dinsdag 2 april 2024

Waarom bossen niet altijd goed zijn tegen klimaatverandering

 Ook in deze BLOG is vaak gepleit voor meer bossen tegen klimaatverandering. Bijvoorbeeld door meer koolstof uit de atmosfeer te halen en zo het broeikaseffect te verkleinen. Nu blijkt uit recent onderzoek dat dit toch iets ingewikkelder is. In eerdere onderzoeken is namelijk geen rekening gehouden met reflectie. In sommige gebieden kunnen bossen meer zonlicht absorberen en opwarmen dan reflectie zonder die bomen kan koelen. Denk aan de noordelijke gebieden waar een groot deel van het jaar sneeuw ligt. Wit kaatst zonnestraling terug de ruimte in.

Foto: Pixabay
De klimaatwetenschappers keken eens goed naar het zogenaamde albedo-effect, het resultaat van de mate van reflectie. Veel reflectie betekent sterke afkoeling, terwijl absorberen opwarming tot gevolg heeft. Met ingewikkelde berekeningen konden zij een maatstaf (Carbon dioxide equivalents -CO2e) vaststellen, die helpt een balans te vinden tussen reflectie en absorptie.
Er is ook een verschil in absorptie tussen de verschillende boomsoorten, afhankelijk van de tint van het blad en de dichtheid van de kroon.

Zo konden zij een kaart samenstellen die aangeeft in welke gebieden de aanplant van bomen tot afkoeling leidt en waar dit juist opwarming tot gevolg heeft.

Je ziet het ook in de praktijk als je in een besneeuwd landschap kijkt naar de bomen. Zodra de zon wat sterker wordt ontdooien de bomen en worden ze weer groen. Dat is donkerder dan de sneeuw er omheen. Ook direct rondom de boom zal de sneeuw sneller smelten. Opvallend genoeg stelden de wetenschappers ook in dorre gebieden (bijvoorbeeld woestijnen) hetzelfde effect vast. Kortom, het koelend effect van bomen zie je vooral in de gematigde klimaatzones.

Toch zijn de wetenschappers ervoor om meer bossen aan te planten, wel rekening houdend met de balans tussen reflectie en absorptie (albedo). Bomen bieden namelijk veel meer dan CO2 opname, ze gaan hittestress in hun omgeving tegen, ze helpen water te zuiveren en bodem te behoeden voor landverschuivingen,  bomen produceren voedsel, vormen een leefgebied voor dieren en hebben een rustgevende uitwerking op mensen. Het is dus vooral een kwestie van prioriteiten stellen en de juiste balans vinden.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn - Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl).
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.



maandag 27 november 2023

Is een bio-divers bos beter in de strijd tegen klimaatverandering?

Wie door Midden-Europa reist zal de vele vierkante kilometers aan sparrenbossen niet ontgaan. Je kunt je dan meteen de vraag stellen 'wat het probleem met klimaatverandering' is bij zoveel bomen. Maar die eentonige plantages hebben wel degelijk een nadeel. Ze zijn bijvoorbeeld gevoelig voor plagen, zoals de letterzetter ons de laatste jaren heeft gedemonstreerd. Maar die monoculturen hebben nog meer nadelen. 

Eenzame vogelkers in een monotoon sparrenbos
Metingen hebben aangetoond dat deze bomen met name door het onderhoud, oogst en afvoer meer CO2 in de lucht brengen dan ze kunnen opnemen. Daarnaast zijn deze sparren optimaal aangepast aan groeien in een vochtige omgeving op grotere hoogte dan waar ze nu staan, namelijk boven de 1500 meter. Door klimaatverandering is die hoogtegrens veel lager geworden. Droge jaren zijn funest en tasten hun weerstand aan, waardoor de schorskever onverbiddelijk toeslaat. Door zulke rampen is de bosbouw niet rendabel en wordt met veel belastinggeld overeind gehouden.

Nu blijkt uit recent onderzoek dat monoculturen sowieso een groot nadeel hebben. Er staan veel bomen van dezelfde soort dicht bij elkaar. Door de onderlinge concurrentie is de verdeling van belangrijke bronnen in geding. Ook de strijd om het zonlicht in de kronen heeft nadelige gevolgen. Een door bosbouwers gewenste bijwerking is dat de stammen snel en recht omhoog groeien. Dit is niet persé goed voor de vitaliteit van de bomen en mogelijk ook nadelig voor de hout kwaliteit. De hevigste strijd wordt in de bodem geleverd, met name om de verdeling van (gebonden) stikstof.

Beter bio-divers
Bij onderhoud van bossen en (her)bebossing zouden de houtvesters beter hun kaarten moeten zetten op diversiteit. Uit onderzoek kwam naar voren dat in een divers bos minder concurrentie tussen soortgenoten is. De diverse soorten bomen en struiken hebben verschillende behoeften om optimaal te groeien en zitten elkaar minder in de weg. Dat geldt zowel in de kronen als in de bodem. Hoewel zeldzaam, zijn er ook gevallen waarbij verschillende boomsoorten groeifactoren aanmaken ten voordele van andere soorten. Een divers bos zorgt ook voor meer diversiteit aan bodemschimmels en bacteriën waardoor een bos als ecosysteem minder kwetsbaar is. Een bio-divers bos kan tot wel 70% meer CO2 vastleggen.

Na de ramp met de letterzetter komt er nu langzaam een trend op gang om bossen meer divers in te richten. Er is nog weinig aandacht voor de rol van een diverse ondergroei, omdat bosbouwers daarin geen direct voordeel (lees opbrengst) in zien. Toch verdient de ondergroei aandacht wegens zijn rol in de biodiversiteit van het bos-ecosysteem. Het geheel zorgt ook voor een diversiteit aan dieren in het bos wat een bos robuster maakt, met name door een stabiele stikstofkringloop.

Luchtvervuiling
Uit data van TROPOMI (Nederlands instrument aan boord van de Copernicus satelliet) blijkt dat bomen ook minder presteren als wij allen aan het werk en onderweg zijn. De luchtvervuiling die dit met zich brengt hindert de fotosynthese waardoor bomen minder CO2 kunnen opnemen. Maar ze gaan weer helemaal los zodra het weekend aanbreekt, want dan neemt de vervuiling door aerosolen af en krijgen de groene chlorofyl cellen meer zonlicht.

Ook in de bossen passen alle blokjes in elkaar. Als mens moeten we bossen redden door optimale omstandigheden te creëren en er vervolgens van af te blijven. Een robuust bos kan zich prima zelf redden.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn - Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl).
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

maandag 20 november 2023

Hoe een meertje in Denemarken inzicht gaf in 100 jaar biodiversiteit

 Britse en Duitse wetenschappers kozen een meer in Denemarken om het verlies aan biodiversiteit te onderzoeken. Wat ze ontdekten gaf reden tot zorg.
Het meer werd als een tijdmachine gebruikt, 100 jaar terug in de tijd. Over deze periode was de waterkwaliteit zorgvuldig gedocumenteerd. De bodem van het meer gaf een beeld van het verloop in biodiversiteit door laag voor laag, in secties van 1 jaar, het daarin achtergebleven DNA te analyseren. Middels AI werd er een verband gelegd tussen klimaatverandering, watervervuiling en de biodiversiteit.

Foto: Pixabay

De eerste 80 jaar vertoonde een verslechtering van de waterkwaliteit en achteruitgang in biodiversiteit. De laatste 20 jaar gaf een kleine verbetering te zien, omdat in de omgeving van het meer de landbouw verminderde. Daarmee verlaagde de druk door pesticiden en andere gifstoffen.
Daarmee is het meertje nog ver van een herstel naar de oorspronkelijk kwaliteit en biodiversiteit. Het verlies aan biodiversiteit zal waarschijnlijk nooit meer hersteld worden.

Dit onderzoek leverde een gedetailleerd inzicht in de gevolgen van klimaatverandering, landbouwgif en andere verontreinigingen.
Het doel was om informatie te verkrijgen die helpt de biodiversiteit te beschermen. Door voortdurende afname van de biodiversiteit komt ook het voortbestaan van de mens in gevaar. Het experiment heeft ook aangetoond welke rol AI kan spelen bij het analyseren van zulke tijdmachines.
Het onderzoek toont aan dat verlies aan biodiversiteit onomkeerbaar is. De natuur vindt zijn evenwicht, maar dat is fundamenteel anders dan het geweest is. Sommige planten en dieren zullen niet meer terugkeren in de veranderde biotoop.

Toekomst

Door meren als tijdmachine te gebruiken beschikken de wetenschappers over een betrouwbaar instrument om ook een blik op te toekomst te werpen. Met de data kunnen ze modellen ontwikkelen die voorspellen hoe het er over enige tijd uit zal zien, als we op dezelfde voet verder gaan. De onderzoekers hebben plannen om hetzelfde onderzoek in andere meren, o.a. in Engeland te herhalen. Ze hopen daarmee een bijdrage te leveren aan beter beleid ten aanzien van natuur, milieu en klimaat.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn - Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl).
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

vrijdag 27 oktober 2023

Waarom zijn bevers beter dan waterschappen?

 Recent hebben Amerikaanse wetenschappers, met hulp van NASA vastgesteld dat bevers met hun waterwerken heel goede oplossingen leveren die helpen de klimaatverandering te beheersen. Dat effect is zo groot (in de VS) dat het resultaat op satellietbeelden goed te zien is. Dit gaf ARK Rewildering Nederland aanleiding tot de conclusie dat "bevers waardevolle waterschappers zijn". 

Foto Pixabay
Om klimaatverandering tegen te gaan is het belangrijk om natuurbranden tegen te gaan en overtollig CO2 langdurig op te slaan. Verder is watermanagement belangrijk om neerslag te bufferen en te zorgen dat het grondwater op niveau blijft. Natuurlijk praten we in de VS over een veel grotere schaal dan in Nederland, maar wat de bevers hieraan kunnen bijdragen is in grote lijnen hetzelfde.

Ook in Nederland werkt het prima als bevers aan het werk zijn. Bevers knagen langs de oevers wel bomen weg, maar zorgen ervoor dat veel andere bomen beter van water voorzien worden. Het doel van beverdammen is ook om een waterbuffer aan te leggen, zodat de burgtingang veilig onder water ligt. En dat onder alle omstandigheden en alle jaargetijden. Zo ontstaan moerasbossen en natte dalen die grote hoeveelheden water vasthouden. Watervlakten en verdamping via plantengroen zorgen voor verkoeling. Bevers zijn op dat gebied behoorlijk pienter. Zij vervullen een sleutelrol in de natuur.

Laat het aan de natuur over

En ja, om deze redenen werd de bever in ons lang geherintroduceerd. Maar nu komt het ons niet zo goed uit waar zij deze waterbuffers creeëren. En ze vellen bomen op plaatsen die wij graag hadden behouden. Begrijpelijk als je als mensen niet verder kijkt dan een generatie in een mensenleven. Of tot de volgende verkiezingen. Maar dat is niet de tijdschaal waarop de natuur werkt.

En dus is in menig Provinciehuis de conclusie, dat er teveel bevers zijn. Vangen en verplaatsen dan? Waarheen? Overal in Europa kampen ze met hetzelfde probleem. Alsjeblief niet nog meer bevers! Afschieten dan? Tja,..beschermde diersoort. Maar er is wel een escape, voor 'probleemdieren' mag de overheid (bij ons de provincie) een afschotvergunning verlenen. Dom beleid, zoals nu ook uit dat Amerikaanse onderzoek blijkt.  En waar ARK rewildering ook achter staat.
Als we de natuur de ruimte, en de tijd, geven komt het klimaat vanzelf weer in balans. Als mensen zich ermee bemoeien blijft het aanmodderen in een negatieve spiraal. 

En nog iets. Als er echt een overschot aan bevers zou zijn, kunnen wolven daar wel iets aan doen. Die lusten wel een bevertje en zijn er ook nog eens goed in om ze te vangen. Laat het aan de natuur over, die heeft al miljoenen jaren ervaring. Daar kan zelfs de slimste mens niet tegenop.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn - Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl).
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

woensdag 11 oktober 2023

Waarom zouden we acuut alle eiken moeten vellen?

 Wetenschappers schrokken van het antwoord op hun eigen onderzoek. Om te voorkomen dat de klimaatverandering nog sneller gaat. Overigens betrof het onderzoek niet alleen eiken maar ook populieren. Wat is er aan de hand?

Eik in bloei.

Als het warmer wordt gaan eiken en populieren meer isopreen uitstoten. Voor deze bomen is dat een soort afweermiddel om te overleven in extreme omstandigheden. Maar voor het milieu staat dat bijna gelijk aan de uitwerking van methaan. Daardoor werkt dit verschijnsel dus eerder tegen de overlevingsdrang van de bomen.

Kort door de bocht

Door testen en meten hebben de wetenschappers vastgesteld op welk punt het effect van CO2 opname door de isopreen uitstoot overtroffen wordt. En dat is bij ongeveer 35oC. 
Isopreen bindt aan stofstofoxides en verslechtert zo de luchtkwaliteit.

Maar de conclusie "dan moeten alle eiken en populieren gekapt worden" is wel erg kort door de bocht. Toch moeten we zorgen dat de luchtkwaliteit verbetert, en snel. Het advies van de onderzoekers is dan ook tweeledig. Plant voorlopig geen nieuwe eiken en populieren en ga het probleem bij de bron aanpakken. Dus zorg dat de CO2 uitstoot drastisch vermindert.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn - Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl).
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

dinsdag 3 oktober 2023

Wat hebben planten met wolkenvorming te maken?

 We hebben allemaal op school geleerd hoe de waterkringloop eruitziet.  Op zee verdampt het water, de waterdamp wordt door de wind naar het land geblazen waar het hoog in de lucht condenseert en als regen de rivieren voedt, die het water weer terug brengt naar zee. Heel duidelijk. Maar wel wat kort door de bocht. Zo zorgen planten, vooral de bossen, ook voor verdamping die de wolken verder het land in brengt. Maar om het te laten regenen is nog iets extra's nodig.

Graphic: Pixabay

Wolken ontstaan dus boven grote watervlakten zoals de zee en meren. Daarnaast zorgen ook planten voor extra waterdamp in de atmosfeer.  Wolken bestaan uit heel kleine waterdruppels en dat is een belangrijk wapen tegen opwarming door zonlicht. Zonlicht weerkaatst namelijk op de witte wolken.

Nu vormen zich deze druppels, die bevriezen tot sneeuwvlokken, zich op twee verschillende manieren. In heldere, schone lucht ontstaan grotere waterdruppels en die hebben als eigenschap het zonlicht minder goed te weerkaatsen. Om de heel kleine druppels te krijgen zijn fijne condensatiekernen nodig. De meeste condensatiekernen die nu voor wolken zorgen bestaan uit vervuiling door de mensen. Fijnstof dat door verticale luchtstromen tot grote hoogte opstijgt. Maar die vervuiling willen we juist tegengaan. Zouden de wolken in de toekomst dan minder effectief zijn?

Sesquiterpenen

De vraag of we met minder fijnstofvervuiling minder verkoelende wolken zullen hebben, hield ook wetenschappers van het deeltjesonderzoekinstituut CERN bezig. In een speciale kamer testten zij het effect van diverse stoffen, die in de atmosfeer voorkomen. Daaronder ook verschillende plantenstofjes.

Condensatiekernen

Uit dat onderzoek kwam naar voren dat sesquiterpenen de beste condensatiekernen zijn. Deze plantenstoffen zijn bijzonder effectief. Door de concentratie met 2% te verhogen, verdubbelde de snelheid van condensatie. Sesquiterpenen zijn moleculen die uit 15 koolstofatomen bestaan. Dat ruimt lekker op.

Als we erin slagen de uitstoot van fijnstof significant te verminderen, dan zouden de plantenstofjes, met voorop de sesquiterpenen, die rol moeten overnemen. Er zullen meer van die stofjes in de lucht moeten zitten. De effectiefste producenten van sesquiterpenen zijn de planten met het grootste groenvolume en dat zijn dus bomen.
Om meer condensatiekernen van sesquiterpenen te krijgen zijn er dus meer bomen nodig. En we schreven het al vaker in deze BLOG: Zorg voor meer bomen.
Let wel, door nu meer bomen te planten kunnen we pas over 80 - 100 jaar optimaal van dit effect profiteren. Het is dus vooral belangrijk om oude bomen te handhaven en te zorgen dat ze lang gezond blijven en nog veel ouder kunnen worden. Hoe meer groen in hun kronen, hoe meer condensatiekernen voor verkoelende wolken kunnen zorgen. En dat draagt bij aan het beheersen van de klimaatverandering.
Wees lief voor bomen!

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn - Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl).
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.


maandag 11 september 2023

Koolstofvrij in 2030 dankzij NBS

 In juli 2023 verscheen in Nature een onderzoeksverslag over de toepassing van Nature Based Solutions (NBS) in steden om effectief en op korte termijn koolstof- neutraal te worden. Door het toepassen van groen in steden kan de koolstofuitstoot gemiddeld met 17,4% worden verminderd. In sommige steden kan dat zelfs voor 2030 leiden tot koolstofneutraliteit. NBS heeft veel potentie om het leefklimaat in steden sterk te verbeteren en een substantiële bijdragen te leveren aan het beheersen van de klimaatverandering. Het onderzoek werd gedaan in 54 steden, wereldwijd.

China
Foto: Pixabay. 

Dat betekent niet dat we NBS invoeren en dan achterover kunnen leunen. De koolstofemissies door gebruik van fossiele brandstoffen moet evengoed drastisch verminderen.

Door NBS toe te passen in steden maak je daar het leven aangenamer en kan de impact op klimaatverandering wereldwijd tot 17,4% verlagen.

Nature Based Solutions is geen "one size fits all" verhaal. Het gaat om maatwerk door een mix van 5 categorieën toe te passen. Bovendien moet er rekening worden gehouden met stedenbouwkundige, ecologische en sociaaleconomische factoren.

Vier toepassingsgebieden vormen de speerpunten van NBS: Laanbeplanting, groen op of aan gebouwen, stadsparken en stadslandbouw. 

Het gebruik van fossiele brandstoffen moet evengoed drastisch verminderen.

Stadparken hebben een verkoelend effect dat vaak tot 200 meter in de omtrek reikt. Tijdens warme zomerdagen kan de temperatuur rondom bomen wel 4-7 oC lager zijn. Daarnaast zorgen stadsparken ervoor dat meer mensen recreëren zonder gebruik van extra energie.
Groen op of aan gebouwen zorgt voor afvang van koolstof en fijnstof direct bij de bron (woningen en bedrijven). Het zorgt verder voor energiebesparing, het beheersen van het binnenklimaat en beschermt de gebouwen waardoor deze langer meegaan.
Laanbeplanting zorgt voor meer veiligheid op de wegen, koeler wegdek en afvang van koolstof, stikstof en fijnstof bij de bron. Deze factoren verminderen tevens het hitte-eilandeffect. 
Ook stadslandbouw zorgt voor vastleggen van koolstof en stikstof bij de bron. Het levert bovendien verse voedingsmiddelen op, die niet van elders aangevoerd moeten worden. In veel steden is stadslandbouw al economisch levensvatbaar gebleken.

NBS zorgt daarnaast voor andere positieve effecten in de steden: Het stimuleert de gemeenschapszin. Zorgt voor meer welzijn en sociale veiligheid. Ook de biodiversiteit profiteert van NBS. Kortom, een gezonder leefklimaat, meer welvaart en meer welzijn.

Plant meer (vooral inheemse) bomen in en rondom steden!

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn - Gratis voor donateurs van Stichting Groen Weert. (www.groenweert.nl).
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.