woensdag 13 december 2017

Waarom moeten we blij zijn als de wolf komt?

Dit jaar zijn er verschillende wolven in oost Nederland gesignaleerd. Allemaal waren ze afkomstig van roedels die in Duitsland leven. Er heerst dus territoriumdruk en steeds vaker zullen er dieren terrein in Nederland verkennen. Alleen als ze rust, voldoende dekking en genoeg eten vinden zullen ze blijven en nieuwe roedels vormen. Misschien is dat al gebeurt, maar weten we dat nog niet. Wolven zijn erg schuw. Ze houden afstand van mensen.
Foto: Pixabay

Hoe welkom is de wolf in ons druk bezette landje? Nou, er zijn voor- en tegenstanders. Een beetje plat gezegd, denk ik dat de tegenstanders nog teveel in sprookjes over boze wolven geloven. Natuurminnende Nederland is over het algemeen voorstander. Eén van hen is IVN-voorzitter Kees de Ruiter: een wolvenexpert. In het IVN blad MENS & NATUUR van november schrijft hij wat de wolf in onze natuur aan goed dingen zal brengen.

Een wolf eet om de twee tot drie weken een stuk groot wild, denk aan een ree, een edelhert of een everzwijn.  Wolven verraden hun aanwezigheid door hun geur en dat betekent dat deze grote grazers zich uit voorzorg terugtrekken in beschut gebied. Ze verlaten het (half) open terrein, waar ze op den duur veel schade aan de biodiversiteit en landhouw toebrengen. Voortaan grazen ze in gebieden waar dit eerder niet gebeurde. Er vindt een betere spreiding plaats. En zelfs de uitbreiding van bevers kan door wolven beheerst worden.


Je ziet dat de natuur door een groot roofdier weer in balans komt.

Hierdoor zal de vegetatie veranderen en dat geeft ruimte aan insecten en zangvogels. Die op hun beurt trekken weer roofvogels. Je ziet dat de natuur door een groot roofdier weer in balans komt. Een soortgelijke ontwikkeling zagen we 10-20 jaar geleden in het Yellowstone park. Door de herintroductie van wolven kreeg de biodiversiteit een boost. Incidenten met huisdieren en mensen waren er niet of nauwelijks.
Het traject dat wolvin Naya aflegde vanuit Duitsland naar de Belgische Kempen.

Moeten de boeren bang zijn voor hun koeien, paarden en schapen? Nou, een schaap is een gemakkelijke prooi. Maar wolven jagen bij voorkeur 's nachts. Het is niet moeilijk om te zorgen dat de wolven 's nachts geen (onbewaakte) boerderijdieren vinden. Even opletten en gepaste maatregelen treffen. Boeren hebben er zelfs voordeel bij, want de prooidieren van de wolf zijn dezelfde die vaak overlast veroorzaken in agrarische gebieden. Door de spreiding en migratie van bijvoorbeeld everzwijnen daalt de infectiedruk van varkensziekten en dat moet toch goed nieuws zijn in die sector.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Blijf op de hoogte en abonneer je op updates door rechtsboven je e-mailadres in te vullen.
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

donderdag 23 november 2017

Waar zijn de stikstofoxide hotspots?

De satelliet Envisat controleert het aardoppervlak op vormen van luchtvervuiling. De grote steden vallen direct op. Een internationaal team van wetenschappers heeft over een periode van enkele jaren data over stikstofoxiden verwerkt tot onderstaande kaart.

Ik en de meeste lezers van deze BLOG wonen in dat deel rechtsboven en als ik ernaar kijk krijg ik het acuut benauwd. OK, niet overdrijven. Maar gezond zijn die donkere vlekken niet.

Wanneer dringt het tot de politieke beslissers door, dat dit zo niet door kan gaan? Of luistert men liever naar (grote) ondernemingen die hun bedrijfsvoering boven het belang (de gezondheid) van de Europese burger stellen? Overigens zou ik ook niet graag in Noord-Italië willen wonen.....

Lees hier het hele verhaal.

Update 2018:


Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Blijf op de hoogte en abonneer je op updates door rechtsboven je e-mailadres in te vullen.
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

























zaterdag 28 oktober 2017

Boeren willen niet zonder glyfosaat

De EU gaat de vergunning voor glyfosaat nog eens met 5 jaar verlengen. Er was 10 jaar aangevraagd, maar omdat in het EP gerede twijfel bestaat over de veiligheid van glyfosaat is die periode nu op 5 jaar gesteld.  Glyfosaat is mogelijk kankerverwekkend. Maar de boeren krijgen dan toch hun zin. Zij willen niet zonder glyfosaat.

Lees die laatste zin nog eens. 
Uitgerekend de producenten van ons voedsel geven niets om de gezondheid van hun consumenten en houden vast aan verdachte middelen. Hoe is het mogelijk dat onze vertegenwoordigers in de politiek zich zo door de boeren en de chemische industrie laten manipuleren? Blijkbaar is winstmaximalisatie voor een kleine groep belangrijker dan de gezondheid van miljarden inwoners van Europa en uit Europa importerende landen. Ironisch genoeg betekent dit, dat consumenten ervoor betalen om hun leefomgeving te vergiftigen. Is er een kopersstaking voor nodig om dit te stoppen?
Enfin, er bestaat twijfel. Het is een begin.
In dit artikel staat alles nog eens op een rij: open.

Alternatieven
Zijn er dan alternatieven voor glyfosaat? Die zijn er. Denk aan pelargonzuur. Maar dan moet het agrarisch productiesysteem drastisch worden aangepast.
Bij Wageningen Universiteit zijn ze daar er ver mee. En wat het frappante is: de methoden die worden onderzocht werden vele eeuwen lang door onze voorouders toegepast. Nu met moderne wetenschappelijke kennis verbeterd.

Dus ja, de boeren kunnen zonder glyfosaat. Als ze het echt willen. Alleen, de chemische industrie verliest dan een lucratieve melkkoe. Is dat ook een economische aderlating? Niet echt. Voor de productie en logistiek zijn niet meer zoveel mensen nodig. En voor de verkoop al helemaal niet: het product verkoopt zichzelf. Alleen de aandeelhouders zullen even moeten slikken. Heel even maar, want die chemische ondernemingen zijn flexibel genoeg om snel weer aandeelhoudersprofijt te genereren. En anders zijn investeerders flexibel genoeg om nieuwe lucratieve markten te zoeken. Maar dan liefst op een duurzame manier. Al ze tenminste hun lesje geleerd hebben.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Blijf op de hoogte en abonneer je op updates door rechtsboven je e-mailadres in te vullen.
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

zondag 22 oktober 2017

Apotheek "In het bos"

De nieuwsgierigheid en het onophoudelijk onderzoeken van de natuur zorgt doorlopend voor nieuwe inzichten en kennis. We zien dat terug in begrippen als "voortschrijdend inzicht"  en "de kennis van nu". Zo komen we ook steeds meer te weten over de heilzame werking van de natuur en een wandeling door het bos. Ook het inzicht, al vanuit de jaren '80, dat mensen na een zware operatie sneller beter worden en minder medicatie nodig hebben, als ze zicht hebben op groen, past in dit beeld. Hierop voortbordurend loopt in Nederland tot 2019 een onderzoek naar "Groene gezonde ziekenhuizen".  Steeds meer ontdekken we dat veel van onze moderne uitdagingen wel met technologie te lijf gegaan worden, maar dat de natuur dat in veel gevallen beter en in alle gevallen goedkoper kan.

Het bos
We kunnen het bos beschouwen als hoofdleverancier van ecosysteemdiensten. In zakentaal zou je het de "preferred supplier" kunnen noemen. Bossen zorgen voor een rem op extreme weersystemen, ze zorgen voor een betere verdeling van temperaturen, luchtvochtigheid en wolken. Bossen zorgen ook voor een vertraagde afvoer van regenwater en verkleinen zo de kans op wateroverlast. Hellingbossen houden de bodem vast en voorkomen zo erosie en de kans op aardverschuivingen. Bossen vormen het grootste ecosysteem voor biodiversiteit. Waar bossen verdwijnen ontstaan al snel woestijnen. Zandwoestijnen of betonwoestijnen.
Het groen haalt CO2 uit de lucht en transformeert dat in suikers en zuurstof. Hoewel planten zelf ook zuurstof nodig hebben voor hun stofwisseling, zorgt het massale groen van bossen voor een overschot dat bijdraagt aan het zuurstofgehalte op aarde. Overigens zijn (kiezel)algen in de oceanen de hoofdleveranciers van zuurstof wereldwijd. Vooral de bomen in de bossen kunnen met hun verticale structuur veel ongewenste gassen en fijnstof uit de lucht filteren. Voor dit laatste zijn open structuren beter dan groene muren van gesloten bladerdekken die windstromen afbuigen. Naaldbomen zijn daarin beter dan loofbomen.

Waarom gezond?
Hierboven staan veel indrukwekkende prestaties van bossen. Maar waarom is een wandeling door een bos dan zo heilzaam? Dat heeft een aantal oorzaken, die wetenschappers steeds beter begrijpen.
Bekend effect van groen, en dus ook van bossen, is dat het stress reducerend werkt. De soort mens kent zijn oorsprong in de bossen en evolueerde tot de moderne mens nadat we ons over de bodem gingen voortbewegen. Min of meer gedwongen door klimaatveranderingen. Toch bleven de bomen voor de mens nog lang een veilige plek om zich aan gevaren te onttrekken. Bomen in onze nabijheid geven ons nog steeds een basaal gevoel van gemoedsrust. Met gevolg dat na een boswandeling ons hart rustiger en gelijkmatiger slaat.
Omdat we in bossen meer met de omgeving bezig zijn, dan met onszelf en onze sores komt er ook rust in onze hersenen. Zo'n beetje als na mediteren of mindfulness.

Tegelijk verrijken de diverse plantensoorten de lucht in een bos met een cocktail aan geurstoffen. Of beter, feromonen. Veel van die geurstoffen kunnen wij niet waarnemen. Maar ze hebben wel effect op ons stofwisselingssysteem. We kennen de effecten van geuren maar al te goed. Geuren hebben een directe toegang tot onze hersenen. Zo worden we rustig en slapen beter door de geur van lavendel, om maar een bekend voorbeeld te noemen. Maar wetenschappers hebben ook ontdekt dat veel feromonen ook een direct effect hebben op ons afweersysteem. Dat is met name in naaldbossen het geval, waar de bomen terpentenen verspreiden.


Je bent na een boswandeling aantoonbaar gezonder
dan vóór de wandeling.

Al die geurstoffen hebben voor de planten een belangrijke functie in de onderlinge communicatie over gevaren en bedreigingen. Planten 'weten' precies welke plaaggeesten aan hun blaadjes knabbelen en geven dat met een op methyl gebaseerd feromoon door. Ook via de wortels en schimmeldraden gaat de boodschap rond in het bos. Gewaarschuwde planten maken binnen enkele uren voldoende afweerstoffen aan om plaaggeesten te weren. Doordat roofinsecten die geurtaal ook verstaan, weten ze waar hun tafel gedekt is en schieten de bomen te hulp.

Bacteriën 
In een natuurlijk ecosysteem als een bos spelen talrijke bacteriën een belangrijke rol. Dat zijn natuurlijk ook veel 'goede' bacteriën, die het leven van planten en dieren ondersteunen. Daarnaast zijn er veel schadelijke bacteriën, die door de 'goede' bacteriën en fagen in bedwang worden gehouden. Zolang dat evenwicht bestaat, is het bos gezond. Tegelijk dringen al die microben tijdens een boswandeling ook in ons lichaam door en versterken daarmee ons afweersysteem.
Kortom, je bent na een boswandeling aantoonbaar gezonder dan vóór de wandeling. Dat is niet zozeer de helende werking, maar eerder het negatieve effect van een leven zonder bos.

Wie iets voor zijn geestelijke en fysieke gezondheid wil doen, kan met enige regelmaat een boswandeling maken. Het is niet alleen gezond, maar ook avontuurlijk. Je ontdekt telkens iets nieuws. Een boswandeling verveelt dus nooit.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Blijf op de hoogte en abonneer je op updates door rechtsboven je e-mailadres in te vullen.
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

donderdag 21 september 2017

Meer extreem weer

In deze BLOG is het thema wateroverlast al eens behandeld, maar de recente ontwikkelingen motiveren me om het nog maar eens aan te kaarten. Zo urgent als op het Amerikaanse continent is de kwestie in ons land gelukkig niet. Dat neemt niet weg dat extreme zomerhitte en pieken in de neerslag ook in onze regio steeds vaker voorkomen. Daarmee worden ook wij getroffen met overlast en schade (gemakshalve voeg ik de hogere zorgkosten en menselijk leed bij hittestress ook onder  'schade').  Er zijn geen middelen om zulke extreemen te vermijden, maar we kunnen er wel de scherpe kantjes van afhalen.
foto: Pixabay

Laten we ons in dit artikel beperken tot wateroverlast door pieken in de neerslag. Dit komt vooral in de zomers voor. Zowel de steden als het buitengebied ondervinden overlast. In die twee gebieden zijn de oorzaken verschillend, maar liggen deels ook in elkaars verlengde. De grote gemene deler in dit verhaal is, dat het hemelwater niet de kans krijgt om lokaal in de bodem te zakken. De gehele infrastructuur is erop gericht om regenwater snel af te voeren. Met de kennis van nu, is dat een foute handelwijze.

Een kuub per 25 m2
De rioleringen zijn berekend op ongeveer 20 mm neerslag. Maar tegenwoordig valt bij pieken al snel 40 mm. Dan is het niet zo vreemd, dat op de lagere delen in de stad de putdeksels omhoog komen en de straten overstromen. Bij zo'n neerslagpiek van 40 mm valt er gemiddeld 1 kubieke meter regenwater op iedere 25 vierkante meter. Dat zijn hoeveelheden die de riolen van onze steden niet aankunnen. Uitbreiden naar hogere afvoercapaciteiten is duur en gaat tientallen jaren duren. Zulke investeringen jagen ons burgers ook nog eens op veel hogere kosten. Daar willen de gemeenten en waterschappen niet aan, zeker niet omdat de natuur het gratis voor ons kan oplossen. Maar dan moeten we wel willen veranderen. Bijvoorbeeld door het verharde oppervlak drastisch te verminderen en meer groen al dat water te laten 'opzuigen'.

Met één klap kunnen we overlast voorkomen en besparen op kosten, terwijl we onze omgeving groener en aangenamer maken.

Laat dat water ter plekke in de bodem infiltreren. Verwijder zoveel mogelijk verharding in de tuinen en de openbare ruimte. Dat betekent dat zowel wij burgers als de lokale overheden maatregelen moeten treffen.

Koppel de afvoerpijp van de dakgoot af. Laat het water de tuinen in stromen, of vang het op in een regenton. Ook ondergronds opslaan in bekkens van speciale kisten of grind is een mogelijkheid. Zorg voor onbedekte grond rondom het huis, waar water direct in de grond kan zakken. Zet er planten, struiken en bomen neer. Dat groen neemt veel water op. Vooral bomen houden veel water vast in de kroon, de takken en de stam (door oppervlaktespanning) en er wordt een groot deel verdampt. Hoe groter (ouder) de bomen zijn, hoe groter hun vermogen om water vast te houden. Eerlijk, de zwaartekracht overwint uiteindelijk, maar het water komt met een flinke vertraging naar de grond.  Vervolgens nemen de wortels het op en verdampt het water via de bladeren. Dat is al een flinke winst, die de scherpe kantjes van wateroverlast af haalt.

Wanneer paden en opritten worden voorzien van klinkers of grind zal ook daar het water gemakkelijker in de grond zakken. Grofweg kun je stellen, dat bij beklinkerde oppervlakken ongeveer 30% infiltreert, de rest vloeit naar het laagste punt.

Wadi's
De gemeenten leggen op strategische plekken in de steden wadi's aan. Ook die kunnen groen ingericht worden. Er zijn boomsoorten die de wisselende waterstanden tolereren, bijvoorbeeld essen en wilgen. Als zo'n wadi droog staat en onderdeel is van een (klein) park, levert dat ook nog eens extra maatschappelijke voordelen op. Over de ecosysteemdiensten van zulk groen lees je elders in deze BLOG meer. Lees ook deze publicatie van WageningenUniversiteit:  https://www.wur.nl/nl/show-longread/Zeven-redenen-om-te-investeren-in-een-groene-stad.htm 

Groene daken
Wie een gebouw met plat dak bezit kan ervoor kiezen dit te beplanten. Ook hiermee komt het water met (aanzienlijke) vertraging op de bodem terecht. Bovendien geven gemeenten voor groene daken subsidie. Groene daken isoleren ook prima, zodat het in de zomers binnen aangenaam koel blijft en in de wintermaanden de kou buiten. Zo is er met groene daken dus ook op de energierekening te sparen.
Tijdens periodes van extreme droogte moeten groene daken wel nat gehouden worden, want als de planten verbranden in de zon verliezen ze hun functie. Bovendien hebben groene daken een langere levensduur dan traditionele daken.

Als de lokale overheden en de particulieren zulke eenvoudige maatregelen nemen is er niet alleen veel geld te besparen, maar ook milieuwinst te behalen. We maken onze omgeving groener en daarmee aangenamer. Twee vliegen in één klap. Wie wil dan nou niet?

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Blijf op de hoogte en abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

dinsdag 22 augustus 2017

Is het al herfst bij paardenkastanjes?

Niet alleen de boomliefhebbers in Weert, maar ook de burgers elders in Europa storen zich aan het voorkomen van de paardenkastanjes in hun stad. Al eind juli werden de bladeren bruin en begonnen te vallen alsof het herfst was. Oorzaak van dit probleem is de kastanjemineermot (Cameraria
Kastanjemineermot
(foto: www.pksboomverzorging.nl)
orchidella), een kleine nachtvlinder die oorspronkelijk uit Azië komt. Deze vlinder legt eitjes op het blad van de (witte) paardenkastanje, de variant met rode bloemen is minder in trek.  De larven vreten zich een weg in het midden van het blad, waardoor lichtgekleurde gangen (mijnen) ontstaan. Daarbij worden ook vitale delen van het blad beschadigd, waardoor het blad zijn functie verliest en door de boom wordt afgestoten. Resultaat, in juli – augustus al bruine bladeren op de grond rondom de bomen.

Een schrale troost, dit overkomt zowat alle paardenkastanjes in Europa. Het is dus een probleem van gigantische omvang. De mot is daarom moeilijk, zeg gerust onmogelijk te bestrijden.

Voor de bomen is het wel degelijk een probleem van levensbelang. Een vitale boom kan zo’n aantasting wel overleven. Maar als dat een aantal jaren achter elkaar gebeurt zal de vitaliteit van de bomen afnemen. Ze worden daardoor vatbaarder voor ziekten, die door bacteriën en schimmels worden veroorzaakt. Een beruchte aandoening van paardenkastanjes zoals de kastanjebloedingsziekte, krijgt dan bij verzwakte bomen meer kans om toe te slaan, omdat minder vitale bomen aanvallen van bacteriën en schimmels niet goed kunnen afweren en inkapselen. Daarbij moet wel aangemerkt worden dat ook vitale bomen ziek kunnen worden, als de infectiedruk hoog genoeg is. Bij vitale bomen ligt de lat dus hoger.

Blad ruimen

De larven van de kastanjemineermot overwinteren in het blad, dat inmiddels is afgevallen. In het voorjaar ontpoppen ze en zoeken de motten een boom op, een paardenkastanje dus. Niet zelden de boom waar hun leven als eitje begon. En ze komen met duizenden, tienduizenden tegelijk.

Wat kun je hieraan doen? Om te beginnen is het belangrijk om de afgevallen bladeren vóór het einde van de winter op te ruimen en te vernietigen. Verbranden is zeer effectief, maar begraven is milieuvriendelijker. Helaas is dit niet genoeg, want je kunt onmogelijk alle bladeren opruimen. Zodoende zullen er altijd motten overleven, die dan opnieuw voor nageslacht zorgen. Maar blad ruimen vermindert hun aantal significant en daarmee ook de infectiedruk. Dat is goed nieuws voor de vitaliteit van de bomen. Alleen is het probleem dan nog niet goed genoeg verholpen, er worden tegen het einde van de zomer toch weer bomen vroegtijdig bruin.

Spuiten

Effectieve chemische bestrijdingsmiddelen zijn inmiddels niet meer toegelaten. Er zijn nog wel middelen te koop, maar die hebben niet zo’n geweldig effect. Dit is mede een reden geweest om het spuiten van paardenkastanjes te beperken tot enkele bomen in de binnenstad. Bezuiniging heeft hierbij ook meegespeeld.

Een Nederlands bedrijf dat in boomverzorging gespecialiseerd is heeft in 2016 een uitvoerig onderzoek verricht naar alternatieve bestrijdingsmiddelen. De verrassende uitkomst was, dat lavendelolie zeer effectief is. Daarnaast zijn er ook andere methodes beschikbaar, zoals het plaatsen van feromoonvallen en lijmbanden. Daarmee moet men al in april beginnen. Half mei kunnen de lijmbanden verwijderd worden, om te voorkomen dat er teveel ‘bijvangst’ is. De feromoonvallen moeten in juni worden vervangen, om de tweede generatie motten te vangen.


Van oktober tot medio december moet alles opgeruimd en schoongemaakt worden. Ook is het goed om de bladeren op te ruimen. We zullen er nooit meer vanaf komen, maar het kan helpen de vitaliteit van de paardenkastanjes te waarborgen. De bomen moeten natuurlijk wel in goede aarde staan, zodat ze een gezond wortelstelsel kunnen ontwikkelen. 

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Blijf op de hoogte en abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

dinsdag 15 augustus 2017

Wat is die boom waard?

De waarde van een boom kun je vanuit verschillende inzichten bepalen. Zo is in Nederland heel lang de methode Raad in gebruik geweest - eigenlijk is die methode in aangepaste vorm nog steeds in gebruik bij Nederlandse boomverzorgers en gemeenten. Deze methode benadert de boomwaarde op een boekhoudkundige wijze, waardoor een boom die volwassen begint te worden (vanaf ongeveer 80 jaar) op papier geen waarde meer heeft - hij is afgeschreven zonder restwaarde. In België hanteert men de VVOG methode (W=B*S*ST*C*P). Deze methode is bij wet geregeld en is voor de rechtspraak het uitgangspunt voor waardebepaling van bomen.
Je kunt ook kijken naar de ecosysteemdiensten van bomen ( vorig Artikel). Dan komen er heel andere cijfers uit de bus. En dan is er nog een andere benadering, maar daarover straks meer.
Rode beuk bij Walburg Weert
De Limburger

Nemen we als voorbeeld de rode beuk op de foto hiernaast. Hij staat op de parkeerplaats van de Walburg, eigendom van Mertens Bouwbedrijf in Weert. Deze beuk is monumentaal (ouder dan 80 jaar en geldt tevens als gedenkboom). Wat is die nu waard?
Deze beuk heeft een stamomtrek van ongeveer 310 cm, een hoogte van ongeveer 18 meter en een kroonprojectie diameter van zo'n 16 meter. De waardebepaling met Raad laat is hier achterwege, want dan is de boom boekhoudkundig afgeschreven. We bereken de vervangingswaarde met de VVOG methode: € 83.093,- Een fors bedrag. Mocht iemand deze boom onherstelbaar beschadigen, dan draagt hij een zware last met betrekking tot aansprakelijkheid.

3 miljoen
Binnen 50 meter van deze boom werken ongeveer 25 mensen. Bekend is, dat de aanwezigheid van (dominant) groen leidt tot 15% hogere arbeidsproductiviteit. Ook tot lager verzuim. Verder wonen er binnen 50 meter ongeveer 30 mensen. Dit samen zorgt voor ecosysteemdiensten over een periode van 30 jaar van € 3,2 miljoen. Dit zijn vooral gerealiseerde besparingen op het gebied van gezondheidszorg, verzuim, waterberging, energie en WMO. Dit zijn dus maatschappelijke baten met verschillende baathouders.

Drie generaties
En dan nu het beloofde alternatief. Deze boom zal ongeveer 600.000 bladeren hebben. Dat is zo'n 1.200 m2 bladoppervlak. Als deze boom 2500 kilo weegt heeft hij in zijn leven liefst 12 miljoen m3 lucht van CO2 gefilterd. Per uur, op een zonnige dag, maakt deze boom van ruim 2 kilo koolzuur en bijna een liter water zo'n anderhalve kilo suiker (glucose). Als afvalproduct scheidt hij dan ruim anderhalve kilo zuurstof uit. Daarbij verbruikt hij zo'n 5000 calorieën aan zonlicht. Bovendien daalt de temperatuur in zijn directe omgeving, door schaduw en verdamping, met ongeveer 6 graden.

Hoe ouder een boom, hoe hoger zijn waarde.

Als deze boom gekapt zou worden, geldt sowieso een herplantplicht. Maar wat herplant je dan?
Om zijn ecosysteemdiensten te compenseren moet je kijken naar de omvang/inhoud van de kroon. Voor deze boom zou dan gelden dat je 2500 jonge bomen met een kroon van 1 kubieke meter moet herplanten. Aangenomen dat het planten van zo'n boompje all-in € 200 kost, dan kost een herplant in volle omvang € 500.000. Onbetaalbaar. Onuitvoerbaar. Wie betaalt dat? Waar moet je binnen de gemeente zoveel bomen planten? Dat is een heel bos of een laan van ruim 20 kilometer.

Hoe ouder een boom, hoe hoger zijn waarde. Dat is dus alle reden om zo'n oude boom tot elke prijs te behouden. Het duurt namelijk 3 (mensen)generaties voordat één boom dezelfde prestaties levert.
Overigens is deze redenering gebaseerd op het boek Het Groene Goud (blz. 60). Dit boek kan ik iedereen aanbevelen.
En mocht een boom onverhoopt aan het einde van zijn leven komen en geveld worden, dan is het goed om het hout als 'lokaal hout' nuttig te gebruiken voor gebruiks- of kunstvoorwerpen. In diverse steden zijn daarvoor stichtingen en bedrijven actief. In Weert is dat WEERTERLANDHOUT.

#TreeTag
Medio 2020 werd in meerdere steden in Europa begonnen met het aanbrengen van TreeTags. Dit is een waterdicht verpakt document met cijfers en pictogrammen om de waarde van bomen aan te tonen. Bijvoorbeeld hoeveel zuurstof deze boom produceert, hoeveel water hij verbruikt, hoeveel CO2 hij opslaat en hoeveel koeling hij verschaft. 
Deze tags worden aangebracht op monumentale bomen die op plaatsen staan waar veel mensen komen. Zo wordt de boodschap wijd verspreid.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Blijf op de hoogte en abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.