omstandigheden. Op droge zand, zoals op de foto hiernaast, op vervuilde grond, in zure veengrond en zelfs bij natte broekbossen. De grove den voelt zich overal thuis.

Toegegeven, de dennenplantages die destijds voor de mijnbouw zijn aangelegd verdienen geen schoonheidsprijs. De bomen staan te dicht op elkaar en drijven zichzelf en de buren in snel tempo naar het licht. Het gevolg is dat je hoge kale boomstammen krijgt met een armzalige kroon bovenin. Die hevige concurrentiestrijd is te verklaren door het feit dat de naalden van de grove den heel veel honger naar licht hebben. Vooral in hun jeugd. Dan bestaat wel de kans dat ze verdrongen worden door berken of eiken.

Dat terreinbeheerders hebben besloten om bestaande percelen uit te dunnen is daarom te verdedigen. Zo'n mooie boom zoals op de foto vind je niet in de bossen en wordt vliegden genoemd. Dit betekent niets anders dan dat hij niet door mensen is gepland, maar uit aangevlogen zaad is opgegroeid. De zaden van de grove den bevatten een vleugel en kunnen over grote afstanden door de wind verspreid worden. Bij uitgedunde bossen zie je dan ook al snel nieuwe bomen ontkiemen. Door hun massale opkomst en groeisnelheid kunnen ze zelfs met berken concurreren. Maar in de schaduw van sparren, eiken en beuken kan de den zich niet ontwikkelen.
In sommige bossen worden de dennen helemaal verwijderd om plaats te maken voor inheemse loofbomen. Of om ruimte te scheppen voor kale heide of grasland. Dit vergt veel onderhoud, want als je niets doet ontstaat er al snel opnieuw bos en het ligt voor de hand dat de in de bodem aanwezige zaden het type bos zullen bepalen: dennen en berken, beide pionier soorten.

De zwakke concurrentiekracht van dennen verklaart waarom deze soort vaak groeit op arme grond, waar de meeste boomsoorten niet gedijen. Ze kunnen zelfs bosbranden en stormschade goed doorstaan en eisen in de herstelperiode dan ook direct ruimte voor zichzelf op.


Biodiversiteit

Ook al hebben grove dennen niet veel nodig om te overleven, ze vormen een belangrijke biotoop voor talrijke andere soorten. Dennenbossen dragen in belangrijke mate bij tot de biodiversiteit. Volgens een onderzoek van Natuurmonumenten worden in dennenbossen liefst 172 insectensoorten gevonden. Dit staat nog los van talrijke vogels, zoogdieren, reptielen, schimmels, etc. Denk daar maar eens aan als je weer in zo'n saai dennenbos wandelt. Je ziet er misschien zoveel van, maar het krioelt er boven en onder de grond van het leven.

Om van een bos te genieten moet je leren al je zintuigen te gebruiken.

Dat de meeste wandelaars op hun wekelijkse rondgang door het bos weinig van de rijke biodiversiteit zien is niet zo verwonderlijk. De aanwezigheid van zoveel roofdieren (wandelaars en hun honden - vaak niet eens aangelijnd) verstoort de rust in het bos. Wie vluchten kan, neemt de benen en anders kunnen de dieren zich heel goed verstoppen. Bovendien is het ook een kwestie van kijken. Oog hebben voor wat er leeft in een bos kun je leren. De meeste mensen nemen niet de moeite om goed te kijken en te luisteren. Vogelliefhebbers weten doorgaans precies wat er rondvliegt in het bos. Niet omdat ze al die vogels gezien hebben, meestal hebben ze ze alleen gehoord. Ook sporen vertellen wat er in het bos leeft. Om van een bos te genieten moet je leren al je zintuigen te gebruiken.

Nog even terug naar de dennenbomen. Ze hebben dus weinig nodig om gezond te groeien en kunnen vooral de voedingsarme en verzuurde, te natte en te droge gronden verrijken. Toch zijn deze bomen bedreigd, want ze kunnen niet zo goed tegen een overvloed aan stikstoffen. Als er niets wordt gedaan een de overdadige stikstofuitstoot van vooral de veeteelt, zullen in de buurt van zulke agrarische bedrijven de zo standvastige dennenbossen toch afsterven. Dat is pas verarming van de natuur.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn  Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl)
Blijf op de hoogte en abonneer je op updates door rechtsboven je e-mailadres in te vullen.
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

maandag 29 november 2021

Waarom beuken zo succesvol zijn

 Beuken behoren tot de succesvolste boomsoorten in Europa. En hoewel er in een beukenbos weinig andere planten kunnen groeien, vormen beuken een rijk ecosysteem. In Midden-Europa vormen beuken rond 15% van de bossen en als je alle bossen geheel aan hun lot zou overlaten, zouden ze in korte tijd vrijwel alle sparren- en dennenbossen verdringen. Dan zou driekwart van alle bossen in midden- en west Europa uit beuken bestaan.

De beuk levert ook zeer gewild hout voor talrijke toepassingen. Wel voor gebruik binnenshuis, want voor buiten is beukenhout niet duurzaam. Het hout heeft een fijne structuur en laat zich gemakkelijk bewerken.

Hoe komt het de beuk zo succesvol is en uitgebreide bossen kan vormen? Het is een boomsoort die zich gemakkelijk aanpast en relatief snel de hoogte in groeit, tot wel 35 meter. Daardoor leggen ze tijdens hun leven grote hoeveelheden CO2 vast. Beuken zijn zeer concurrerend tegenover andere soorten. Ze stellen geen hoge eisen aan vocht- en voedingsgehalte van de bodem. Ze kunnen op veel plaatsen groeien en ze groeien relatief snel. Maar ze wortelen oppervlakkig en kunnen daarom slecht tegen bodemverdichting. Dat is vooral bij beuken in steden een probleem. De wortels raken gemakkelijk beschadigd door onderhoud, bijvoorbeeld bij gras maaien of schoffelen. Beschadigde wortels vallen dan gemakkelijk ten prooi aan parasiterende schimmels, denk onder andere aan de reuzenzwam.

Schaduwplanten

In de bossen maken beuken opstanden een doorgaans opgeruimde indruk. Er groeit bij niets onder de donkere kronen. 's Zomers als ze vol in blad staan valt er slechts 3% van het zonlicht op de bodem. Onder die omstandigheden kunnen alleen gespecialiseerde schaduwplanten en zaailingen van de beuken zelf gedijen. Die zaailingen zijn niet erg van het zonlicht afhankelijk omdat ze via wortelknopen of mycorrhiza schimmels van voeding worden voorzien door de moederboom. Andere planten in de ondergroei houden er bijzondere overlevingsstrategieën op na. Denk aan de voorjaarsbloeiers, die vroeg in het voorjaar opgroeien en bloeien voordat de boomkronen hun bladeren ontluiken. Bekende voorjaarsbloeiers zijn bosanemoon, sneeuwklokjes, krokussen en daslook.

Beuken kunnen ook samen met andere boomsoorten gemengde bossen vormen. Dat kan bijvoorbeeld in combinatie met eiken, essen en esdoorn. Speciale voorwaarden zoals bodemgesteldheid en beschikbaarheid van water spelen daarbij een rol. Wanneer het kronendek voldoende gaten vertoont en licht tot de bodem toelaat, kunnen er talrijke andere planten groeien, waaronder diverse orchideeën. Daarnaast biedt een beukenbos leefruimte voor verschillende varens, mossen en honderden soorten paddenstoelen. Ook de fauna profiteert van beukenbossen. Onderzoekers hebben in deze biotopen rond 6.800 diersoorten aangetroffen, waaronder zo'n honderd insectensoorten. Beuken zijn dus heel belangrijke bomen voor de bescherming van de biodiversiteit.

In steden zijn de indrukwekkende ecosysteemdiensten van beuken belangrijk. Ditt heeft alles te maken met de geweldige kroonomvang van oudere beuken. Ze vangen veel luchtvervuiling op en hebben een verkoelende werking op hun omgeving. Dat koelvermogen is belangrijk om 's zomers hittestress bij stedelingen tegen te gaan. 

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn  Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl)
Blijf op de hoogte en abonneer je op updates door rechtsboven je e-mailadres in te vullen.
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.























maandag 15 november 2021

De eik maakt indruk

 Al sinds de vroegste geschiedenis van Europese volkeren is de eik een boom die indruk maakt. Niet alleen de oude Germanen zagen in machtige eiken de verpersoonlijking van een opperwezen. Ook bij andere volkeren speelde de eik een belangrijke rol in de lokale gewoonten en rituelen. Eiken stralen kracht en duurzaamheid uit. Dat is mede te danken aan het feit dat eiken heel oud kunnen worden. Vierhonderd jaar is een normale leeftijd voor eiken, sommige worden zelfs ouder dan duizend jaar. Voor mensen, zeker voor de onze voorvaderen lijkt het dan alsof eiken het eeuwige leven hebben. Dat moet iets mystieks, iets goddelijks zijn!

Zomereik. Foto Pixabay

In Europa komen liefst vierentwintig eikensoorten voor en daarbij domineren in midden- en noordwest Europa de zomereiken en wintereiken. Naast beuken en esdoorns zijn eiken de belangrijkste soorten voor loofbossen. Ook als stads- en laanboom is met name de zomereik een populaire soort. Bij ons in Nederland, België en Duitsland domineert vooral de zomereik, herkenbaar aan het blad zonder (of korte) steel en de eikels aan steeltjes. De wintereik (blad heeft een duidelijke steel) groeit bij voorkeur in de koudere streken. De zomereik kan ook beter tegen arme grond en verdraagt perioden van nattigheid en droogte. Over het algemeen groeien eiken het liefst op plekken waar andere soorten moeilijk overleven. Ze ondervinden daar weinig concurrentie. Dat vinden eiken wel fijn, want zij hebben, zeker in hun jeugd veel licht nodig om zich te kunnen ontwikkelen. 

Afhankelijk van de bodemsoort groeien eiken vaak samen met andere soorten. Op zandbodem is de combinatie met beuken favoriet. Op vochtige, voedingsarme grond groeien eiken vaak samen met berken. Op kalkrijke bodem verkiest de eik esdoorns, wilgen en elzen als gezelschap.

Biodiversiteit

De eik is, na de wilg de boomsoort die de meeste andere organismen woonruimte en voedsel verschaft. Meer dan 400 vlindersoorten en ruim 100 andere insecten en spinnen leven speciaal van en op de eik. Maar bomen, dus ook eiken, zijn niet alleen belangrijk voor insecten. Ook vogels, zoogdieren, mossen, schimmels en andere planten vinden bij bomen woonruimte, voedsel en een veilige plek.

Eikels zijn bijzonder voedzame vruchten waar meerdere diersoorten van profiteren. Denk aan eekhoorntjes, gaaien, reeën en herten. Maar vooral ook everzwijnen. Als er een tijdje weinig eikels zijn (een slecht mastjaar) heeft dat vooral voor de deze dieren nare gevolgen. Ze lijden honger. Daarom is het belangrijk om in de bossen geen eikels te rapen om thuis leuke speeltjes in elkaar te fröbelen. Ook andere vruchten zoals kastanjes laten we liever liggen als voedselrijke winterkost voor de dieren in het bos.
Lang geleden lieten de boeren hun varkens eikels eten in het bos. Zo konden ze extra spek aankweken voor de barre winters. De waarde van het bos werd afgemeten aan het aantal varkens dat men er kon houden.

Dat de eik zo goed in ons klimaat en op de Europese bodemsoorten past komt doordat deze soort na de laatste ijstijd relatief snel onze gebieden heroverde. Sneller dan bijvoorbeeld beuken en sparren. Eiken hebben als soort daarom langer de tijd gehad om zich aan ons leefgebied aan te passen.

Eikenbossen leveren ook duurzaam hout voor talrijke toepassingen. Eikenhout is dan ook zeer geliefd bij meubelmakers en timmerlieden. Het hout is decoratief, is hard maar laat zich goed bewerken en kan ook voor buiten worden toegepast. Voor houtproductie is het belangrijk dat we over veel loofbossen met eiken beschikken, want eiken groeien relatief langzaam en worden pas laat volwassen: rond 200 jaar. 

Het oogsten van bomen, zeker van eiken moet met beleid gebeuren. Kaalslag is funest voor de dynamiek in het bos. De bomen worden minder vitaal en zijn gevoeliger voor ziekten en plagen. Ook eiken hebben hun familie en een bijzondere band met bodemschimmels, de mycorrhiza nodig om gezond te groeien. Een vitaal bos is goed voor de bomen zelf, voor de biodiversiteit en voor de kwaliteit van het hout. Een vitaal bos legt ook méér CO2 vast dan wanneer de bomen het moeilijk hebben om te overleven.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn  Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl)
Blijf op de hoogte en abonneer je op updates door rechtsboven je e-mailadres in te vullen.
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.


woensdag 10 november 2021

Alluviaal- en broekbos kent speciale boomsoorten

Langs de oevers van rivieren en beken ontstaan vaak alluviale bossen. Iets verder weg van de oevers en in afgesloten rivierarmen ontstaan dan weer vaak broekbossen. Dit zijn natuurgebieden met een grote waarde voor biodiversiteit, maar tegelijk bedreigd en zeldzaam. Alluviale bossen verdwijnen vaak doordat rivieren en beken rechtgetrokken worden en broekbossen werden vaak drooggelegd ten behoeve van de landbouw. Dat is erg jammer, want dit soort bossen herbergen veel bedreigde dier- en plantensoorten. Bovendien zijn het ideale waterbuffers.

Foto: Wim Vlekken

Nat

Kenmerkend voor alluviale bossen en broekbossen is de aanwezigheid van water. In alluviale bossen is het water steeds in beweging en deze dynamiek zorgt voor voortdurend veranderende grondafzetting. Dit heeft een bijzondere en grote soortenrijkdom tot gevolg.
In zulke natte biotopen moeten planten zich aanpassen, want het water zorgt voor gebrek aan zuurstof. Planten hebben namelijk ook zuurstof nodig. Via de mondjes in de bladeren ademen ze niet alleen CO2 in, maar ook alle andere gassen die in de lucht zijn opgelost, waaronder zuurstof. Bovendien ademen ook de wortels zuurstof, die via kleine poriën in de bodem dringt. Als de zaak onder water staat ontstaat er zuurstofgebrek waardoor wortels na enkele weken zullen afsterven, vervolgens legt ook de plant het loodje. Planten die in natte bodem overleven zijn hiervoor aangepast. Bomen zoals zwarte els en wilgen zijn in staat om via kanalen in de stam lucht naar de wortels te transporteren. Zo overleven zij langdurige natheid.
In gebieden die wisselend overstromen overleven weer andere boomsoorten. Denk aan (eveneens) wilgen, maar ook grauwe elzen, essen, zomereiken en iepen. In deze gebieden kunnen onder gunstige voedingscondities ook berken, sparren en dennen overleven. Deze boomsoorten zijn ook geschikt om rondom wadi's te planten.

Biodiversiteit

Natte bossen zijn erg belangrijk om hun unieke biodiversiteit. Hier komen zeldzamen en bedreigde planten- en diersoorten voor. Denk aan koningsvaren, zwaardlelie, zegge en dieren als de zwarte ooievaar, talrijke watervogels, bevers en otters. Ook voor de zeearend en visarend zijn dit ideale jachtgebieden.

Gelukkig worden deze gebieden weer in hun waarde erkend en op diverse plaatsen zelfs hersteld of teruggebracht. Ook voor de mensen zijn alluviale bossen en broekbossen belangrijk. Ze vormen onmisbare waterbuffers waar plaats is voor overtollig water waardoor ze de kans op overstromingen aanzienlijk verkleinen. In droge periodes voorzien deze gebieden hun omgeving van water. De vegetatie blijft water verdampen en wolken vormen, die elders voor neerslag kunnen zorgen. Door deze eigenschappen helpen ze de gevolgen van klimaatverandering te dempen, zodat de natuur minder last heeft van droogte en mensen redelijk beschermd zijn tegen hoogwater. 

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn  Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl)
Blijf op de hoogte en abonneer je op updates door rechtsboven je e-mailadres in te vullen.
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

woensdag 22 september 2021

Het bos als zuiveringsinstallatie

 Bossen leveren een belangrijke bijdrage aan het gezonde leefklimaat in het algemeen en voor dorpen en steden in het bijzonder. Bomen filteren ongewenste stoffen uit de lucht en het regenwater, verminderen de kans op wateroverlast en verlagen de omgevingstemperatuur. Zelfs individuele bomen leveren merkbare prestaties.

Om daar de aandacht op te richten hebben we in samenwerking met de gemeente Weert in de zomer van 2021 bij een aantal bomen een bomenpaspoort geplaatst. Bij andere bomen hangt een kleiner formaat aan de stam. Op dit paspoort tonen we de uitkomst van berekeningen van de zogenaamde ecosysteemdiensten van de bomen. Zoals op de foto hiernaast bij een monumentale beuk in Molenakker.

Veel mensen ervaren bomen als 'halfdode' objecten die langs de weg, in het park of in het bos staan. Meer een soort speling van de natuur om het landschap een beetje op te fleuren. In werkelijkheid vervullen bomen een essentiële functie in de natuur. Het zijn sociale wezens, die op elkaar aangewezen zijn en elkaar helpen te overleven, mits ze niet eenzaam langs de weg staan. Van bomen zijn heel veel andere wezens afhankelijk, zowel boven als onder de grond. Bij eiken zijn dat meer dan 240 soorten. Bomen zorgen ook dat regen van de oceanen verder landinwaarts getransporteerd wordt door vocht uit de bodem via de bladeren weer in de lucht te brengen, die vervolgens als wolken weer een paarhonderd kilometer verder uitregenen. En daar herhaalt zich dit proces weer. Waar bomen ontbreken dreigt droogte en kunnen woestijnen ontstaan.

Ik doe belangrijke dingen voor jou

Het bomenpaspoort vermeldt een aantal feiten over de diensten die bomen leveren om jouw leefomgeving gezond te houden. Ik noem hier de belangrijkste.

Ik produceer zuurstof
Via de bladeren nemen bomen (zoals alle planten) CO2 op uit de lucht. Via een bijzonder proces, fotosynthese, wordt het CO2 molecuul gesplitst in 1 koolstofatoom en 2 zuurstofatomen. Koolstof is een belangrijke bouwsteen voor de boom. Het wordt gebruikt voor de aanmaak van glucose en dat is nodig om, samen met andere elementen die de wortels aanleveren, cellen op te bouwen en het afweersysteem te onderhouden. Glucose is ook een energiebron voor dit hele proces en wordt via zogenaamde wortelknopen ook gedeeld met andere bomen die verzwakt zijn en met de schimmels die de boom helpen mineralen uit de bodem te halen. Deze schimmels helpen ook om voedsel met andere bomen te delen en te communiceren over bedreigingen.
Zuurstof is een restproduct, dat via de bladeren wordt uitgescheiden. Nu is het wel zo, dat bomen zelf ook zuurstof gebruiken. Wortels nemen het uit de bodem op, om samen met glucose de stofwisseling aan de gang te houden. Wat over is staat ter beschikking aan dieren die zuurstof gebruiken. Een gemiddelde boom van meer dan 80 jaar levert zo zuurstof voor ongeveer 7-8 mensen.

Ik leg CO2 vast
Zoals hierboven al beschreven is, halen planten CO2 uit de lucht en zetten dat via de fotosynthese om in losse koolstof- en zuurstofatomen. Hoe ouder een boom wordt, hoe groter zijn kroon en hoe meer bladeren daarin aan fotosynthese doen. Dus de hoeveelheid CO2 die een boom in een groeiseizoen kan vastleggen is afhankelijk van zijn omvang, dus ook van zijn leeftijd. In de dikke stam en takken kunnen zo tientallen, tot honderden tonnen aan koolstof worden vastgelegd. 
Als een boom sterft zullen talrijke micro-organismen het hout opruimen. Daarbij komt de koolstof dus weer terug in de atmosfeer. Dat is een proces van vele tientallen jaren. Als we besluiten dat hout 'te oogsten' en na droging te gebruiken voor nuttige voorwerpen, kan die CO2 teruggave nog tientallen jaren worden uitgesteld. Hout verbranden voor bijvoorbeeld energie opwekking (biomassa) is daarom een slecht idee. De verbranding gaat veel sneller dan de natuur opnieuw kan vastleggen. Waar een boom 100 jaar over gedaan heeft, zal in een energiecentrale binnen 40 minuten verbrand zijn. 

Ik onderschep en verbruik regenwater
Eerst eens dat 'onderscheppen' uitleggen. Tijdens een regenbui zullen waterdruppels zich hechten aan de bladeren, takken  en de stam van een boom. In de scheikunde wordt dit adhesie genoemd. Zodra dat zoveel wordt dat de zwaartekracht het wint van de adhesie, zal het water verder naar de bodem zakken. Ondertussen heeft de boom in zijn structuur alle honderden liters vastgehouden. Dat gaat vertraagd naar de bodem, zodat het daar rustig kan bezinken. Ondertussen wordt een deel van het water alweer verdampt. Hieraan is natuurlijk een maximum gesteld. Als er in een seizoen minder regen valt, wordt dat maximum niet gehaald. Maar dan lijdt de boom waarschijnlijk ook aan droogtestress. Voldoende regen is belangrijk en zoals we hierboven al zagen, zorgen bomen (bossen) zelf ervoor dat er (elders) opnieuw regen valt. Dit is trouwens het principe waardoor regenwouden kunnen bestaan, ze creëren hun eigen klimaat om te groeien. Als dit proces onderbroken wordt, dreigt droogte en kunnen woestijnen in de plaats van de regenwouden ontstaan. Dit zien we momenteel op veel plaatsen in bijvoorbeeld de Amazone, Madagaskar en Centraal Afrika gebeuren.

Waar geen bomen staan heeft water vrij spel en ontstaan overstromingen.

Het verbruik van water wordt geregeld door de wortels, die het water uit de bodem halen. Voorwaarde is dat er water beschikbaar is en de wortels er bij kunnen. Bomen die op hun groeiplek gekiemd zijn, 'kennen'  de omstandigheden en ontwikkelen wortels die dat water wel weten te vinden. Bomen van de boomkweker beschikken niet over die kennis en hun wortels zijn gewoonlijk flink teruggesnoeid. Deze bomen weten het grondwater moeilijker te vinden en dreigen zonder extra zorg vaak te verdrogen. Dit is met name het lot van stadsbomen.
Een volwassen boom kan op warme zomerdagen gemakkelijk 300 tot 500 liter water verbruiken. De wortels nemen dat uit de bodem op en transporteren dit naar de bladeren. Lang werd gedacht dat dit oppompen gebeurt door het vacuüm dat door verdamping ontstaat. Maar die gedachte gaat mank als je je realiseert, dat in het voorjaar water naar de knoppen wordt gepompt, die dus nog moeten ontluiken. En zo'n vacuüm werkt ook niet tot 60 of 80 meter hoogte. Er moet dus een ander mechanisme aan het werk zijn, maar wetenschappers zijn er nog steeds niet achter wat dat dan precies is.
Doordat bomen zoveel water onderscheppen en verbruiken dragen zij bij aan het voorkomen of verminderen van wateroverlast. Waar geen bomen staan heeft water vrij spel, met vaak catastrofale gevolgen.

Ik filter luchtverontreiniging 
Bomen halen niet alleen CO2 uit de lucht. Ze halen er onder andere ook stikstofoxiden uit, maar ook zwaveloxide en ozon. De bladeren ademen dat in en deze schadelijke gassen worden in het fotosynthese proces geneutraliseerd. Ze worden via een laag onder de schors, het floëem genaamd, naar de wortels gebracht en daar opgeslagen. Bodemschimmels verwerken dat en zo worden die schadelijke gassen uiteindelijk onschadelijk gemaakt.
In de structuur van de boom wordt ook fijnstof afgevangen. We onderscheiden hierin PM10, PM2,5 en tegenwoordig ook PM1,0. PM10 zijn relatief grove deeltjes, maar omdat PM2,5 en PM1,0 heel klein zijn kunnen ze fijner longweefsel bereiken en daar schade aanrichten. Bomen kunnen deze deeltjes dus afvangen. Met de volgende regenbui spoelt het naar de bodem waar micro-organismen het verwerken. 
Niet alle boomsoorten zijn even goed in dat filteren. Hoe kleiner en fijner het blad hoe beter ze presteren. Coniferen doen het dus beter dan loofbomen. Ook presteren ze beter als ze dicht bij de bron staan, maar niet te dicht op elkaar. De wind moet er gemakkelijk doorheen kunnen waaien.

Ik koel mijn omgeving
Voor de fotosynthese heeft de boom behalve licht ook water nodig. Dat water komt via poreuze cellen aan de buitenkant van het kernhout, het xyleem, vanaf de wortels naar de bladeren. Een deel van dat water wordt gebruikt voor transport van glucose naar de wortels terug. Het grootste deel van het water verdampt en dat zorgt voor verkoeling. Koele lucht is zwaarder dan warme lucht en zakt dus omlaag en verspreidt zich in de omgeving. Tot wel 100 meter van de bomen verwijderd. Daarnaast zorgt ook de schaduw van de kroon voor enige verkoeling. Zo kan het gebeuren dat het in de directe omgeving van bomen tot wel 7 graden koeler is dan onder de directe zon. Het maakt voor je welzijn wat uit of het 36 of 29 graden is.
Een voorbeeld zagen we deze zomer in een reportage over extreme warmte in de zuidelijke staten van de VS. Wat bleek? De mensen die het meeste van de hitte te lijden hadden woonden in de stad, waar vrijwel geen bomen stonden. Alleen veel asfalt en beton. Omdat dit in de nacht onvoldoende afkoelt doet de zon er de volgende dag nog een schepje bovenop. De hitte cumuleert. In de buitenwijken waar mensen hun straten en tuinen met bomen beplant hebben werd niet over hitte geklaagd.
Ook op plaatsen waar op grote schaal ontbossing heeft plaatsgevonden lijden mensen en hun (huis)dieren onder de extreme hitte. Er groeit niets meer en behalve de hitte krijgen ze ook nog met gebrek aan voedsel en (drink)water te maken. Hongersnood is het gevolg.

Plant meer bomen zou een goede raad zijn. Maar de bomen die we dan planten komen uit kwekerijen. Ze zijn snel opgekweekt met ontoereikende wortels, want die zijn alleen maar lastig bij het planten op de eindbestemming. Die bomen hebben moeite om water te vinden en kunnen vaak ook niet communiceren met soortgenoten. Hun wortels raken elkaar niet en vaak ontbreekt het aan de juiste bodemschimmels waarmee ze een verbond kunnen aangaan. Het beste advies is, laat de bomen staan en laat ze oud worden. En geef geschikte ruimte terug aan de natuur, zodat er via een natuurlijk proces opnieuw bossen ontstaan. Die zijn later ook onder extreme omstandigheden levensvatbaar. En plant straatbomen in wisselende groepjes van soortgenoten, zodat ze onderling een band kunnen aangaan. Maar tegelijk zulke groepjes afwisselen met andere soorten om ziekten en plagen beter tegen te gaan. Zo kunnen ook stadsbomen oud worden en dan leveren ze later hun beste prestaties. Bomen doen belangrijke dingen voor jou! Maar ze doen dat in hun eigen tempo.

Zie ook de film die de beroemde Duitse boswachter Peter Wohlleben maakte: The Hidden Life of Trees. Draait waarschijnlijk nog in een bioscoop bij jou in de buurt.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Blijf op de hoogte en abonneer je op updates door rechtsboven je e-mailadres in te vullen.
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

vrijdag 18 juni 2021

Moeten we vaker hout gebruiken?

 Sinds de oprichting in 2017 ben ik bestuurslid van WEERTERLANDHOUT, een stichting die zich inzet voor duurzaam gebruik van lokaal hout. Anders gezegd, de bomen die de gemeente moet laten kappen worden bij ons gebruikt om spullen van te maken waardoor de opgeslagen koolstof nog jaren gebonden blijft. Als WLH bestuurder promoot ik dan ook het duurzaam hergebruik van bomen. Maar ja, ik heb ook een andere pet op, die van natuurbeschermer en bomenspecialist.

Foto: Pixabay - Houtbouw


Dus roep ik ook vol overtuiging: Laat die bomen zo lang mogelijk staan! Zolang ze vitaal genoeg zijn leveren ze ons belangrijke diensten die ons leven aangenamer maken en helpen de klimaatverandering te beheersen. (#TreeTag)

Is het je opgevallen? Ik roep niet: Plant meer bomen! Daar ben ik trouwens niet tegen, verre van... Maar jonge bomen presteren niet in dezelfde mate als grote volwassen bomen. Dat heeft allemaal te maken met de omvang van de met bladeren bedekte kroon. Hoe meer groen, hoe beter de ecosysteemdiensten. En natuurlijk ben me ervan bewust dat ook die geweldige bomen niet het eeuwige leven hebben. Verjonging is nodig. Het is ook helemaal niet erg als we op beperkte schaal bomen kappen om te gebruiken in bijvoorbeeld de woningbouw. Als het maar op verantwoorde manier gebeurt in bossen die daarvoor speciaal zijn aangeplant. Blijf van de oerbossen af! Dat zijn namelijk kwetsbare ecosystemen met unieke biodiversiteit. Dat gaat verloren als je daar hout gaat oogsten.

Als dan tegelijk massaal bomen gekapt worden om als biobrandstof te dienen stevenen we
recht op een milieuramp af.

Een grote domper op het duurzaam gebruik van hout is de bomensterfte door de letterzetter (kever) in met name Duitsland. Miljoenen voor de houthandel bestemde bomen zijn onbruikbaar geworden en moesten preventief worden gekapt om de uitbreiding van de plaag een halt toe te roepen. Tegelijk is de vraag naar hout alleen maar toegenomen. Niet alleen voor de bouw en houten producten, maar bijvoorbeeld ook voor de chemie, die uit cellulose en lignine (de chemische bouwstenen van hout) ecologisch verantwoorde producten kunnen maken. Bijvoorbeeld om fossiele brandstoffen (deels) te vervangen en als alternatieve bouwstof ter vervanging van beton. Door al die initiatieven stijgt de vraag naar hout. Het is voor de bosbouw al moeilijk genoeg om op ecologisch verantwoorde wijze aan te voldoen. Als dan tegelijk massaal bomen gekapt worden om als biobrandstof te dienen stevenen we recht op een milieuramp af. Het gebruik van bomen voor biobrandstof moet stoppen, te beginnen door de subsidie daarop af te schaffen.


Hout verbranden voor energie is niet meer van deze tijd

Het gebruik van hout als biobrandstof zou nodig zijn om aan de gestelde klimaatdoelen te kunnen voldoen. Maar dat is op z'n minst een beetje dubbel. Als je resthout gebruikt (zonder de smoes dat je bossen moet uitdunnen wat dan resthout oplevert) zou dat in principe mogen. Resthout is zaagsel en stukken hout, die overblijven in de houtindustrie. Dode bomen en takken horen in het bos te blijven, alleen in productiebossen mag je ze opruimen.  Dit is wat over resthout binnen de Verenigde Naties afgesproken is.
Het verbranden van hout voor de opwekking van energie is echter niet meer van deze tijd. Bovendien zorgt het voor aanzienlijke gezondheidsschade door fijnstof en chemische luchtverontreiniging. Als astma patiënt kan ik daarover meepraten. Eigenlijk zou het gebruik van openhaarden en allesbranders verboden moeten worden. Gezellig is het wel, maar het tast de gezondheid van buurtbewoners aan.

Is het dan wel raadzaam om meer houten huizen te bouwen? 
Als het hout van duurzaam beheerde bosbouw afkomstig is, heeft het bouwen van houten huizen veel voordelen. Om te beginnen worden houten huizen in fabrieken gebouwd, in delen naar de bouwplaats gebracht en daar afgemonteerd. Er wordt veel minder gebruik gemaakt van beton, waardoor het bouwproces minder CO2 oplevert. Ook zijn er minder transporten nodig, omdat hout veel lichter is dan stenen en beton. En in het gebruikte hout blijft de opgeslagen koolstof  lange tijd vastliggen. Na afloop van de levensloop van het huis kan het vrijkomende hout voor een groot deel weer voor andere producten dienen. Hout is stevig materiaal dat zelfs voor hoogbouw geschikt is. Dat is inmiddels in verschillende projecten bewezen. Hout is ook veiliger brand, wat je misschien niet zou verwachten. Maar bij een brand blijft de constructie langer overeind en dat vergroot de kans om te ontsnappen.

Een houten huis biedt de bewoners ook meer wooncomfort dan een stenen huis. De natuurlijke isolatie is beter en het materiaal ademt. Het voelt in de winter warmer aan en in de zomer koeler. Langs deze weg helpt het ook om energie te besparen.

Bij leven zorgen bomen voor een aangename en gezonde leefomgeving. Ook als de boom dood is kan hij ons als bouwmateriaal en grondstof voor gebruiksvoorwerpen nog van dienst zijn. Bomen hebben dus alleen maar voordelen. Koester daarom vitale oude bomen en gooi dode bomen niet in de verbrandingsoven. Ze spelen nog een belangrijke rol in de natuur en als grondstof kan het onze wereld een stuk duurzamer maken.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Blijf op de hoogte en abonneer je op updates door rechtsboven je e-mailadres in te vullen.
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.