maandag 27 juni 2016

Wat te doen met omgezaagde bomen?

Onvermijdelijk komt er een tijd dat een boom aan het einde van zijn leven komt. In de natuur moet zo'n boom blijven waar hij is. Ook een dode boom vervult een belangrijke ecologische rol. Veel dieren en andere organismen zijn hierop aangewezen. Ook in een stadspark zou het verstandig zijn om een dode boom zo lang mogelijk op zijn plek te laten. Rechtop of liggend kan zo'n boom voedsel en leefruimte zijn voor andere organismen.  Denk aan vogels en vleermuizen die de holten in dode bomen als nest- of slaapplaats gebruiken. Denk aan talrijke insecten, schimmels en bacteriën waarvoor dode bomen een bron van voedsel zijn. Levend of dood, bomen spelen een uiterst belangrijke rol in de biodiversiteit. Ook binnen de bebouwde kom.

Iedereen heeft in huis sier- en gebruiksvoorwerpen die van hout gemaakt zijn. Het ligt dan ook voor de hand om ook gevelde stadsbomen hiervoor te gebruiken.
Openluchtmuseum Eynderhoof, Nederweert-Eind
Probleem is echter, dat het Nederlandse hout uit de openbare ruimte bij de houtindustrie niet echt gewild is. Daarom wordt het vaak versnipperd en als biobrandstof verkocht. Dat is doodzonde. Je kunt er nog zoveel leuke dingen mee doen. Zoals de foto hiernaast. Toegegeven, dit is een kruiwagen die misschien wel 80 jaar geleden is gemaakt. En dat is juist positief te zien, want in dit hout wordt al zo lang koolstof vastgehouden.

Hout duurzaam gebruiken
Dat neemt niet weg dat er ook nu nog heel veel ambachtslieden en kunstenaars graag willen werken met "lokaal hout". Denk maar aan molenbouwers, die voor restauraties graag lokaal gekapte eiken willen gebruiken. Of voor gebruiksvoorwerpen zoals Eddy Nijssen (foto hieronder) ze maakt.
Eddy Nijssen - Wood Design

Deze BLOG pleit voor groen in het algemeen en bomen in het bijzonder, omdat dit het welzijn van ons allemaal ten goede komt. Het mag nu dus wel duidelijk zijn, dat zowel levende en dode bomen aan die verwachting voldoen. Met het hout van gevelde bomen maken we gebruiksvoorwerpen en meubels. Ook kunstenaars maken graag gebruik van hout uit de regio. Zo maken we ons leven aangenaam en comfortabel. Die rol van de bomen verdient evengoed respect als hun vaardigheid om van lucht en licht zuurstof en suikers te maken. Dat is duurzaamheid zoals het bedoeld is.

Het hout van de bomen gaf ons ook warmte. Vele generaties verwarmde het huis met hout, en er werd op gekookt. Ook daarvoor mogen we de bomen dankbaar zijn. Alleen,.... in de westerse welvaartsmaatschappij hebben we het hout hiervoor niet meer nodig. Sterker, het verbranden van hout vervuilt onze lucht. Het klopt dat het verbranden van hout past in de CO2 kringloop. Dat zou dus beter zijn dan fossiele brandstoffen te gebruiken. Maar we mogen onze ogen niet sluiten voor koolstofmonoxide (giftig) en fijnstof dat hierbij vrij komt. Dus, als het te vermijden is, dan verstoken we géén hout.

Door nuttige dingen van hout te maken, blijft het CO2 in hout opgesloten. In elk geval, zo lang mogelijk, want ooit worden ook zulke voorwerpen afgedankt. Die vertraging kunnen we nu goed gebruiken in het wereldwijde streven naar verminderde CO2 uitstoot.

De Stichting Groen Weert zet zich ook in om in de regio Weert gevelde bomen te reserveren voor duurzame toepassingen door lokale ambachtslieden en kunstenaars. Het is mooi dat de bomen zo een nuttige bestemming krijgen. Dan dienen ook de dode bomen ons welzijn en welbehagen. Hiervoor is de Stichting WEERTERLANDHOUT opgericht.

Ga eens een kijkje nemen in het openluchtmuseum Eynderhoof waar ze nog meer dingen van hout laten zien. En er staat een oude zagerij, waar hele boomstammen tot planken gezaagd worden. Laat je inspireren door vrijwilligers die het traditionele handwerk nog beheersen en er enthousiast over vertellen.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn
Abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

woensdag 8 juni 2016

Wat bieden ons bomen in de stad?

In deze blog is steeds gekeken naar het belang van groen, en dan met name bomen, voor de mensen. En dan bedoelen we vooral de mensen in de steden, want de bewoners van landelijke contreien leven in het groen en genieten onwillekeurig van de voordelen. De mensen in de steden  zien zich minder vanzelfsprekend met groen geconfronteerd. Ze zijn zich daar meestal niet eens van bewust. Tegelijk lijden ze een slechtere geestelijke en fysieke gezondheid, gaan gebukt onder meer criminaliteit en zuchten bij warme zomers onder hittestress.

De gemeenten zien zich met hoge zorgkosten geconfronteerd en om daar middelen voor vrij te maken moet er op (in hun ogen misbaar) groen bezuinigd worden. Zonder het te beseffen wordt daarmee het probleem eerder erger dan kleiner gemaakt. Een neerwaartse spiraal, die je wel degelijk kunt doorbreken door te investeren in meer groen en dat ook adequaat onderhouden. Mensen voelen zich gelukkiger, zijn minder vaak ziek en herstellen sneller van geestelijke en fysieke stress. De kosten voor o.a. WMO gaan omlaag. En en passant gaan ook de kosten voor watermanagement omlaag.

Wat bieden de bomen nog meer?

  • Goede luchtkwaliteit
    Bomen zijn in staat stof en gasvormige verontreiniging uit de lucht te filteren. Om deze reden is het ook goed om kamerplanten in huis te hebben. Zij filteren schadelijke gassen die veel in huizen voorkomen (denk o.a. aan formaldehyde en radon).
    Alle bomen en andere planten, inclusief de algen in de oceanen, zorgen ervoor dat het zuurstofgehalte stabiel op ongeveer 21% blijft.
  • Aangenaam microklimaat
    De bomen in de steden hebben geen directe invloed op de wereldwijde klimaatverandering. Maar lokaal is die invloed er wel degelijk. Door hun schaduw en het verdampen van water temperen ze de temperatuurschommelingen op warme zomerdagen. Onder en in de directe omgeving van bomen is het gemiddeld 7 graden koeler dan op plekken waar groen ontbreekt.
    Bomen zorgen tegelijk voor een aangename luchtvochtigheid in hun directe omgeving.
    Er is een groene ruimte van tenminste 1 Ha met planten in diverse hoogtegradaties nodig voor een aangenaam effect tot op 600 meter rondom zo'n park.
    Toegegeven, in een bestaande stad is dat niet altijd in te plannen. Maar als gemeente kun je het op z'n minst proberen.
  • Geluiddemping
    Een combinatie van bomen en struiken kan lawaai verminderen. Bijvoorbeeld verkeerslawaai. Om lawaai echt tegen te houden is méér nodig, maar het groen dempt het geluid en maakt het verdraaglijker, zonder dat er al meteen decibellen worden tegengehouden.
  • Bescherming tegen wind
    Afhankelijk van de beplanting kunnen bomen wind omleiden of dempen. Een dichte bomenrij, ondersteund door ondergroei met bijvoorbeeld struiken zal de wind tegenhouden en omleiden. Tenminste, zolang er loof aan zit. Meer open structuren, de bomen uit het eerste voorbeeld zijn dat ook in de winter, zullen de wind niet tegen houden, maar dempen tot een aangenaam briesje.
    Wind kan ook een gevaar voor (stads)bomen zijn, zeker als zij door slechte leefomstandigheden of ondeskundig onderhoud verzwakken. Daarom streven we ook in de stad naar sterke, vitale bomen die voldoende ruimte hebben voor hun kroon en de wortels goed kunnen verankeren. Een gesloten wegdek en verdichting van de grond verhinderen dat en moet zoveel mogelijk vermeden worden.
  • Biodiversiteit
    Door een grotere verscheidenheid aan bomen, struiken, perken en gazons zorgen we voor meer biodiversiteit in de stad. Dit maakt het leven niet alleen veelzijdiger en interessanter, maar helpt ook de natuur in balans te blijven.
    Steeds als er één soort overheerst of een pilot soort tekort schiet ontstaan er problemen, meestal in de vorm van ziekten. Monoculturen vormen dan ook het verdienmodel van veel dierenartsen en producenten van gewasbeschermingschemicaliën.


    Investeer in veel groen in de steden om
    kosten te besparen.

     
  • CO2 kringloop Planten gebruiken water, licht en CO2 voor de productie van op koolstof gebaseerde bouwstoffen, bijvoorbeeld suikers. Bomen hebben (veel) meer CO2 nodig dan perkplanten of gras. Daarbij komt dat, hoe ouder een boom wordt, hoe meer koolstoffen hij nodig heeft voor de opbouw van stam en takken. Met het toenemen van de stamomtrek stijgt ook het CO2 verbruik. Hoe ouder de boom, hoe meer hij bijdraagt aan dit proces.
  • Aankleding
    Dit is eigenlijk hoe bomen in de meeste gemeentehuizen gezien worden. Bomen en planten verfraaien de straten en wijken. Dit stukje esthetische werking van groen is natuurlijk belangrijk. Het mooie van groen is één van de redenen waarom mensen zich in een groene omgeving gelukkiger voelen. En méér willen betalen voor huizen en kantoren.
    Maar zoals deze opsomming laat zien, is aankleding niet de enige 'benefit'.
  • Watermanagement
    Bomen, maar ook struiken, verbruiken voor de fotosynthese grote hoeveelheden water. Een volwassen eik of linde verbruikt op een dag als vandaag (zo'n 28 graden op de thermometer in mijn achtertuin) met gemak 300-500 liter water (gemiddeld 150-200 liter). Is dat veel? Kijk dan eens naar populieren: 1500 liter!.
    Een Engelse universiteit heeft recent ontdekt, dat bomen in de nabijheid van waterlopen de kans op overstromingen tot 20% (éénvijfde!) kunnen verminderen. Ook gemeenten en universiteiten in Duitsland komen tot die conclusie. In Engeland en Duitsland weten ze die hulp inmiddels wel te waarderen.....
    Bomen verzamelen water in hun stam en binnen hun wortelpatroon voor drogere tijden. Bovendien druipt water langs bladen, twijgen, takken en stam omlaag. Hierdoor worden tijdens en bui honderden liters water vertraagd aan de omgeving afgegeven, dat rondom de stam infiltreert, waarvan een deel ondertussen weer verdampt. Zie hier de reden waarom bomen helpen wateroverlast te voorkomen.
  • Verkeersveiligheid
    In tegenstelling tot wat mensen vaak denken, verhogen bomen de verkeersveiligheid. Ze vormen bijvoorbeeld een effectief en esthetisch hulpmiddel om de verkeersruimte in te delen. Daar waar bomen het zicht belemmeren is het effect dan mensen oplettender zijn. De nabijheid van bomen langs de wegen zorgt in het algemeenheid voor grotere alertheid van de verkeersdeelnemer. Om die reden adviseert de universiteit van Keulen om bij de aanleg van nieuwe wegen toch vooral veel bomen in te plannen. Zeker langs saaie, snoerstrakke snelwegen.
    Tegen notoire wegpiraten helpen alleen ruime grindbakken aan weerszijde van de weg. Maar daarmee stimuleer je juist roekeloosheid.
  • Hogere waarde van vastgoed
    Mensen zijn graag bereid om een hogere prijs te betalen voor een huis met zicht op groen. Groen in combinatie met water levert zelfs nog meer op.
    Fijn voor de gemeente, want hier kan de WOZ-waarde omhoog wat leidt tot hogere belastinginkomsten.
    Bovendien maakt veel groen een gemeente ook aantrekkelijk voor nieuwe inwoners, en een groeiende stad brengt niet alleen meer aanzien, levert meer banen op en brengt meer geld in het laatje. Dat geldt ook voor recreatie in een groene omgeving. Met groen is dus geld te verdienen.
  • Levenskwaliteit
    Groene plekken, met hier daar wel naast bomen, ook gras en perken, lenen zich als trefpunt van de bewoners. Hier kan men andere mensen aantreffen voor een gesprek, voor sport en spel. Het sociale element en de beweging zijn weer ingrediënten voor een portie geluksgevoel. En beweging maakt mensen gezonder.
    Groen bevordert ook de sociale controle en daarmee de veiligheid in de wijk. Er is minder criminaliteit.
    Op groen ingerichte schoolpleinen blijkt minder gepest te worden en presteren de kinderen gemiddeld beter, vooral de jongens.
    In een groene omgeving herstellen mensen sneller van stress gerelateerde ziekten en andere ongemakken. Zelfs op ADHD heeft groen een regulerend effect.
  • Groen en werk
    De Nederlandse onderzoekster Marlon Nieuwenhuis van de Universiteit van Cardif (UK) heeft vastgesteld dat groen op de werkplek een gemiddeld 15% hogere arbeidsproductiviteit oplevert. Dit effect is het sterkste bij kenniswerkers. Dat kan door zicht op een groene omgeving, een plant op kantoor of zicht op een afbeelding van planten of landschappen. De winst zit 'm in een betere concentratie, meer creativiteit en minder ziekteverzuim.
  • Zorg
    Uit onderzoeken is gebleken dat mensen die vanuit hun ziekenhuisbed zicht hebben op bomen of landschappen sneller herstellen en gemiddeld twee dagen eerder ontslagen worden. Zij gebruiken ook minder pijnmedicatie.
    De vrije Universiteit Amsterdam leidt het onderzoeksproject "Groene gezonde ziekenhuizen" dat tot 2019 loopt en waaraan vijf ziekenhuizen deelnemen. Het doel is om het nut van groen in ziekenhuizen wetenschappelijk sterker te onderbouwen.
    Meer groen in de steden kan het medicijngebruik met wel 1 miljard Euro per jaar verminderen.
  • Absorberen van straling
    Planten kunnen schadelijke straling die vrijkomt uit de bodem en uit stenen absorberen.
    De planten lijden er niet onder en de zoogdieren, mensen en hun huisdieren, varen er wél bij. Ook dit is weer een reden voor meer kamerplanten in huis.
Wie nu nog twijfelt aan het nut van bomen en andere planten is niet meer te helpen. Voor hun weet ik een uitstekende plek om te wonen. Meld je aan voor een (enkele) reis naar Mars. Misschien zijn er nog vacatures.

Medio 2021 zullen we in Weert opvallende en monumentale bomen voorzien van een #TreeTag. Daarop staat te lezen wat de boom voor jou als mens aan diensten levert. #TreeTag is een Europees initiatief en wordt sinds 2020 in steeds meer Nederlandse en Belgische gemeenten gebruikt om burgers bewust te maken van de waarde van bomen.


Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn (te koop via Bullseye Publishing)
Abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.
Steun de Stichting Groen Weert.

maandag 6 juni 2016

Groen en Sociale Ongelijkheid

De steden groeien. Ongeveer de helft van de wereldbevolking woont inmiddels in de steden en binnen Europa is dat inmiddels 70%. Veel van deze mensen leven zonder direct contact met groen in hun omgeving. Uit onderzoeken in de VS en de UK blijkt dat er een verband bestaat tussen contact met groen, of het gebrek hieraan, en slechte geestelijke gezondheid en overgewicht. Dit treft vooral het armere deel van de bevolking, want de rijken kunnen zich eerder veroorloven in een groene omgeving te leven, met een eigen tuin en ......die van de buren.
Wonen in het groen maakt gelukkiger

Een slechte geestelijke gezondheid heeft zowel psychische als fysische/somatische gevolgen. De Engelse Organisation for Economisch Co-operation and Development heeft berekend dat dit de UK-gemeenschap per jaar liefst 70 miljard Pond kost, zo'n 90 miljard Euro. En het epicentrum van dit probleem? De steden.
Projecteren we deze cijfers even op Nederland. Het Verenigd Koninkrijk is qua bevolkingsomvang ruim 3,5 keer zo groot als Nederland. Dan zou in ons land globaal zo'n € 25,7 miljard aan zorgkosten en arbeidsverlies toe te schrijven zijn aan gebrek aan groen in de steden. De Groene Stad (website) houdt het op € 1,3 miljard. Ook dat is veel geld.

Hoe komt het?
Wetenschappers buigen zich in meerdere landen over de vraag hoe het komt dat mensen zich in een groene omgeving gelukkiger voelen. Ligt het aan beweging, wat gepaard gaat met een bezoek aan een bos of een park? Tenslotte voelen mensen zich fitter en gelukkiger als ze in beweging zijn. Hoewel dit inderdaad zo is, blijkt de relatie met groen in dit geval niet zo sterk. Ligt het misschien aan het sociaal contact in een groene omgeving? Ook dit speelt zeker mee, maar is niet van doorslaggevende betekenis. hetzelfde geldt voor verminderde criminaliteit in een groene omgeving. De gevolgen van sociale ongelijkheid zijn vrijwel altijd de oorzaak van conflicten. Maak dat zo klein mogelijk, openbaar groen kan daarbij helpen.

Uit een studie met tweelingen hebben wetenschappers aanwijzingen gevonden dat het wellicht iets met onze genen te maken heeft. Mensen die vanuit een grauwe omgeving verhuizen naar een groene omgeving rapporteren een groter geluksgevoel. En dat nam toe in de daaropvolgende jaren. Dit experiment bestreek een periode vijf jaar. De betreffende onderzoekers van de Universiteit van Exeter (UK) overwegen daarom dit onderzoek over een langere periode te herhalen.

 stedelijk groen helpt kosten te besparen en productiviteit te verbeteren 

Persoonlijk vermoed ik dat de georganiseerde chaos van meerdere kleuren en vormen in ons brein appelleert aan de evolutie van de mens en daarom waarschijnlijk in ons DNA vastligt. Hoewel, ....er zijn mensen met een oorsprong in een dorre woestijnachtige omgeving, die niet warm of koud worden van een beetje meer of minder groen . Evolutie en cultuur zouden misschien wel gezamenlijk verantwoordelijk kunnen zijn.

Groen zorgt bij de meeste mensen voor stressreductie. Daardoor voelen zij zich gelukkiger, gedragen zich socialer en zijn minder snel ziek. Gevolg: lagere kosten voor zorg en welzijn en omdat ook criminaliteit vermindert, minder kosten voor justitie. Bovendien verhoogt groen onze arbeidsproductiviteit.

Politiek
In de VS en UK onderkennen politici steeds meer het belang van toegankelijk groen voor de volksgezondheid. Helaas moeten we vaststellen dat Nederlandse politici, en dan vooral in de gemeenten, daar nog niet aan toe zijn. Hier wordt groen vooral als verfraaiing, als aankleding van het stadsbeeld gezien. En daarvoor wordt een (kosten)budget beschikbaar gesteld, dat voor de verantwoordelijke ambtenaren de speelruimte beperkt. Een boom staat zo gelijk aan een lantaarnpaal of een bankje in het park. Dat stedelijk groen helpt kosten te besparen en productiviteit te verbeteren zou ervoor pleiten groen als investering te beschouwen en dit over een langere periode vast te stellen. Dit is ook het uitgangspunt van TEEB-stad, een website van het Ministerie van Economische Zaken. Hier wordt de maatschappelijke opbrengst van groen over 30 jaar berekend.

Goed openbaar groen bestaat uit een gelaagdheid waarin bomen, struiken, perken en gazon samen het beeld bepalen. In een goede samenstelling helpt dit bovendien hittestress in de omgeving van zo'n groene omgeving te beperken. Duitse onderzoekers stelden vast dat hiervoor minimaal 1 Ha groen nodig is om tot 600 meter in de omgeving het microklimaat leefbaar te houden.

De rijken in de stad wonen meestal in door groen omgeven huizen en zij klagen het minst over depressiviteit en slechte arbeidsprestaties. De politiek zou er goed aan doen om de minder bedeelden via goed bereikbaar openbaar groen hetzelfde gevoel te geven. Dat is een investering die ons land miljarden oplevert.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn (te koop via Bullseye Publishing)
Abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.
Steun de Stichting Groen Weert.

maandag 23 mei 2016

Ook kale rotsen trekken toeristen

Wie een rondreis door de Rocky Mountains maakt zal naast groene wouden ook kale rosten tegen komen. Die kale rosten zien er spectaculair uit en dat trekt toeristen. Dagjesmensen en avonturiers. Want het is een bizar en vijandig landschap waar je niet wilt wonen.
Deze foto maakte mijn zoon tijdens zijn rondreis.

Op het plaatje hiernaast zie je een voorbeeld van zo'n kaal en droog landschap. Ik kan niet ontkennen, dat je ook daar bomen zult vinden. Maar over het algemeen.....

Hier heerst een woestijnklimaat: droog, extreem warm op zomerse dagen en zeer koud in de (zomerse) nachten. Er is te weinig groen om die temperatuurschommelingen te temperen. In de nacht is de uitstraling extreem en overdag zijn er te weinig bomen om de omgeving te koelen.

Groenste regio

Nu is het zo dat mijn woonplaats, de gemeente Weert, enorm trots is op haar status van groenste regio van de wereld. Als inwoner vraag ik mij af, en velen met mij, waaraan de gemeente die status te danken heeft. Ja, we zijn omringd door veel groene natuur, namelijk het Kempen~Broek. Alleen, driekwart van dat natuurgebied ligt op Belgisch grondgebied.

City management wil dat groen graag te gelde maken en hiermee toeristen naar de stad lokken. Maar wie de stad bezoekt valt meteen op, dat het openbaar groen best tegenvalt. In de zomer van 2015 werden toeristen zelfs onverwacht getrakteerd op een singel met gekalanderde Haagbeuken. Geen gezicht.

Nu is bekend geworden dat de gemeente nog eens 260 bomen gaat kappen, zogezegd om veiligheidsredenen. We moeten het maar aannemen, een groot deel van die bomen kennen wij en we beamen dat ze in een slechte staat verkeren. Dat is vooral te danken aan slecht onderhoud en verkeerd snoeien. Daar is de gemeente herhaaldelijk op gewezen. Maar in plaats van het onderhoud te verbeteren, wat in de meeste gevallen betekent - minder aan doen, worden de bomen nu gekapt. Van die 260 bomen komen er slechts 20 voor herplant in aanmerking. Ach, zul je zeggen, op zo'n 30.000 gemeentebomen vallen die 240 verdwijningen amper op. Wel, dat kon wel eens tegenvallen, want er worden hele straten kaal gemaakt. Geen bomen, geen biodiversiteit en meer kans op wateroverlast.

Een straat zonder bomen in een gemeente die zich de groenste van de wereld noemt, dat komt niet echt over. Bovendien zullen de bewoners van die straten in de komende zomers meer last van hittestress krijgen. Vergeet niet, dat elke volwassen boom een koelkracht van 10 airco's heeft. Dat scheelt gemiddeld 7oC in de omgeving van die bomen - die er straks dus niet meer zijn.

Aangezien groen in de straten en op de pleinen sociaal gedrag stimuleert en criminaliteit vermindert, kun je verwachten dat de kaalslag ook verpaupering in de hand werkt.

Groen is méér dan aankleding, zoals parkbankjes en lantaarnpalen.Waarom is het zo moeilijk om gemeentebesturen en ambtenarij van het maatschappelijk nut van groen te overtuigen?

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn (te koop via Bullseye Publishing)
Abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

dinsdag 10 mei 2016

Hoe kunnen naaldbomen het klimaat opwarmen?

Bomen zijn belangrijk in de strijd tegen de opwarming van het klimaat. Zij nemen veel CO2 uit de lucht op en leggen dat vast in hun houten structuur en in de bosbodem. Een deel wordt in de vorm van koolhydraten gebonden en gebruikt voor de eigen stofwisseling en dat van andere wezens. Op die manier zorgen de 3 biljoen bomen op aarde, dat jaarlijks grofweg 2,4 biljoen ton CO2 wordt vastgelegd. Tegelijk produceren de bomen, samen met de algen in de oceanen, voor een stabiel zuurstofgehalte in de atmosfeer. Dat is algemeen bekend.
Naaldbomen horen in koude streken...

Maar hoe kan het dan dat in de afgelopen 260 jaar, ondanks een 10% groei van de Europese bossen, deze bossen eerder aan opwarming hebben bijgedragen dan aan afkoeling?

In februari 2016 publiceerde het Science Magazine een onderzoek van het Franse Laboratory for Climate Science and Environment. Zij ontdekten dat de aanplant van nieuwe bossen in Europa tot een temperatuurstijging van 0,12°C heeft geleid. Hoe kan dat?

Naaldbomen

Sinds 1750 is het bos areaal in Europa met zo'n 200.000 vierkantenkilometer uitgebreid. Aangezien die bomen groeien en al doende CO2 vastleggen, zou je verwachten dat dit bijdraagt aan verlaging van de omgevingstemperatuur. Volgens de modellen die de wetenschappers hierop loslieten, bleek dat niet zo te zijn. Dat vraagt om uitleg.

Dit heeft alles met de gewaskeuze te maken. Bosbouwers kozen massaal voor een snel groeiende houtsoort, die bovendien een hogere economische waarde had, dan de van nature aanwezige loofbomen. In plaats van beuken, eiken, linden en dergelijke, plantte men op grote schaal coniferen, zoals dennen en vooral sparren. Deze omschakeling van breedbladige naar smalbladige bomen had een grote invloed op de warmtestraling, water- en energiehuishouding van de bossen.

Ingrijpen van de mens leidt vaak tot
ongewenste milieu situaties.

Omdat de bladeren (naalden) van coniferen donkerder van kleur zijn, absorberen ze meer licht en verhinderen uitstraling van warmte naar de ruimte. Zo wordt meer warmte in de bossen gevangen gehouden. Omdat de naalden een veel kleiner bladoppervlak hebben dan de loofbomen verdampen ze ook veel minder verkoelende waterdamp in de atmosfeer.Voor naaldbomen is dat belangrijk om te overleven in hun natuurlijk habitat, maar in de gematigde streken zijn die eigenschappen ongewenst. 

Omdat deze aanplant feitelijk productiebossen zijn, levert het kappen van deze bomen een extra productie van CO2 op. Dit is koolzuur dat anders door de bomen in de bodem werd vastgehouden.

Back to the future

Kunnen we conclusies aan dit onderzoek verbinden? Een van de onderzoekers waarschuwt ervoor, dat dit op een model gebaseerd is. Als je in zo'n model iets andere parameters toepast, kan de uitkomst misschien wel compleet de andere kant op wijzen. In grote lijnen staat hij echter wel achter de uitkomsten van dit onderzoek en wijst er op dat de bossen in koudere streken en in de tropen met geheel andere problemen te maken hebben, die op een heel andere manier van invloed zijn op het klimaat.

Toch lijkt het ook hier weer, dat het ingrijpen van de mens, gedreven door zijn hebzucht, vaak leidt tot ongewenste situaties in het milieu. Het is dan ook goed om te zien dat met name terreinbeheerders in Nederland deze voormalige productiebossen geleidelijk omzetten in natuurlijke bossen met inheemse loofbomen. Vooral in Limburg vind je nog veel oude productiebossen met grove den, die in het verleden voor de mijnbouw bestemd waren. Die zijn niet meer nodig en kunnen dus weg.
Terug naar hoe het vroeger was. De oorspronkelijke loofbomen geven onze bossen een veel aangenamer aanzien en voelen in de zomer ook koeler aan. Je weet nu waarom dat zo is. 

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn (te koop via Bullseye Publishing)
Abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.


of via Bol / KOBO

maandag 2 mei 2016

Welke invloed heeft kunstlicht?

Echt donker is het 's nachts bijna nergens meer. Hoeveel sterren zie jij in de nacht? Waar kun je in Nederland nog de Melkweg zien? Hoe wij mensen er in slagen helderheid in de nacht te brengen is het beste te zien vanuit de ruimte. In de ontwikkelde landen zie je een aaneengesloten zee van lichtpuntjes. Dat is onnatuurlijk, dat is lichtvervuiling.
Heldere nacht
De natuur is door al dat nachtelijke licht van slag. Zo stond ik dezer dagen om 4 uur in de ochtend op straat (taxi spelen voor mijn zoon) en ofschoon het nog 2 uur zou duren voor de zon opkwam, klonk in alle hoeken merel gezang. En ja, gedurende de 160 kilometer naar Schiphol heb ik geen moment duisternis gezien. Het had evengoed overdag tijdens een dreigende onweersbui kunnen zijn.

Dat dit ook gevolgen heeft voor de flora en fauna, daar hoeven we niet aan te twijfelen. Maar we weten er eigenlijk te weinig over, om de gevolgen goed te duiden en daaruit conclusies te trekken. Zo weten we wel dat verschillende insectensoorten worden aangetrokken door het licht van straatlantaarns. En dat er een paar vleermuissoorten handig gebruik van maken. Dat is met name de dwergvleermuis. Andere vleermuissoorten vluchten naar de (schaarse) duisternis en dat doet die soorten geen goed. Er is te weinig duisternis en daar houden zich te weinig insecten op.
Bij sommige nachtvlinders zijn de vrouwtjes bij kunstlicht minder goed in staat om met feromonen te mannetjes te lokken. Dat bedreigt hun voortbestaan. Bij andere soorten komen de vlinders te vroeg in het voorjaar uit de cocon waardoor ze risico lopen om dood te vriezen.
Muizen schuwen het licht in de nacht en schromen op voedsel uit te gaan. Wie dat wel aandurft loopt groot risico in de bek van een roofdier te eindigen, dat op zijn beurt van het overvloedige licht weet te profiteren.

Een overdaad aan licht, ... verstoort het bioritme van vrijwel alle levende wezens...

Ik had het hiervoor over merels die in de nacht zingen. Maar met bijvoorbeeld koolmezen zit het ook niet goed. Die neigen ertoe vroeger in het voorjaar te nestelen, waardoor de jongen uitkomen op een moment, dat er nog te weinig prooidieren (lees insecten) zijn. De gezinsplanning wordt hier dus in de war geschopt.
Trekvogels raken gedesoriënteerd en vliegen eindeloos rondjes rondom sterk verlichte objecten en putten zich daarmee uit.
Planten reageren op lichtperiodes doordat de verhouding licht - donker de bloei aanstuurt. En het verschil tussen licht en donker moet groot zijn, wil het voor planten iets betekenen.

Onderzoek
In 2011 startte het onderzoeksproject "Licht op natuur". Doel van dit onderzoek was de invloed van kunstlicht op de natuur te onderzoeken en manieren te vinden om buitenverlichting natuurvriendelijker te maken. Er wordt met name gekeken naar het effect dat de verschillende kleuren kunstlicht hebben op diverse planten en dieren. Dat blijkt zeer complex te zijn. De onderzoekers vonden dat ze te weinig gegevens hadden om betrouwbare uitspraken of voorspellingen te kunnen doen. In 2015 is daarom besloten dit onderzoek tot 2019 te verlengen.
Toch heeft dit onderzoeksproject al het één en ander aan het licht gebracht.

Koolmezen blijken vooral door wit en groen licht vroeger in het voorjaar aan de leg te beginnen. Gebrek aan nachtrust leidt bij veel dieren tot afnemende alertheid en slechtere conditie. Planten gaan moeilijker in bloei en dragen daardoor minder vruchten. Sommige boomsoorten hebben in de nabijheid van straatlantaarns de neiging om nagenoeg het hele jaar groen blad te voeren. Trekvogels blijken bij bepaalde kleuren veel hinder te ondervinden, bij andere kleuren veel minder. Mede hierdoor worden op zee de lichten van boorplatforms aangepast. Dat zou ook in de steden moeten gebeuren.

Bioritme
Een overdaad aan licht, een te klein verschil tussen dag en nacht, verstoort het bioritme van vrijwel alle levende wezens en dat kan het gehele ecosysteem ontwrichten.
Groningse onderzoekers hebben ontdekt dat het dag/nachtritme de aanmaak van het enzym peroxiredoxine aanstuurt. Dat gebeurt in vrijwel alle organismen op planeet aarde. Dit enzym functioneert als een antioxidant en beschermt cellen tegen beschadiging en veroudering. Dit systeem heeft een 24-uursritme en wordt circadiaan ritme genoemd. Verstoring van dit ritme heeft een nadelig effect op de gezondheid en welzijn van alles wat leeft. Jij en ik, de dieren en planten om ons heen.

We weten dus wel dat antropogeen licht, licht dat door mensen wordt gemaakt ofwel kunstlicht, grote invloed heeft om het leven. Het verschil tussen licht en donker is te klein en dat verstoort niet alleen het natuurlijk gedrag, maar heeft zelfs invloed op biochemisch niveau.
Uit het onderzoek blijkt dat continue blootstelling aan licht onder meer leidde tot een verstoord ritme van de neuronen in de nucleus suprachiasmaticus. Bij zoogdieren wordt het circadiaan ritme (dag- en nachtritme) door neuronen in dit deel van het brein georkestreerd. Ook namen de krachten van de muizen af en gingen hun botten achteruit. Daarnaast was het immuunsysteem in een soort continue staat van paraatheid, net zoals het geval is wanneer een ziekteverwekker het lichaam bedreigt. Alle fysiologische veranderingen die de muizen doormaakten, zien we volgens de onderzoekers doorgaans bij dieren of mensen die op een wat hogere leeftijd komen: de proefmuizen werden op verschillende vlakken zwakker.Het goede nieuws is, dat dit effect omkeerbaar is. Zodra de muizen weer enkele weken aan een normaal ritme van licht en duisternis werden blootgesteld herstelde hun toestand snel.

Veel mensen hebben daar geen erg in of vinden het een ver-van-hun-bed verhaal. Misschien wel letterlijk, want terwijl wij met het vallen van de nacht ons terugtrekken in onze huizen en de gordijnen sluiten, blijft buiten de natuur wakker bij het overvloedige kunstlicht in onze straten. Dat de natuur daarvan te lijden heeft valt niet te ontkennen. Hoe dat lijden er precies uitziet is echter voor een groot deel in duisternis gehuld.
Laten we hopen dat het voortzetten van het onderzoeksproject "Licht op natuur" daar over enkele jaren meer helderheid in brengt.


Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn (te koop via Bullseye Publishing)
Abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.

donderdag 21 april 2016

Hoe belangrijk zijn licht en donker voor planten?

Licht is voor planten van levensbelang. Licht is nodig om voedsel aan te maken en bepaalt mede de levenscyclus, de seizoenen en het dag-nachtritme. Het is een complex samenspel van chemische processen en de energie hiervoor komt van de stralingsenergie van licht. De grootste en meest natuurlijk lichtbron is de zon.
De grootste energiebron is het licht van de zon

Als plant optimaal groeien heeft dat effect op de gezondheid en het welzijn van mensen en andere dieren.

De zon bombardeert de aarde met een breed spectrum stralingsenergie. Een deel wordt in het bovenste deel van de atmosfeer en door het aardmagneetveld tegengehouden. Dit zijn de korte golflengten die schadelijk zijn. Vooral het zichtbare deel van het spectrum en de warmtestraling bereikt het aardoppervlak. Toch is niet het gehele spectrum van zichtbaar licht voor planten belangrijk. De fotosynthese, of koolstofassimilatie,  gebruikt maar bepaalde stralingsbereiken voor verschillende functies van de stofwisseling. En die is op zijn beurt weer afhankelijk van warmte. Er is een ideale temperatuur waarbij de stofwisseling in planten optimaal functioneert. Om het nog ingewikkelder te maken: dit is ook nog eens verschillend bij de diverse planten- en boomsoorten.

Lichtgevoeligheid
Hieronder een tabel van lichtkleuren en hun effect op planten.
Lichtkleur        Effect
UV-C                 Schadelijk, wordt in de atmosfeer geabsorbeerd (o.a. door ozon)
UV-B                 Beïnvloedt fotomorfogenese*
UV-A                 Stuurt fotomorfogenese*
Blauw (PAR)     Heeft invloed op fotosynthese en fotomorfogenese*
Groen (PAR)     Wordt weerkaatst
Rood (PAR)       Speelt een rol in fotosynthese, fotomorfogenese en fotoperiode*
Ver rood             Invloed op fotomorfogenese en fotoperiode*
Infrarood            Is vooral warmtestraling
Ver infrarood     Geen invloed, warmtestraling van de aarde zelf

Fotomorfogenese is het proces dat bepaalt hoe de plant er uit zal zien, de vorm, de kleur en de bloei. Dit is vastgelegd in de genen van de plant, maar het wordt door licht aangestuurd.
Fotoperiode betreft de levenscyclus van de plant, het dag-nachtritme en de seizoenen. In de stofwisseling van de plant wordt 24/7 het hormoon fytochroom aangemaakt. Overdag wordt dit hormoon door licht, het rode deel, weer afgebroken. De bloei van planten wordt aangestuurd als het fytochroom de overhand krijgt en dat gebeurt als de plant gedurende 12 uur of meer geen licht ontvangt. Planten die meer dan 12 uur per etmaal licht ontvangen zullen dus niet of minder bloeien.

Maakt het wat uit of een plant zonlicht of kunstlicht krijgt? Nee, dus. Licht is niets anders dan elektromagnetische straling en voor planten mag die ook uit kunstlicht bestaan. Tuinders maken hier gebruik van. Door te spelen met kleur, lichtintensiteit en licht/donkerritme sturen zij het groeiproces. In de openbare ruimte kan kunstlicht de fotoperiode cyclus nadelig beïnvloeden, dat wel.

Fotosynthese

Dit wordt ook wel koolstofassimilatie genoemd. De plant maakt met hulp van (zon)licht, water en koolstofdioxide (CO2) glucose en zuurstof. Glucose is een basisproduct waaruit de plant onder andere zetmeel en cellulose maakt. Daarnaast nog tal van andere stoffen, in combinatie mineralen en zouten die door de wortels, vaak met hulp van schimmels, uit de bodem worden gehaald. Denk bijvoorbeeld aan afweer- en signaalstoffen, kleurpigmenten en nectar in de bloemen. Zuurstof is een afvalproduct en wordt uitgestoten.

Licht is niets anders dan elektromagnetische straling en voor planten mag die ook
uit kunstlicht bestaan.

Fotosynthese is een ingewikkeld proces dat globaal in twee basisstappen verloopt: Lichtreactie en donkerreactie. Het schema geeft een beeld van wat er zich op moleculair niveau afspeelt.
Schema uit www.aljevragen.nl - fotosynthese

 Lichtreactie
In het blad bevindt zich chlorofyl, een molecuul dat de energie uit licht kan opvangen. Je zou het de stroomleverancier kunnen noemen. Als een lichtdeeltje (foton) op een chloroplast treft komen er twee elektronen vrij. Hierbij start een ketenreactie, waarbij twee stoffen worden gevormd: ATP en NADPH. ATP speelt de rol van energie-opslag. Tegelijk wordt ook het door de wortels aangevoerde water gesplitst is waterstof en zuurstof, waar ATP de energie voor levert. Zuurstof verlaat de plant via de kleine openingen aan de onderkant van het blad.
Donkerreactie
Met hulp van ATP als energiebron worden in de donkerreactie waterstof en NADPH omgezet in glucose (C6H12O6): het eindproduct.
Dit is een korte weergave van in totaal vijf afzonderlijke en met elkaar samenhangende chemische reacties. Het schema laat alle stappen in hun samenhang zien.


Kunstlicht

De vraag is nog wel of het inzetten van kunstlicht in de openbare ruimte invloed heeft op de bomen en andere planten. Om die vraag te beantwoorden moeten we kunstlicht in een breder verband zien. Bovendien zal het effect van licht op onnatuurlijke tijdstippen voor de ene soort positief zijn, voor de andere soort is het negatief. Dit fenomeen is al vele jaren onderwerp van wetenschappelijk onderzoek en nog steeds zijn niet alle vragen beantwoord.
Globaal kun je stellen dat feestverlichting met LED's weinig lichtopbrengst heeft. Enkelvoudige LED's zijn puntlichten, die vergelijkbaar zijn met de sterren. Helaas kunnen we in de meeste woongebieden door het kunstlicht steeds minder sterren zijn. Maar van nature zijn de nachten zelden helemaal donker: er is licht van de maan en de sterren.

Een verstorende invloed gaat er wel uit van straatverlichting, lichtreclame, de verlichting van gebouwen en installaties en assimilatieverlichting in tuinderskassen. Wat hiervan de invloed is, wordt het onderwerp van het volgende artikel in deze BLOG.

Deze blog is een voortzetting van het boek Duurzaam groen en welzijn (te koop via Bullseye Publishing)
Abonneer je op de nieuwsbrief: http://eepurl.com/bRSGNP
Deel dit bericht met je netwerk via onderstaande buttons.


of bij Bol / KOBO