vrijdag 14 oktober 2016

Groene stad voor lagere zorgkosten

In 2012 telde het CBS 2572 ziekenhuisopnamen per 10.000 inwoners. De trend laat ook voor de jaren erna een stijging zien. Daardoor zullen de zorgkosten voorlopig nog met 4% per jaar stijgen. Dat komt niet alleen door de vergrijzing, maar ook omdat jongeren een slechtere gezondheid blijken te hebben. Hun aandeel in de zorgkosten neemt flink toe.
Foto: Pixabay. Stijgende zorgkosten.
Straks moeten de ouderen de zorgkosten voor de (ongezonde) jeugd dragen, in plaats van andersom.

De niet geringe opdracht voor de komende jaren zal zijn, om meer mensen fit en gezond oud te laten worden. Dat geldt niet alleen voor de senioren van nu, maar ook voor allen die nu nog jong zijn en ooit ouder zullen worden. Om de zorg betaalbaar te houden moeten we daarom ook voor een gezondere jeugd zorgen. Anders stapelen de kosten voor jongeren zich bovenop de zorgkosten voor de ouderen. Dan loopt het uit de hand.

Mensen in groene steden voelen zich niet alleen gezonder, ze zijn het ook. Vergeleken bij mensen die in buurten leven waar geen of weinig groen voorhanden is gebruiken de mensen uit groene wijken (met minimaal de norm van 75m2 per woning binnen 300 meter):

  • minder huisartsbezoek.
  • minder overgewicht en obesitas.
  • minder depressies.
  • minder allergieën en astma.
  • minder hoge bloeddruk.
  • minder hartklachten.
  • minder darmstoornissen.
  • minder migraine.
Dit effect is het grootst bij kinderen, ouderen en lageropgeleiden. Dit is wel de grootste bevolkingsgroep. Hier is dus winst te halen.
Daarnaast is een normaal licht/donker ritme erg belangrijk.

Mensen in groene steden voelen zich niet alleen gezonder en gelukkiger, ze zijn het ook. Hoe meer groen in hun omgeving, hoe groter dat effect. Akkerland, weiden, bossen en heiden rondom de stad tellen daar zeker mee. Mits dit redelijk eenvoudig te bereiken is. In grote steden kan dat een probleem zijn en dat zijn kleine parken op regelmatige afstand (zogenaamde postzegelparken) een goede oplossing.

 Snel herstel

Het grootste voordeel van een groene omgeving is, dat mensen sneller herstellen van stressvolle situaties of aandachtsmoeheid. Vrijwel alle hierboven opgesomde aandoeningen hebben iets met (aanhoudende) stress te maken. Wie zich sneller kan ontspannen zal minder snel ziek worden.

Wie als kind in een groene omgeving kon spelen zal als volwassene beter kunnen opgaan met de verantwoordelijkheden in een complexe samenleving. Ook sociale vaardigheden zijn bij deze kinderen beter ontwikkeld. Dat is nog niet alles. Wie dagelijks een wandeling in een groene omgeving kan maken, bijvoorbeeld tijdens de lunchpauze, ontwikkelt een beter geheugen: de hippocampus groeit met 2%. 

Groene ziekenhuizen

Al in de jaren '80 was bekend dat mensen die na een operatie zicht hebben op groen, zoals bomen en struiken, gemiddeld 2 dagen eerder herstellen en minder (pijn)medicatie gebruiken. Steeds meer ziekenhuizen integreren daarom groene elementen in hun gebouwen en omgeving. Er zijn ruimten waar dit niet gewenst is, maar daar volstaat ook een mooie natuurposter of fotobehang.

Wat levert zo'n groene interventie op? Dat is vooralsnog een onbeantwoorde vraag. Daarom startte de Vrije Universiteit in samenwerking met onder andere vijf ziekenhuizen en het IVN een meerjarig onderzoek, dat in 2019 wordt afgerond.

In meerdere zorginstellingen wordt groen gebruikt voor het welzijn van de patiënten. Bijvoorbeeld om dementerende ouderen meer rust te geven. Zij komen tot rust in speciaal ingerichte tuinen waar ze planten kunnen zien, ruiken en aanraken. Dat is goedkoper en mensvriendelijker dan kalmerende medicijnen geven.

In een groene omgeving zijn de zorgkosten gemiddeld 5% lager dan in vergelijkbare wijken met geen of weinig groen. Daarom geldt ook ten aanzien van zorg: Groen loon!

Lees meer over maatschappelijke en economische baten van groen: Groen loont.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

zondag 2 oktober 2016

Groen geeft de jeugd een toekomst

We leven in een tijd de komende generatie minder gezond is en een kortere levensverwachting heeft dan de ouders. Hoe kan het dat verantwoorde ouders dit zomaar laten gebeuren? Hoe komt het überhaupt dat dit onze kinderen te wachten staat? De belangrijkste oorzaak is overgewicht. Zeker 15% van de kinderen tot 21 jaar kampt met overgewicht. Overigens ligt dit percentage bij volwassenen nog hoger: 47%. Toch zijn de gevolgen voor de nu opgroeiende jeugd ernstiger. Overgewicht op jongere leeftijd vergroot de sterftekans op latere leeftijd.
Foto: Pixabay - Spelen in het groen.

De maatschappelijke kosten van overgewicht worden geschat op 3%-5% van de totale zorgkosten. Dat is ongeveer 1 miljard Euro per jaar. Daarnaast zijn er kosten die verband houden met lagere arbeidsproductiviteit, ziekteverzuim, verloren werkdagen en sociale uitkeringen voor het volwassen deel van de bevolking. Bij kinderen gaat het om lagere schoolprestaties, vooral bij jongens. Dus ook minder kansen in de toekomst.

De afstand tot de speelplek is belangrijk.

Wat kan groen in de wijken doen aan het probleem van overgewicht? De cijfers laten zien dat bij kinderen die opgroeien in een "groene wijk" 15% minder overgewicht voor komt. Onderzoeken laten steeds zien, dat in een groene omgeving met voldoende speelruimte méér kinderen graag buiten spelen. Bij een project in Amsterdam speelden de kinderen al op hun toekomstige speelplek terwijl de aannemer nog bezig was. Buiten spelen is belangrijk voor de mentale en fysieke ontwikkeling van kinderen, vooral bij jongens.

Ontwikkeling van kinderen

In stedelijke achterstandswijken, waar gewoonlijk weinig groen voorhanden is,  lijdt onder de jeugd 1 op 3 aan overgewicht. Het landelijk gemiddelde is 1 op 7. In wijken waar openbaar groen voldoet aan de eisen (75m2 per woning binnen 500 meter), wordt opvallend vaak buiten gespeeld en daar komt overgewicht veel minder voor. De afstand tot het openbaar groen is erg belangrijk. Hoe groter de afstand, hoe minder aantrekkelijk de speelplek is.

Groene speelplekken in de wijken zijn niet alleen belangrijk in de strijd tegen overgewicht:

  • Het is ook belangrijk voor de mentale en fysieke ontwikkeling van de kinderen. Het is ook van invloed op de cognitieve en emotionele ontwikkeling, vooral bij jongens.
  • Het groen zorgt voor minder stress, waardoor er in groene wijken minder depressies voorkomen. Dit leidt tot een kostenbesparing op medicatie en psychosociale hulp. Dit geldt trouwens ook voor senioren. Gelet op de situatie van 2014/2015 bespaar je daarmee tot wel 90 miljoen Euro per jaar. Eenzelfde beeld zien we ten aanzien van ADHD.
  • Meer groen in de wijken reduceert de kans op hittestress in warme zomers.
  • De (sociale) veiligheid neemt toe. Mensen voelen zich meer bij hun wijk betrokken.
  • De kans op wateroverlast wordt kleiner, vooral 's zomers als de bomen en struiken groen zijn en door verdamping veel water uit het milieu verwijderen. Die verdamping leidt tevens tot verkoeling.
Aangezien de bevolking in de steden verder zal groeien is het belangrijk om meer aandacht te schenken aan de leefbaarheid in de wijken. Groen in de vorm van lanen en parken met bomen, struiken, perken en gazons dragen daar substantieel aan bij. De maatschappelijke baten zijn hoog. Vooral de bereikbaarheid (volgens de norm) van groene speelplekken in de steden is van belang om onze jeugd een toekomst te geven.



Lees meer over maatschappelijke en economische baten van groen: Groen loont.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

zondag 25 september 2016

Waarden en normen in groene wijken

Bij het bouwen van nieuwe woonwijken hanteren gemeenten en woningbouwcorporaties bepaalde wettelijke normen en waarden. Die bepalen dan het woonvolume van de woningen, de breedte van de stoep en de hoeveelheid parkeerruimte. En qua duurzaamheid ligt de focus op energieverbruik. Vaak is, of was, er geen aandacht voor het groen in de wijken. Dat is een maatschappelijke waarde en die stelt dat er 75m2 per woning aan groen beschikbaar moet zijn, en wel in de directe omgeving van die woningen. Voor een flatgebouw met honderd woningen is dat dus een redelijk park.

In de jaren '60 en '70 werden vaak 'tuindorpen' aangelegd. Woningen in een parkachtige omgeving om de mentale en fysieke gezondheid van de arbeidersklasse te bevorderen. Vandaag voldoen die oude woningen niet meer aan de eisen en wordt er gerenoveerd. Net als bij de aanleg van nieuwe wijken wordt het groen drastisch verminderd. Want voor de openbare ruimte, dus ook voor het openbaar groen, kun je geen huur vragen. Dat zijn 'nutteloze' vierkante meters en dat moet je in het huidige economische model zoveel mogelijk beperken.

Te veel stenen, te weinig groen, te weinig speelruimte voor kinderen. Jongeren zoeken zelf een oplossing, vaak met overlast tot gevolg.

Het gevolg is dat deze wijken snel tot achterstandswijken evolueren: verpaupering, overlast, criminaliteit en sociale onveiligheid. In zulke wijken beleven bewoners weinig woonplezier. Dit is niet duurzaam.

Geef kinderen de ruimte om hun fantasie en energie in kwijt te kunnen.

Groen brengt rust en structuur in de wijk. Dat geeft meer woonplezier, meer sociale cohesie en meer animo om de eigen wijk netjes te houden. Dit is wat de bewoners willen: meer ruimte voor sport en spel, meer groen en mooie bomen.

Om te voldoen aan de maatschappelijke waarden van het groen en bij te dragen aan minder (over)last door klimaatverandering is een goede verdeling van het groen belangrijk. Binnen de stad zijn kleinschalige parken nodig van ongeveer 1 ha. die op 300-400 meter afstand van elkaar liggen, onderling verbonden door straatbomen. Die parkjes dienen een mix te zijn van bomen en struiken, perkplanten en gazon. Bomen en struiken fungeren als koelelementen en luchtfilters. perkplanten brengen kleur in het geheel en de gazons nodigen uit tot sport en spel.
Hierdoor worden ook de gevolgen van hittestress en wateroverlast door klimaatverandering beperkt. Zo is openbaar groen ook optimaal beschikbaar, volgens de normen. Zowel kinderen als volwassenen vinden hier ontspanning en sociale contacten. Dat bevordert de mentale en fysieke gezondheid van de bewoners. Komt dat bekend voor? Oh ja, die gedachte lag in de jaren '60 en '70 aan de basis bij de ontwikkeling van de tuindorpen. Niets nieuws onder de zon.

Het tij keert

Goed nieuws. Er zit verandering in de lucht. Steeds meer gemeenten en woningcorporaties gaan investeren in meer groen in de wijken. Mensen vragen erom. Stadsbewoners willen niet alleen méér openbaar groen binnen de bebouwde kom, maar ook méér toegankelijke natuur (bossen) aan de rand van de steden. 

Naar aanleiding van Prinsjesdag werd kinderen gevraagd hoe zij de begroting zouden opstellen, wat zij belangrijk vinden. De uitslag is opmerkelijk: 1. Defensie, 2. Natuur.
Nu investeren in veiligheid en natuur geeft deze generatie waar zij behoefte aan heeft tegen de tijd dat zij zelf volwassen is. Niet wachten. Nu handelen. 

Ook binnen de wijken en wijkraden heerst steeds meer de instelling van: "Kom niet aan ons groen!" De bewoners voelen perfect aan wat de maatschappelijke waarden van het groen zijn. Zij verzetten zich tegen plannen die verarming van dat groen inhouden. Uitkijken op gras en beton maakt een mens niet gelukkig. Kijk naar wat de kinderen willen, meer geld voor:
  1. Veiligheid.
  2. Natuur.
Investeren in (meer) groen maakt wonen in de wijken duurzamer. Het betaalt zichzelf terug door verlaging van de kosten voor zorg en watermanagement. Maar er zijn ook economische baten. Daarover later.
Groen loont.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

maandag 19 september 2016

De baten van groen

In 2011 en 2012 voerden de Bomenstichting, De Groene Stad en andere belangenorganisaties campagne onder de titel Groen Loont. Met deze campagne wilden deze organisaties bestuurders en gewone burgers duidelijk maken dat het vergroenen van steden en dorpen op maatschappelijk en economisch vlak baten oplevert. Baten in de vorm van besparingen en inkomsten. De provincie Limburg heeft dit begrepen en stelt een fonds voor dit doel ter beschikking aan de gemeenten.
Ter ondersteuning van deze campagne werd een poster uitgegeven, waarvan je hieronder een stuk ziet afgedrukt en een boekje.

Fragment uit de poster Groen Loont
De komende artikelen behandelen onderwerpen uit dat boekje Groen Loont. Voor de liefhebbers is het boekje ook te downloaden via de website van de Bomenstichting. In deze blog beschrijf ik niet alle onderwerpen. Kijk voor meer informatie en inspiratie op de website van De Groene Stad.
Vandaag een inleiding op de artikelen die je de komende weken hier zult aantreffen.

Wat levert het op?

In deze blog heb ik al eerder een lans gebroken voor de maatschappelijke baten die het groen in steden te bieden heeft. Ook heb ik daarbij gewezen op de tool van het Ministerie van Economische Zaken om die baten te bereken: www.teebstad.nl
Vrijwel iedereen beseft welke maatschappelijke waarde bomen, struiken en perkplanten hebben. Merk op dat in dit lijstje gras niet wordt vermeld. Deels is dat niet terecht, want goed onderhouden gazons stimuleren tot sport en spel en andere sociale activiteiten. Daar staat tegenover dat gras op het vlak van ecologie, biodiversiteit en watermanagement weinig waarde toevoegt. Niettemin kan gras in een evenwichtig opgebouwd park niet ontbreken.

Telkens blijkt dat velen niet beseffen wat de economische waarde van het groen in de steden, de dorpen en de bedrijfsterreinen is. Over dit laatste onderwerp verschijnt binnenkort een boek bij de internationale uitgeverij van zakelijke boeken, www.bookboon.com

We behandelen hier alleen de baten van het openbaar groen Hierbij is tevens sprake van economische waarden in de vorm van besparingen en kansen voor ondernemers, opbrengsten dus. In het boek Groen Loont worden al deze waarden beschreven en met cijfers ondersteund.

Denk aan de inzet van bomen, struiken en planten als oplossing voor een betere luchtkwaliteit, tegengaan van verloedering van wijken en bevorderen van sociale veiligheid en van gezond bewegen. Maar ook in de strijd tegen overmatig medicijngebruik, hittestress en wateroverlast, waar we met de opwarming van het klimaat steeds vaker mee te maken krijgen.

Het openbaar groen is vooral een zaak van de gemeenten. Daar hebben volksvertegenwoordigers en bestuurders vaak te weinig aandacht voor de economische kansen die groen biedt. Daar hanteert men dus een budget voor de openbare ruimte, waarvan een deel gebruikt wordt voor het openbaar groen. Zo is het een kostenpost, terwijl iedere ondernemer weet, dat zaken die geld opleveren beter als investering gezien worden. De baten van het openbaar groen raken aan verschillende vlakken en dat is binnen gemeenten moeilijk te verdelen. Investeringen in groen leveren baten op het gebied van waterbeheer, sport, recreatie en welzijn, volksgezondheid, verkeer, klimaat en energie, bouwen en wonen, financiën en belastingen. Daarnaast levert openbaar groen kansen en baten voor groen-aannemers en hoveniers, bouwbedrijven, zorgverleners, horeca-ondernemers, boomkwekers, en adviseurs als klimatologen, stedenbouwkundigen en (landschaps)architecten.

Alleen al voor de gezondheidszorg levert het verantwoord inzetten van openbaar groen een kostenbesparing op van enkele miljarden Euro's. Zeker als dit ook in ziekenhuizen en zorgcentra wordt doorgevoerd. Het zou voor ziektekostenverzekeraars een goede investering zijn als zij de aanleg van parken in stedelijk gebied en planten in ziekenhuizen zouden sponsoren. Uit onderzoek blijkt dat er nog behoefte is aan vele hectaren extra parken in de steden en toegankelijke bossen rondom de steden.

Nu is het zo dat investeringen in natuurlijke componenten, zoals openbaar groen, zelden binnen 1 of 2 jaar rendement opleveren.(*) Daar gaan meerdere jaren overheen. Het is dan ook een investering in de gezondheid, welzijn en veiligheid van de komende generaties.
In een periode dat voor het eerst in de geschiedenis de komende generatie een lagere levensverwachting heeft dan de ouders, is investeren in meer openbaar groen eigenlijk een morele plicht. 

(*) Een uitzondering is de vergroening van de werkplek. Dat levert binnen enkele weken al een hogere arbeidsproductiviteit op en op de iets langere termijn draagt het bij aan verlaging van het ziekteverzuim.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

vrijdag 2 september 2016

Wat kun je doen tegen hitte in de steden?

In 2012 publiceerde het UCAM, een samenwerkingsverband met onder andere Wageningen Universiteit, KNMI en het ingenieursbureau Witteveen+Bos het rapport Wijkgerichte beoordeling van hitte in de stad. Hierin wordt aangegeven dat het probleem met stedelijke hitte wel breed onderkend wordt, maar het heeft bij de bestuurlijke macht geen prioriteit. Bovendien wordt de complexiteit van het probleem onderschat. Dat is jammer want de kortdurende hittegolven hebben een grote invloed op de gezondheid van ouderen en zwakken in de samenleving en op de productiviteit van de rest van de bevolking.

Schema uit het UCAM eindrapport, het Urban Heat Island effect.
Op zeer warme zomerdagen zullen ouderen en zwakke mensen een groter beroep doen op de gezondheidszorg. Bovendien stijgt de sterfte tijdens die dagen. In 2003 telden we in Europa tijdens een hittegolf 45.000 meer sterfgevallen dan gebruikelijk.
De mensen met een betere gezondheid zullen tijdens extreem warme dagen in een lagere versnelling schakelen. Dit leidt dan tot een lagere productiviteit. Daar staat tegenover dat mensen verkoeling zoeken, wat dan weer kansen voor ondernemers oplevert.
In de steden wonen meer mensen dichter op elkaar dan in de buitengebied. Als er dan iets mis gaat, treft het meteen méér mensen. Niets doen aan verstedelijkt gebied kost de gemeenschap geld.

Groen tegen hitte

Deze blog heet niet voor niets "Groen en Welzijn". We kijken dus even naar de hoofdstukken van het UCAM rapport, waarin de invloed van groen beschreven wordt. Er wordt trouwens ook aandacht besteed aan de blauwe factor, want ook van oppervlaktewater gaat een koelend effect uit.

In de onderzoeken is alleen gekeken van de invloed van gras in de wijken. Hier blijkt dat gras een marginaal effect heeft. Alleen als gras tijdens extreme hitte goed nat wordt gehouden, is het verkoelende effect merkbaar. Vooral verdamping zorgt voor een verkoeling van de directe omgeving.

Het effect van bomen is wat gecompliceerder en daardoor moeilijker te berekenen. Algemeen wordt erkent dat bomen een groter verkoelend effect hebben dan gras. Dat komt doordat bomen gemakkelijker aan voldoende water kunnen komen voor verdamping. Overigens verschilt dit per leeftijd van de boom, standplaats en boomsoort. Daarnaast is het oppervlak aan groen, waar de verdamping plaatsvindt, bij bomen veel groter dan bij gras. Maar ook dit verschilt per boomsoort, standplaats en de leeftijd van de bomen. Hoe ouder een boom, hoe groter zijn kroon, hoe meer hij bijdraagt aan verkoeling van zijn omgeving. Tenslotte speelt ook de schaduw onder bomen een rol bij verkoeling, al is dit zeer plaatselijk. Ook hier speelt, hoe ouder (groter) de boom, hoe meer profijt je er van hebt.

In het rapport wordt ook een lans gebroken voor de aanleg van groene daken. Hoe meer stedelijk oppervlak je kunt vergroenen, hoe minder de hitte accumuleert in beton en asfalt.

Groene filters
Tijdens extreme hitte laat zich het effect van vervuilende gassen en stof in het milieu sterker gelden. Het leidt tot vorming van ozon en smog. Daarom is het belangrijk dat deze vervuiling zoveel mogelijk uit de lucht gefilterd wordt. Dat is in het algemeen belangrijk, maar tijdens hittegolven maakt luchtvervuiling het probleem alleen maar erger. 

Door de juiste bomen op de juiste plekken in de steden te planten wordt een groot deel van de luchtvervuiling weggefilterd. Ook groene daken en gevelbeplanting kunnen hieraan bijdragen. Vooral klimop heeft in die zin een sterke reputatie.

Het probleem met hitte en luchtvervuiling is niet overal in de stad hetzelfde. Het UCAM rapport pleit dan ook voor een wijkgerichte aanpak. Toegegeven, zo'n aanpak maakt het voor een gemeente niet goedkoper. Daar staat tegenover dat er op de daarop volgende 10-30 jaar veel meer dan gebruikelijk bespaard kan worden op kosten voor welzijn en gezondheid. Bovendien levert al dat groen ook de nodige maatschappelijke baten op andere gebieden. Die baten zijn vaak niet op voorhand exact te bereken in klinkende Euro's. Dat is een handicap bij het plannen van groen in de openbare ruimte. Maar een tool als TEEB-stad kan de gemeentelijke beleidsmakers een redelijke indicatie geven van de maatschappelijke baten van groen (en blauw).

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

woensdag 24 augustus 2016

Waarom alleen gezond groen voordeel oplevert

In het verlengde van het artikel "Stadsgroen is goud waard" moeten we ons de vraag stellen of alle stadsgroen goud waard is. Helaas moet ik melden dat dit niet zo is. Alleen gezond groen levert maatschappelijke baten. Ongezond groen kost juist baten. Aangezien het planten en onderhouden van stadsgroen een taak van de gemeenten is, is dit ook voor de gemeentelijke groenbeheerders een belangrijk aandachtspunt. Mijn ervaring is, dat dit wel leeft bij de verantwoordelijke beleidsambtenaren. Alleen zijn het stadsbestuur, maar ook de uitvoerende medewerkers, zich vaak onvoldoende bewust van de noodzaak van gezond stadsgroen.
Scharlaken eik in stadspark Weert

Eerlijkheidshalve moet ik wel melden dat de huidige groenbeheerders zitten opgescheept met groen dat is geplant in een periode, dat men daar niet zo over nadacht. En ja, toen was er ook niet zoveel kennis over stedelijk groen voorhanden als nu. Met name Duitse organisaties zoals GALK onderzoeken veel en delen hun kennis binnen een internationaal netwerk. Ook Nederlandse en Belgische gemeenten nemen in dat netwerk deel. In Nederland komt veel kennis vanuit Wageningen Universiteit en o.a. de Stichting de Vitale Groene Stad (de naam zegt al genoeg).

Leefruimte

Om een boom een gezonde toekomst te geven moet de plek waar hij komt te staan ook geschikt zijn. Het nadeel van straten en pleinen is, dat de bomen daar in een voor hun vijandige omgeving staan. De grond is verdicht en verzegeld met klinkers, tegels of asfalt. Door dat verhard oppervlak is de lucht 's zomers warm en droog. De boom beschikt daarnaast over onvoldoende vocht en kan zodoende het fotosynthese proces niet optimaal laten verlopen. In de ondergrond is een karig bodemleven, zodat de wortels zich in de verharde grond slecht ontwikkelen. Ze zoeken de laagste weerstand op en dat veroorzaakt geregeld wortelopdruk. Vaak ontbreken in de grond de juiste schimmels voor het ontsluiten van mineralen en het contact tussen de bomen onderling. Deze slechte groeiomstandigheden noodzaken tot extra onderhoud, en dat kost extra geld. Dat is jammer en onnodig als er vooraf beter over werd nagedacht.
De bomen hebben op zulke plekken een groei achterstand, een gebrekkige vitaliteit en worden niet oud. Ze kunnen zich niet goed in de bodem verankeren waardoor ze gemakkelijker omvallen. Ze hebben een gebrekkige weerstand en zijn dan ook bevattelijk voor besmetting, zeker als er ondeskundig gesnoeid wordt. Zulke stadsbomen bereiken zelden de volwassen leeftijd.

 Een volwassen (gezonde) boom staat dan
gelijk aan tien airco's.

Volwassen bomen kosten vrijwel niets aan onderhoud en geven, mits vitaal, optimaal baten terug aan de maatschappij. Wat die baten zijn, lees je in het vorige artikel in deze blog.

Bij het plannen van aanplant van stadsbomen is het belangrijk om met een aantal factoren rekening te houden, zoals:
  • Is de ondergrond geschikt voor aanplant van bomen en wat is er nodig om die geschikt te maken?
    In parken en plantsoenen hebben bomen een leefomgeving die lijkt op hun natuurlijke habitat. Maar op pleinen en langs straten is de bodem vaak verdicht en verzegeld. Zonder speciale maatregelen lijden bomen hier aan vocht- en voedselgebrek. Dat noodzaakt tot extra verzorging, waar vooraf rekening mee gehouden moet worden.
  • Is de plek niet in strijd met belangen van omwonenden en het verkeer? Denk bijvoorbeeld aan lichtontneming, nabijheid van erfafscheidingen, mogelijke wortelopdruk, ondergrondse infrastructuur, gevaarlijke verkeerssituaties en ruimte voor vrachtwagen (denk aan de vuilophaaldienst).
    Bij 'gevaarlijke verkeerssituaties' wil ik wel vermelden, dat bomen en struiken die zicht ontnemen het verkeer dwingen langzaam en voorzichtig te rijden. Dat is dan een gewenste situatie, want te vaak wordt er op goed overzichtelijke plekken te snel en onoplettend gereden, wat vaker tot ongelukken leidt. Beter een bijna-ongeluk dan een 'echt' ongeluk.
  • Is het eindbeeld van de geplande boomsoort op die plek gewenst?
    Bedenk dat bomen met een dichte kroon de wind tegenhouden of omleiden. Dat kan juist op zo'n plek gewenst zijn. Maar fijn stof filtering kan ook een doel zijn en dan is een boom met lichte kroon gewenst. Liefst een wintergroene boom.
    Natuurlijk spelen hier ook esthetische overwegingen een rol.  
  • Kunnen de bomen een bijdrage leveren aan watermanagement?
    Bomen zijn grootverbruikers als het om water gaat. Zodoende kunnen ze het afwateringssysteem bij hevige neerslag ontlasten. Bomen houden water langer vast en verdampen een groot deel. Het overige deel wordt vertraagd aan de omgeving gegeven. Inmiddels is na recente overstromingen in Engeland en Duitsland het besef doorgedrongen dat 15% meer bomen voor 21% minder wateroverlast kan zorgen.
Terwijl ik dit schrijf voltrekt zich buiten mijn kantoor een hittegolf. Dit is een situatie waar bomen juist voor verlichting moeten zorgen, doordat zij hun omgeving aanmerkelijk kunnen verkoelen. Een volwassen (vitale) boom staat dan gelijk aan tien airco's. Zo wordt hittestress tegengegaan of op z'n minste verlicht. Dit warme weer zullen we de komende decennia steeds vaker meemaken. En dat is voor bomen die niet aan voldoende water en voeding kunnen komen een stressvolle periode. Dat is jammer, want die bomen zouden juist verlichting moeten bieden.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

dinsdag 16 augustus 2016

Stadsgroen is goud waard

Stadsgroen is goud waard, las ik vandaag onder een foto in een Limburgse krant. De foto toont hoe schapen door Maastricht werden geleid en zo de natuurbeleving in de stad een extra dimensie gaven. Stadsgroen is goud waard: Dat klopt en dat heeft meerdere kanten. Letterlijk en symbolisch, direct en indirect.

Het is daarom erg jammer dat bij de meeste gemeenten weinig animo is om al dat groen te kapitaliseren. Veel van dat stadsgroen is tenslotte publiek eigendom en met belastinggeld tot stand gekomen. Dan wil je als burger toch weten wat het allemaal waard is?

De waarde van groen heeft meerdere dimensies. Daar is aan de ene kant de waarde van bijvoorbeeld een boom. Groenbeheerders en boomkwekers gebruiken daarvoor verschillende rekenmodellen. Ik gebruik zelf een rekenmodel dat is afgeleid van het Belgische VVOG model. Zo heb ik dit model recent, op verzoek losgelaten op een zestigjarige suikeresdoorn, nabij een voormalig kerkgebouw in Weert. In gezonde en ongeschonden toestand zou deze boom liefst € 19.800 waard zijn. Maar als gevolg van verkeerd snoeiwerk en verwaarlozing was de waarde gedaald naar ongeveer € 11.000.

Maatschappelijke baten

Bomen in de stad geven ook iets terug aan hun omgeving, wat we kunnen samenvatten in de term 'maatschappelijke baten'. Ook deze waarden zijn niet gering. Dat was mede voor het Ministerie van Economische Zaken reden om het rekenmodel TEEB-stad op te tuigen. Hier wordt aan de hand van een uitgebreide vragenlijst uitgerekend wat vergroening van de openbare ruimte betekent in opbrengsten en kostenbesparingen. De uitkomst van die berekening geeft de baten weer over een periode van dertig jaar. En dan gaat het vaak om substantiële bedragen. Het probleem hierbij is dat die periode geen raakvlakken heeft met de reikwijdte van lokaal beleid. Voor ambtenaren is de budgetperiode (doorgaans 1 jaar) van belang en voor het (politieke) bestuur is de regeringsperiode van 4 jaar belangrijk. 

Toch is het goed om eens te kijken hoe groen zichzelf terugbetaalt:
  • Waarde van vastgoed.
    Gebouwen stijgen in waarde als ze omgeven zijn door groen. Vooral de aanwezigheid van bomen en waterpartijen leveren een substantiële waardestijging van 10% tot 15% op. Voor lokale overheden is dit belangrijk wegens de OZB. Bovendien is wonen in een groene omgeving populair, waardoor het nieuwe bewoners aantrekt. Die groei stimuleert de groei van de gemeente en daarmee ook de huizenprijzen. Kassa!
  • Stressreductie.
    In een groene omgeving ervaren mensen minder stress. Dat zorgt ervoor dat men zich minder snel ziek voelt en zieken sneller herstellen. Daarnaast vergroot het de sociale veiligheid, zodat (kleine) criminaliteit justitie minder belast. Omdat mensen zich prettiger en gezonder voelen zullen ze minder aanspraak maken op zorg en WMO.
  • Welzijn en gezondheid.
    Mensen gaan in een groene omgeving socialer met elkaar om. Dat vergroot tevens de sociale controle, waardoor mensen zich minder snel eenzaam voelen. Bovendien wordt de kans kleiner dat mensen zich anti-sociaal of crimineel gedragen. Zelfs pesten neemt af. Daarom pleiten wetenschappers ook voor vergroening van schoolpleinen. Dit blijkt zelfs effect te hebben op de schoolprestaties van de kinderen.
    Groen is in staat schadelijke gassen en fijn stof uit de lucht te filteren. Dit heeft direct effect op de gezondheid en daarmee de kosten voor de gezondheidszorg. En zeker niet te vergeten de ellende die ons bespaard wordt door ziekte aan hart en longen.
    In een groene omgeving is het gemiddeld enkele graden koeler dan in een betonnen omgeving, het hitte-eilandeffect. Daardoor worden op warme zomerdagen gezondheidsproblemen door hittestress voorkomen.
  • Watermanagement.
    Als gevolg van klimaatverandering neemt ook de neerslag aanmerkelijk toe. Wateroverlast en volgelopen kelders komen tegenwoordig regelmatig in het nieuws. Steeds vaker vallen er ook slachtoffers door hevige neerslag en overstromingen. In Engeland en Duitsland hebben wetenschappers en (stads)bestuurders inmiddels ontdekt dat een toename van 15% aan bomen de overlast met 20% kan verminderen. Bomen zijn grootgebruikers als het om water gaat. Een volwassen boom kan op een warme zomerdag tot 300 liter water verbruiken, Populieren zelfs tot 1500 liter. Dat wordt via de bladeren verdampt. Tijdens buien houden de bladeren en de takken eveneens honderden liters water vast en binnen de wortelstructuur wordt ook nog eens veel water vastgehouden. Zo zorgen bomen voor een vertraagde afvoer van regenwater. Dit effect kan lokale overheden een substantiële kostenbesparing opleveren.
    Bomen verdampen grote hoeveelheden water. Dat blijft dus niet in de bodem, maar verplaatst zich als damp door de lucht. Die wolken  regenen verderop weer uit en voorkomen zo verdroging en zelfs woestijnvorming in het achterland. Bedenk bijvoorbeeld dat de Nijl wordt gevoed door de regenwouden in Kongo. De opstijgende waterdampen vormen wolken die naar het oosten drijven en daar uitregenen rondom het Victoriameer. 

Stadsgroen is goud waard. En dan hebben we het nog niet eens gehad over de kansen die ondernemers hebben om de populariteit van een groene omgeving uit te buiten via recreatie en horeca exploitatie. Dat schept ook nog eens arbeidsplaatsen.
Over arbeidsplaatsen gesproken, een Nederlandse onderzoekster heeft berekend dat groen op de werkplek de arbeidsproductiviteit met liefst 15% laat toenemen. 
Niet beton, maar groen maakt de samenleving welvarender.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.